Zaterdag 24/07/2021

InterviewEllen Mangnus

Wat onze voeding vertelt over wie we zijn: ‘Wie havermout eet, doet dat niet alleen voor een betere huid’

Ellen Mangnus, sociologe: ‘Met wat je eet, kun je je als groep onderscheiden.’
 Beeld Vijselaar en Sixma
Ellen Mangnus, sociologe: ‘Met wat je eet, kun je je als groep onderscheiden.’Beeld Vijselaar en Sixma

Onze eetgewoontes, op een bedje van hypes, weerspiegelen wie we zijn maar ook wie we wíllen zijn. ‘Wie havermout eet, wil niet alleen een betere huid. Het is ook een manier om je als groep te onderscheiden’, zegt socioloog Ellen Mangnus.

Belgen snappen niet hoe Nederlanders kroketten uit de muur kunnen eten terwijl onze noorderburen dan weer gruwelen bij het idee van ‘vette derms’ die in sommige West-Vlaamse slagerijen worden verkocht. Italianen beschouwen ananas of rucola op hun pizza zo ongeveer als godslastering voor hun verfijnde keuken, maar in Sardinië durven ze al eens een kaastaart met levende larven te serveren. Intussen gooien de hippe dertigers in ons land zich massaal op de havermout met gojibessen en snapt een hele generatie ouders begot niet waarom hun volwassen kinderen menu’s van quinoa, kikkererwten en spinaziepannenkoeken in elkaar puzzelen terwijl zijzelf dik tevreden zijn met bloemkool, worst en patatten. Om maar te zeggen: voedingsgewoonten vertellen wel wat over onze identiteit.

Dat zegt ook Ellen Mangnus. De Nederlandse ontwikkelingsfilosofe en docente sociologie focust op de macht in de voedselketens en de landbouw, en op armoede en ongelijkheid. Ze geeft les aan de universiteit van Wageningen en deed onderzoek naar de effecten van Nederlandse bedrijven in Ghana, Kenia en Ethiopië op lokale voedselzekerheid.

“Er zijn veel manieren om je identiteit kenbaar te maken, zoals met kleding of vervoersmiddelen, maar voedsel is zeker een hele belangrijke. Het is een sterk middel om uit te drukken wie we zijn of bij welke groep we willen horen, juist omdat het zo’n belangrijk onderdeel is van het alledaagse leven.”

Voedingskeuzes hebben te maken met je opvoeding, cultuur en ook met religieuze of spirituele verbanden. Zo zullen ze in bepaalde delen van India nooit koeienvlees eten. “Dat idee is ooit ontstaan omdat de mensen hun koeien nodig hadden om de ploeg te trekken”, zegt Mangnus. “Lokale leiders gaven er dan een religieus tintje aan om de bevolking nog wat meer aan te moedigen. Zo werd de koe heilig verklaard en kon je die dus niet eten. Intussen gaf het ook een stuk identiteit aan de mensen.”

Voedingskeuzes lijken vooral een manier geworden om aan te duiden of je ‘goed’ of ‘slecht’ bezig bent. Of, zoals de schrijver Jonathan Safran Foer zegt: ‘Op het moment dat je naar de menukaart kijkt, moet je eigenlijk de brandende Amazone voor je zien.’

“Voeding wordt gepolitiseerd, het is veel meer onze eigen verantwoordelijkheid geworden dan vroeger, onder andere door de globalisering en individualisering. Met andere woorden: als consument kun je bijdragen aan wat schadelijk of juist goed voor onze planeet is. Ik vergelijk het met vliegen. Vroeger dacht ik daar niet over na, maar de laatste jaren voel ik schaamte als ik zeg dat ik met het vliegtuig op vakantie wil. Met vlees is dat ook zo. Veel vrienden zijn vegetarisch geworden of eten minder vlees. Waardoor ik me bijna schaam als ik af en toe nog wel vlees eet. Een vriendin die actief is in de biologische voeding, zegt dan weer dat ze zich schaamt als ze een ‘gewone’ appel eet waarvan ze niet weet of die biologisch geteeld is. Sommigen vinden dat doorgeslagen maar voor velen is het een realiteit.”

Wat zegt het over ons dat we trends volgen als het eten van havermout met gojibessen?

“Het is altijd zo geweest dat klassen zich onderscheiden op basis van voedingsgewoontes. De voedselhistorica Rachel Laudan doet onderzoek naar diëten om die klassenverschillen te analyseren.

In het verleden zat er vaak een logische verklaring achter. Zo hoefde de adel niet op het land te werken en at daarom verfijnder dan de boeren die vanwege hun werk juist stevig moesten eten. Maar vandaag de dag is de samenleving zo geïndividualiseerd dat heel andere zaken meespelen in onze eetgewoontes.

“Dikwijls wordt een trend gelanceerd door een celebrity of ander rolmodel. Dat kan gaan van een boek van Jamie Oliver tot een fotomodel dat bij havermout met superbessen als ontbijt zweert omdat het een strakke huid oplevert. Een aantal mensen pakt dat op en dat groeit uit tot een groep die zich op de een of andere manier wil onderscheiden. Ook in de Lage Landen is er een havermouthype onder de middenklassehipsters. Net als de cappuccino met haver- of rijstmelk.”

