Gezondheidszorg

Burn-out treft dokters in opleiding

1

Nog voordat huisartsen echt zelfstandig aan het werk gaan, slaat stress toe. Onderzoek toont dat 8,5 procent van de huisartsen in opleiding met een burn-out kampt. "Sommigen worden gewoon gebruikt als goedkope werkkracht."

"Als het niet klikt met de praktijkopleider, kan je echt nergens terecht. Het is een dikke 'trek je plan'. Dan heb je een rotjaar waar je geleidelijk uitgeblust en afgestompt raakt. En dan zijn depressie en burn-out niet veraf. (...) Concreet kun je niks doen."

Het is een van de getuigenissen uit de masterproef van dr. Zahra Atrtchine-Kachi (KU Leuven) waar De Artsenkrant over bericht. Zij peilde bij 478 huisartsen in opleiding (haio's) in alle Vlaamse universiteiten naar stress en werkdruk. Uiteindelijk vulden 131 artsen in spe de vragenlijst in.

De resultaten tonen dat een op de drie haio's (29,3 procent) risico loopt op een burn-out. Bij een op de twaalf is er zelfs al sprake van een echte burn-out. 14 procent van de ondervraagden voelt zich depressief, en 27 procent voelt zich zenuwachtig of angstig. Bij sommige studenten zitten de frustraties zo hoog dat 16 procent ooit overwoog te stoppen.

Goedkope werkkracht

Voor huisartsen zijn die twee jaar extra opleiding altijd een moeilijke evenwichtsoefening. Niet alleen moeten ze daadwerkelijk aan de slag in een praktijk, ze moeten ook een masterthesis schrijven en examens afleggen. "Normaal staat duidelijk beschreven hoeveel uren je moet werken, hoeveel tijd er is om te studeren en hoeveel ruimte er is voor begeleiding", zegt Atrtchine-Kachi. "Maar dat is de theorie. In de praktijk lopen de werkuren op en schiet de begeleiding er vaak bij in. Voor sommige praktijkopleiders ben je gewoon een goedkope werkkracht."

Inmiddels is ze afgestudeerd, maar ook zij ondervond tijdens haar opleiding dat het erg zwaar kan worden. "Zeker tijdens het eerste jaar ging het moeilijk. Veel hangt af van de steun die je krijgt en je eigen persoonlijkheid natuurlijk. Wie wat onzeker is en niet voldoende begeleiding krijgt, krijgt het snel lastig. Een vriendin van me besloot zelfs te stoppen."

Zeker de praktijkopleider is doorslaggevend. Dat is de huisarts die de student in zijn praktijk onderbrengt en de kneepjes van het vak moet bijbrengen. Sommigen kwijten zich goed van hun taak, maar er zijn er ook die de studenten aan hun lot overlaten. "Bij wie je terechtkomt, is enorm belangrijk", zegt Atrtchine-Kachi. "En de plaatsen zijn beperkt. Bovendien is het erg moeilijk om deze problematiek aan te kaarten, want het zijn natuurlijk ook de praktijkopleiders die mee je punten bepalen."

Beroep zelf

Professor huisartsgeneeskunde Dirk Devroey (VUB) is niet verwonderd dat burn-out en depressie ook huisartsen in spe treft. "Hetzelfde zien we bij specialisten, verpleegkundigen of andere medische beroepen. Volgens mij heeft het meer te maken met het beroep zelf dan met de studielast."

Hij ziet een combinatie van een enorme verantwoordelijkheid en een gebrek aan waardering. "Het merendeel van de patiënten waardeert je enorm, maar een kleine groep is ontevreden. En die kleine groep laat nu - veel meer dan vroeger - zijn stem horen."

In principe zijn er voldoende kanalen om problemen tijdens de opleiding aan te kaarten, meent hij. Dat kan bij de promotor, bij de universiteit, maar ook bij de praktijkopleider zelf. "Al vrees ik dat zoiets inderdaad veel te weinig gebeurt. Bovendien zijn het net diegene die onvoldoende durven, die heel kwetsbaar zijn voor een burn-out."

Diagnoses stellen, huisbezoeken, wachtdiensten: het voorbije jaar mocht Karolien Janssens in de praktijk van Myrjam Cramm leren hoe het voelt om huisarts te zijn. Lees haar pakkende getuigenis hier (+): "Het is belangrijk dat je op iemand kunt terugvallen. Eenmaal bij de patiënt is er geen ruimte voor twijfel."

nieuws

cult

zine