Maandag 19/04/2021

Voor u uitgelegdWettelijk samenwonen

Wettelijk samenwonen: wat zijn de belangrijkste geldzaken die je moet weten? ‘Alle facturen bewaren is cruciaal’

. Beeld Pexels
.Beeld Pexels

Veel koppels zetten hun liefde voor elkaar graag om in een officiële verbintenis. Wie niet voor het huwelijk gewonnen is, kan er dan voor kiezen om wettelijk te gaan samenwonen. De belangrijkste drijfveer is er vaak eentje van financiële en fiscale aard. Maar hoeveel kost het? Wat met je belastingen en wat als je uit elkaar gaat? Notaris Goedele Vandekerckhove en fiscaal expert Michel Maus leggen het geldaspect van wettelijk samenwonen uit.

Als je beslist om wettelijk samen te wonen, ga je als koppel in eerste instantie bij de burgerlijke stand van de gemeente een schriftelijke verklaring afleggen. De wettelijke samenwoning komt dan in het rijksregister. “Je mag enkel wettelijk samenwonen, als je niet getrouwd bent en niet met iemand anders wettelijk samenwoont. Dat kan trouwens ook tussen mensen die geen affectieve band met elkaar hebben. Een broer en zus bijvoorbeeld, kunnen perfect met elkaar wettelijk samenwonen, als ze allebei ongehuwd zijn”, zegt notaris Goedele Vandekerckhove, woordvoerster van Notaris.be.

Waarom zou je wettelijk samenwonen en het niet gewoon ‘feitelijk’ houden?

“Feitelijke samenwoners zijn in de ogen van de wet niet meer of niet minder dan vreemden voor elkaar. De registratie van wettelijk samenwonen geeft een zekere juridische bescherming op het gebied van eigendom van de goederen, het erfrecht en de daarbij horende erfbelasting, de gezinswoning en verdeling van de gezinslasten. Zowel bij een wettelijke als een feitelijke samenwoning kan een samenlevingscontract bovendien nuttig zijn. Een samenlevingscontract is een contract dat bepaalde aspecten van het samenleven regelt. Zo kan er specifiek bepaald worden wie wat bijdraagt en wat de eigendommen zijn van een koppel.”

notaris Goedele Vandekerckhove, woordvoerster van Notaris.be. Beeld rv
notaris Goedele Vandekerckhove, woordvoerster van Notaris.be.Beeld rv

“Bovendien kunnen de partners via een samenlevingsovereenkomst een hulpplicht invoeren ten opzichte van elkaar. Zo’n hulpplicht voorziet de wet niet voor samenwoners. Dat kan in de vorm zijn van een tijdelijke alimentatie bij een eventuele breuk. Een notariële samenlevingsovereenkomst kan ook een invloed hebben op de uitkering als gevolg van een overlijden door een beroepsziekte of arbeidsongeval. Zonder zo’n overeenkomst blijft de overlevende partner in de kou staan. Voor wettelijke samenwoners moet een samenlevingscontract notarieel opgesteld worden. De opmaak ervan ligt qua kostprijs in de lijn van een huwelijkscontract dat bij aanvang van het huwelijk wordt afgesloten: zo’n 500 euro. We raden mensen steeds aan om vooraf een kostenberekening te vragen aan hun notaris.”

Welke impact heeft wettelijk samenwonen op je vermogen en de eventuele verdeling ervan?

“Feitelijke samenwoners hebben elk hun eigen goederen en elk hun eigen vermogen, zowel van voor als tijdens het samenwonen. Ook wettelijke samenwoners delen hun inkomsten in principe niet. Toch is er een verschil met de feitelijke samenwoning. Wettelijke samenwoners die goederen aankopen worden geacht die goederen ‘in onverdeeldheid’ te bezitten. Dat betekent dat, met uitzondering van bewijs van het tegenovergestelde, de aangekochte goederen elk voor de helft eigendom zijn van beide partners. Bij een eventuele relatiebreuk zullen de partners facturen of andere eigendomsbewijzen naar boven moeten halen om aan te tonen dat een aangekocht goed wel degelijk van hem of haar is. Alle facturen en de nodige papieren bewaren is dus cruciaal, zelfs na jaren samenwoning. In dat opzicht kan het nuttig zijn een digitale kluis te openen, zoals Izimi.”