Terwijl havermout al heel lang gegeten wordt. Het is totaal niet nieuw.

“Nee, maar er wordt altijd wel een reden gevonden waarom het goed zou zijn. Zo zou je van havermout minder honger overhouden dan wanneer je een bord cruesli of gewoon brood eet. Vaak stoppen die trends ook ineens weer. Een tijdje geleden moest iedereen plots aan de amandelmelk want koemelk, dat kon echt niet meer. Tot bleek dat amandelen vooral in droge gebieden groeien en de enorme toename in de consumptie voor droogteproblemen zorgde in bepaalde streken in Spanje en Californië. Toen bleek het allemaal ineens wat minder duurzaam te zijn.”

Ellen Mangnus, sociologe: ‘In onze maatschappij bestaat het idee dat we onszelf aan banden moeten leggen. Al die diëten spelen daar perfect op in.’
 Beeld Vijselaar en Sixma
Ellen Mangnus, sociologe: ‘In onze maatschappij bestaat het idee dat we onszelf aan banden moeten leggen. Al die diëten spelen daar perfect op in.’Beeld Vijselaar en Sixma

Zit er een evolutie in de diëten die we volgen? Van Montignac naar keto en intermittent fasting?

“Er zijn altijd weer nieuwe ideeën over diëten maar ik zou niet durven te zeggen dat het om een vooruitgang gaat. Montignac had een vetrijk dieet, keto is dan weer extreem koolhydraatarm. Eén eigenschap vind je altijd terug: dat het goed is om jezelf te beperken. We leven in een maatschappij waarin het idee bestaat dat we onszelf aan banden moeten leggen. Al die diëten spelen daar perfect op in. Voor een aantal mensen vormt het een soort leidraad: dit is goed en dat is slecht. Het helpt ons om het overzicht te behouden.

“Natuurlijk willen mensen ook echt afvallen maar ik denk dat een groot deel een dieet volgt vanuit een behoefte aan controle over hun leven. We hebben het vaak ook meegekregen in de opvoeding. Ik kom uit Zeeuws-Vlaanderen en ben katholiek gedoopt. Zo weet ik nog dat we op Goede Vrijdag geen vlees mochten eten. Intussen aten we dan heel lekkere zalm dus erg was dat niet. Maar als puber hadden we er hevige discussies over. Het idee van geen vlees eten op Goede Vrijdag had natuurlijk met soberheid te maken, met solidariteit met de armen. En al gaven we er thuis een heel andere invulling aan, je krijgt die normen en waarden toch mee.”

Wat je eet, zegt ook iets over je socio-economische status. Ongezond voedsel is goedkoper. Hoe valt die kloof op te lossen?

“Ik denk dat de overheid daar een belangrijke rol in kan spelen. Hoewel het niet gemakkelijk is. Een paar weken geleden was er in Nederland opnieuw discussie over de invoering van de suikertaks. Je ziet dan onmiddellijk massa’s reacties op de sociale media van mensen die vinden dat de overheid zich niet moet bemoeien met wat ze eten. ‘We mogen al zo weinig, straks kunnen we niet eens meer genieten van een ijsje,’ is de teneur. Begrijpelijk maar intussen zitten we met een groot percentage obesitas en is het nodig om iets te doen.

“Toch werkt een aantal initiatieven wel. Neem de scholen. Dat er fruit wordt aangeboden in plaats van een snicker van 60 cent, kunnen de leerlingen uiteindelijk wel waarderen. Zolang je het stapsgewijs doet zonder iets te verbieden of te verplichten. En door te zorgen dat gezonde alternatieven beschikbaar zijn natuurlijk. Ook aan de prijs zou iets moeten worden gedaan. Groenten en fruit zijn zo veel duurder dan verwerkt voedsel. Veel mensen kunnen zich dat niet permitteren, toch zeker niet dagelijks.”

Hoe maak je gezond voedsel dan goedkoper?

“Onder andere door een lagere belasting op fruit en groenten. Ik las vorige week de ‘Farm to Fork Strategy,’ het Europese voedselbeleid dat in de Green Deal kadert. Een van de aanbevelingen luidt dat de btw op fruit en groenten verlaagd moet worden en op verwerkt voedsel juist verhoogd. Ook het aanbod van gezond eten moet groter worden. In het Europese voedselbeleid staat ook dat minstens 25 procent van de landbouwgrond biologisch gemaakt moet worden. Dat veroorzaakt heel wat protest bij de boeren omdat het betekent dat de prijzen zullen stijgen, en zolang Europa de invoer van goedkope eieren of kip uit China en Oekraïne toestaat, liggen de Europese boeren met hun verplichte dure prijzen dus uit de markt.”

In 2019 presenteerde een groep wetenschappers het dieet voor de toekomst – de eerste concrete richtlijn om de bevolking in 2050 te kunnen voeden met gezond, ecologisch verantwoord voedsel. Maar de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) keurde het af, onder andere omdat het culinair erfgoed bedreigd zou kunnen worden.

