binnenland

Hugo Schiltz' woorden zijn actueler dan ooit

1 Luc Huyse, socioloog en auteur, herlas een artikel van de overleden VU'er dat over de huidige communautaire toestand zou kunnen gaan © UNKNOWN

Als voorzitter van de Volksunie (VU) van 1975 tot '79, stond Hugo Schiltz (1927-2006) mee aan de wieg van het Belgische federalisme. Hij schreef mee aan het ter ziele gegane Egmontpact uit 1977, dat in bepaalde Vlaamsgezinde kringen werd afgeschoten als verraad aan de Vlaamse zaak. Luc Huyse herlas een artikel van Hugo Schiltz uit 1981, het jaar dat hij benoemd werd tot Minister van Financiën en Begroting in de eerste Vlaamse executieve.

Er is het plezier van het lezen. En het onvermoede plezier van het herlezen. Dat laatste overkomt me nu zowat dagelijks. Ik assisteer Jos Bouveroux bij de voorbereiding van een Canvasreeks over de levensloop van de communautaire kwestie in ons land. Dat brengt een hernieuwde kennismaking met zich mee van klassiekers als De Vlaamse opstanding (van Max Lamberty, 1973), De Vlaamse Beweging nu en morgen (van Maurits van Haegendoren, 1962) en de onvolprezen analyses van de Amerikaanse historicus Ary Zolberg. Maar hét herontdekte juweeltje (uit 1981) is een artikel van Hugo Schiltz in De Nieuwe Maand, een tijdschrift voor politieke vernieuwing.
De titel: 150 jaar Vlaamse Beweging. De strekking: een genadeloze afrekening met wat Schiltz de masochisten in die beweging noemt, van hen die een "duidelijke voorkeur voor zelfbeklag en gekoesterde onmacht" hebben. Die bijdrage is meer dan een kwarteeuw oud, maar ze leest als een frisse, indringende analyse van wat er hier de laatste maanden in Vlaamse kringen te zien en te horen is geweest.

Stel u de buitenlander voor, schrijft Schiltz, die iets wil horen over het lot van de Vlamingen. En terechtkomt bij de traditionele strijdliteratuur van het politieke flamingantisme. Hij "...moet wel vlug tot het besluit komen dat de Vlamingen nog steeds een volk zijn van verdrukte, vernederde en uitgebuite underdogs. Deze discrepantie tussen woord en werkelijkheid neemt vaak onthutsende proporties aan". Discrepantie omdat Vlaanderen een fundamentele ommezwaai heeft gemaakt die haar bevolking numeriek, economisch en maatschappelijk tot de sterkste in België heeft gemaakt. Loop even door het maatschappelijke leven in deze regio, zegt hij, en je ervaart hoe hol de cultus van de onmacht klinkt.

Dan verschuift de teneur van het artikel. Aan het woord is dan de Schiltz die zijn medevaderschap van het ter ziele gegane Egmontpact (1977) bekocht heeft met een gedwongen tocht door de woestijn. Hij heeft het over het diepe met de genen overgedragen wantrouwen tegenover wie de Vlaamse zaak wil herdenken in functie van die verworven groei in macht en aanzien van onze regio. Want die achterdocht dicteert dat de realisten in de Vlaamse beweging niet beter zijn dan 'de anderen', zeg maar de Brusselaars en de Walen: "De Vlaamse beweging kan het blijkbaar moeilijk stellen zonder verraders". In dat midden heerst een heldencultus die de hemel reserveert voor wie in zijn streven mislukt is. Zoals de collaborateurs van wie de roem meer berust op hun uitschakeling tijdens de naoorlogse repressie dan op hun wezenlijke waarde in de ontwikkeling van Vlaanderen. Het is, vandaag zoals gisteren, de religie van de zuiverheid die men predikt. Dan komt er in het artikel een passage die in 2008 geschreven lijkt: "Regelmatig wordt onder grote bijval op Vlaamse manifestaties geproclameerd dat men 'zelfbestuur voor Vlaanderen' wil, maar dat hiervoor geen enkele 'prijs' mag betaald worden. Deze alles-of-niets-houding, waarvan men moet weten dat zij langs democratische weg iedere normale verwezenlijking onmogelijk maakt, ontslaat dan meteen van de plicht niet alleen het doel maar ook de middelen te definiëren. En ieder reformisme afwijzen biedt meteen de garantie dat de cultus van de mislukking, van de nederlaag en de verdrukking kan voortgezet worden". Het is, vind ik, alsof de geest van Schiltz meeluisterde op de landdagen van de N-VA en op de recente IJzerbedevaart en dagelijks de blog van Eric Van Rompuy leest.

Het zou, nog volgens Schiltz, de moeite waard zijn sociologisch te onderzoeken welk type mensen in meerderheid de kaders en de volgelingen van de politieke Vlaamse beweging uitmaakt. Socioloog is hij niet, zegt hij, maar hij wil wel even laten zien wat zijn intuïtie hem leert. Zo vindt hij " ... dat maatschappelijke en politieke efficiency vaak geen aanbeveling is om het vertrouwen van deze groepen te genieten". En verder: het radicale flamingantisme dacht in de Eerste en Tweede Wereldoorlog via collaboratie met de bezetter eindelijk het ultieme, compromisloze, streven te kunnen verwezenlijken. Dat is compleet mislukt. De frustraties en de agressiviteit die toen zijn verwekt, hebben mede door een genadeloze repressie "... diepe sporen nagelaten en beletten vaak een meer rationele analyse van de Vlaamse politiek". Die wonden zijn van generatie tot generatie overgedragen. Schiltz wijst er ook op dat die radicale visie slechts door een minderheid in het Vlaamse volk wordt gevolgd. Toch hebben de fundamentalisten de "...ambitie te spreken namens het hele volk".
Sinds de verkiezingen van 2007 horen we geregeld dat de huidige communautaire crisis er een is zonder publiek. De meerderheid in het land volgt de mannen en de vrouwen op de barricaden niet. Lees wat Schiltz in 1981 schreef: "Dat het natiebesef als positieve motivering bij de meerderheid van de Vlamingen ontbreekt en bij de minderheid vaak enkel als negatief, reactief motief aanwezig is, zou wel eens de meest fundamentele oorzaak..." van de miserie kunnen zijn.

Ik herlees Schiltz op het moment dat er geluiden te beluisteren zijn, onder meer bij Wilfried Martens en Jean-Luc Dehaene, dat een niet verworpen maar aanvaard Egmontpact een deel van het huidige contentieux toen al zou opgelost hebben. De splitsing van Brussel-Halle-Vilvoorde, bijvoorbeeld!


Vandaag in De Gedachte in De Morgen ook nog:

Dear Mr. President: MAARTEN RABAEY, buitenlandredacteur van De Morgen, betoogt dat de uitholling van de Amerikaanse grondwet onrustwekkend wordt.

Waarom de VS op Syrië blijven schieten: FRANK SCHLÖMER zoekt de motieven achter de helikopteraanval van het Amerikaanse leger.

nieuws

cult

zine