Perspectief 2025

"Ik weiger me neer te leggen bij het status quo"

Thomas Dermine, bolleboos op zoek naar uitdagingen

2 © Thomas Sweertvaegher

Ze zijn jong, even hoogopgeleid als ambitieus, en hebben de jobs maar voor het uitkiezen. Maar eigenlijk willen de 'high potentials' maar één ding: maatschappelijke impact hebben. Vijf dagen lang maakt u in De Morgen kennis met jongeren én bedrijven die de komende jaren hun stempel zullen drukken op dit land. Vandaag: Thomas Dermine (28) en Silke Bollen (23).

We zouden ze niet te eten willen geven, de veertigers die een moord zouden begaan voor het cv van Thomas Dermine, zelf pas 28. Charleroi-Brussel-Harvard-Brussel, met tussenstops bij Albert Frère en Paul Magnette: veel dichter dan de jonge Waal raak je in dit land niet bij de illustratie van het begrip high potential.

Dit verhaal zou perfect kunnen starten in Harvard, waar Thomas Dermine twee jaar lang de tijd van zijn leven beleefde toen hij er van 2011 tot 2013 een master in public policy volgde, à rato van 40.000 dollar. Per jaar uiteraard, en op kosten van zijn werkgever, consultancyreus McKinsey. Of in Brussel, waar hij doodleuk een master handelsingenieur en een opleiding politieke wetenschappen combineerde. Of bij Albert Frère, waar de nog piepjonge Thomas stage liep alvorens aan te kloppen bij Paul Magnette, voor nog een andere stage.

Het échte verhaal van Thomas Dermine begint evenwel een stuk minder glorieus - ergens in het verpauperde stadscentrum van Charleroi, waar hij opgroeide als zoon van een arts en een lerares. "Meer dan wat ook heeft mijn jeugd daar me de ogen geopend," vertelt hij. "Mijn ouders hebben me van in mijn prille jeugd gestimuleerd om me niet alleen zomaar intellectueel te ontplooien, maar vooral ook om mijn steentje bij te dragen aan een betere maatschappij.

"'If you are the smartest at the table, you are not at the right table', dat werd me altijd voorgehouden. Ik moest het niet doen voor mijn eigen eer en glorie, of om een smak geld te verdienen, maar wel om me ten dienste te stellen van de maatschappij. Mijn ouders brachten dat overigens ook zelf in de praktijk: toen ze merkten dat ik het in de lagere school net iets te makkelijk had, besloten ze me prompt naar een middelbare school in Vlaanderen te sturen. Twee maanden later zat ik op internaat in de abdijschool van Dendermonde.

"In Charleroi was ik het gewoon geweest om met de vingers in de neus als primus van de klas te eindigen. Hier kwam ik in een Nederlandstalige eliteschool terecht terwijl ik geen letter Nederlands sprak. De eerste maanden werd ik net niet hardop afgeschilderd als 'de luie Waal.'"

De zoete wraak volgde tien maanden later, toen die luie Waal netjes als tweede van de klas eindigde. Niet onverdienstelijk, als Franstalige in een Nederlandstalige eliteschool.

nieuws