Interview Plus

"Ik heb het overleefd. En ik zwijg niet meer"

Ze kon haar hele leven niet horen. Toen kwam ze in de psychiatrie terecht

Na twintig jaar in de psychiatrie als doof persoon is de Gentse Heidi Wuytens (57) gekraakt en opnieuw recht geveerd. Vastberaden om lotgenoten niet hetzelfde te laten ondergaan. "Ik wil tonen dat wij als dove medemensen ook onze sterktes hebben."

“We zijn allemaal Belgische staatsburgers en worden verondersteld dezelfde rechten te hebben, maar voor doven en slechthorenden gelden die blijkbaar niet. We zijn net tweederangsburgers. De psychiatrische hulpverlening aan gebarentalige doven is hemeltergend.”

Heidi Wuytens kan niet langer zwijgen. Twintig jaar geleden kwam ze in de psychiatrie terecht. Als doof geborene vocht ze haar hele leven om even ver te geraken als haar horende leeftijdsgenoten, maar dat sloopte energie. Uiteindelijk deden een burn-out en een depressie haar knakken. “Tijdens mijn behandeling was er gelukkig een psycholoog die gebarentaal sprak. Dat was een opluchting. Ik kwam terecht bij een groep doven met andere psychische problemen. Het was complex, maar we konden praten en lachen. Opeens werd die groep ontbonden. Het beleid had beslist om doven naargelang hun aandoening te verdelen over verschillende afdelingen. We werden allemaal geïsoleerd. Er was niemand om mee te praten en de frustraties liepen op. De meeste horende mensen die met mij werkten, keken vaak neer op doven. Daar een opmerking over maken mocht niet, want wie was ik, en waar haalde ik het recht vandaan om zo brutaal te zijn?”

Terwijl ze haar depressie wilde verhelpen, zakte ze alleen maar verder weg. “De eenzaamheid was totaal. Met wat geluk kon ik een halfuur per week met een psycholoog spreken. De kennis van Vlaamse gebarentaal was bijna onbestaande. De manier waarop hulpverleners dan met je omgaan... Je krijgt stress, raakt gefrustreerd en zo ontstaan er conflicten.”