Veel koppels kiezen voor wettelijk samenwonen of het huwelijk wanneer ze een woning aankopen. Wat is het verschil daar?

“Als een feitelijk of wettelijk samenwonend koppel samen een woning koopt, dan zullen beide partners eigenaar worden van die woning. In veel gevallen kiezen koppels om dan elk voor de helft eigenaar te zijn, maar andere eigendomsverhoudingen komen ook voor. Als samenwoners niet elk evenveel kunnen investeren, bijvoorbeeld. Als de gezinswoning door het koppel samen is gekocht, dan komt de woning ‘in onverdeeldheid’, en behoort ze aan beiden toe. Bij een breuk zijn er verschillende opties: zo kan de woning worden verkocht en gaat de opbrengst evenredig naar wie wat betaald heeft bij aankoop of een van beiden koopt de woning en betaalt de ander zijn deel uit.”

Wat met de erfenis als een van beide partners uit een wettelijk samenwonend koppel overlijdt?

“Wettelijke samenwoners erven automatisch van elkaar. De langstlevende wettelijk samenwonende partner erft het vruchtgebruik op de gezinswoning en de inboedel wanneer zijn partner overlijdt. Je kan als wettelijke samenwoner dit erfrecht wel beperken of uitbreiden door een testament op te stellen bij de notaris. Doe je dit niet, bewust of onbewust, dan kunnen de overige erfgenamen zoals de kinderen, ouders, broers of zussen van de overledene de langstlevende niet zomaar uit de gezinswoning zetten. Het vruchtgebruik van de langstlevende moet immers geëerbiedigd worden.”

De coronacrisis heeft meer dan ooit relaties op de klippen doen lopen. Hoe regel je zo’n relatiebreuk als je wettelijk samenwoont?

“De wettelijke samenwoning kan bij opzeg door één of beide partners via schriftelijke mededeling aan de ambtenaar van de burgerlijke stand. Wettelijk samenwonenden die samen besluiten om uit elkaar te gaan, kunnen hun bezittingen vrij onder elkaar verdelen. Bereiken ze geen akkoord, dan moeten hun meningsverschillen door de rechtbank worden opgelost. Wettelijk samenwonenden sloten geen huwelijksstelsel af. Voor hen gelden dus de gewone eigendomsregels. Ofwel zijn het bezittingen van een van de voormalige partners, die ze opnieuw in handen krijgt. Ofwel behoren de goederen toe aan beide partners en worden ze aan een van beiden toegewezen of verkocht. Is men het niet zeker, dan speelt het vermoeden van onverdeeldheid.”

Wat zijn de gevolgen van wettelijk samenwonen op je belastingen?

Belastingexpert Michel Maus: “De keuze voor de een of andere samenlevingsvorm heeft altijd fiscale gevolgen. In de federale personenbelasting worden enkel wettelijk samenwonenden gelijkgesteld met gehuwden en feitelijk samenwonenden niet. Net als gehuwden kunnen wettelijk samenwonenden in de personenbelasting genieten van het zogenoemde systeem van het huwelijksquotiënt en van het systeem van de meewerkende echtgenoot.”

“Het huwelijksquotiënt gaat als volgt. Bij een gehuwd of wettelijk samenwonend koppel, waarbij maar een van de twee partners werkt, wordt 30 procent van het beroepsinkomen met een maximum van 11.090 euro van de werkende partner fictief toebedeeld aan de andere partner en bij die partner belast. Dat heeft als voordeel dat men voordeliger belast wordt, omdat een stuk van het beroepsinkomen in lagere belastingschijven wordt belast bij de niet werkende partner.”

“Het systeem van de meewerkende echtgenoot, voor een zelfstandige bij wie de partner mee in de zaak staat, werkt op net dezelfde manier. Ook hier wordt 30 procent van het beroepsinkomen van de werkende gehuwde of wettelijk samenwonende partner fictief toebedeeld aan de effectief meewerkende partner. In dit systeem is er echter geen maximumbedrag voor de 30 procent-grens voorzien. Anderzijds is het nadeel van gehuwd of wettelijk samenwonend in de personenbelasting dat beide partners gezamenlijk belast worden én dus gezamenlijk ook verantwoordelijk zijn voor de betaling van de belastingschuld.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234