“Het dieet dat werd voorgeschreven, was heel specifiek. We moeten meer peulvruchten, noten, fruit en groenten eten, niet meer dan drie keer per week vlees, twee eieren per week en dagelijks bijna twee porties zuivel. Het komt erop neer dat we meer plantaardige producten moeten eten en minder dierlijke. Er kwam meteen protest, onder andere van een Italiaanse minister die riep dat de buffelmozzarella uit zijn streek heilig was. De eigenheid van een bepaalde keuken is juist heel belangrijk, zijn veel mensen van mening.

“De WHO onderstreepte dat: eettradities zijn belangrijk voor de sociale harmonie in veel landen. Intussen vergeten we dat onze keuken ook continu verandert door allerlei trends en buitenlandse invloeden. Maar die concrete richtlijn gaat er dus voorlopig niet komen.”

Voedsel verbindt maar leidt tegenwoordig ook steeds vaker tot spanningen, schrijft u. Hoe dan?

“Dan kom je bij zaken uit als gastro-nationalisme en gastro-discriminatie. Zo weerden een aantal Italiaanse steden fastfood maar ook zogenaamd etnisch eten als kebab of noodles uit hun centra en kregen alleen restaurants die de ‘eigen keuken’ uitdroegen nog een vergunning. En in Denemarken vonden de sociaaldemocraten dat er op elk kinderdagverblijf ook varkensvlees moest worden aangeboden omdat dat bij de Europese cultuur hoort. Met andere woorden: ook de moslimkinderen moesten aan de knakworst. Verplichten kunnen ze het niet maar ze serveren het wel.

Ellen Mangnus, sociologe:’De WHO onderstreepte het: eettradities zijn belangrijk voor de sociale harmonie in veel landen.’
 Beeld Vijselaar en Sixma
Ellen Mangnus, sociologe:’De WHO onderstreepte het: eettradities zijn belangrijk voor de sociale harmonie in veel landen.’Beeld Vijselaar en Sixma

“De Fransen hebben het dan weer met hun foie gras. De productie ervan is in veel Europese landen verboden maar in Frankijk is het als geografisch uniek gerecht bestempeld, waardoor het een beschermde status kreeg. Enerzijds zijn die lokale producten positief, onder andere omdat ze aan de trots van een regio bijdragen. Anderzijds is er ook tegenkanting, van wetenschappers die zeggen dat lokale producten niet per se kwaliteitsvoller of duurzamer zijn.

“Intussen kunnen we in België en Nederland even goeie parmaham maken als de Italianen. Maar nu zijn we gedwongen om hem voor veel geld in Italië te kopen omdat er een beschermd logo op zit. Er zijn in de EU heel wat producten met beschermde namen. Daar is ieder jaar weer veel om te doen. Zo mogen de Denen hun excellente feta geen feta noemen.”

Wat we eten hangt dikwijls aan een waardeoordeel vast. Zo doen Belgen nog altijd lacherig over het gebrek aan eetcultuur in Nederland.

“De internationale studenten op onze universiteit moeten altijd lachen als ze ons met onze boterhammentrommeltjes bezig zien. Ze vinden die boterhammen met kaas maar fantasieloos. Terwijl Nederlanders het gewoon praktisch bekijken. En geef toe: zo’n kroket uit de muur is gewoon vreselijk. Zet daar een verse garnaalkroket uit België tegenover en ik weet wat ik kies. (lacht)

“Toch kun je de visie op een bepaalde eetcultuur wel degelijk beïnvloeden. Neem Peru. De Peruaanse keuken kwam zo’n tien jaar geleden heel erg op. Onder andere door een beroemde chef-kok die de Peruaanse cultuur en de Andes wereldwijd op de kaart zette. Hij droeg enorm bij aan de status van Peru. Al kreeg hij ook kritiek omdat hij de cavia als Peruaanse lekkernij aanprees terwijl die traditioneel van de Andes-indianen afstamt. De chef-kok maakte van hun gerecht een internationale handel.”

De ooit zo populaire afhaalchinees is hier aan het verdwijnen. Waarom?

“De eerste golf Chinese migranten moest overleven en startte een restaurant. Ze kwamen er al snel achter dat men in de Lage Landen blij werd van veel en goedkoop, dus vervingen ze een aantal ingrediënten door suiker of bouillonblokjes. De jongere generatie met Chinese wortels keert zich af van die goedkope afhaalgerechten en wil juist de verscheidenheid van de Chinese keuken uitdragen.

“Ook droeg de ouderwetse afhaalchinees bij aan het beeld dat men in onze contreien van de Chinezen had, vindt de jongere generatie; dat van een hardwerkend, volgzaam volk. Er werd eigenlijk wel op neergekeken. Nu wordt de echte Chinese keuken weer in ere hersteld waarmee de huidige generatie wil laten zien dat hun keuken veel rijker is dan de onze.”

Er is ook veel te doen over de verschillende eetgewoontes tussen man en vrouw. Mannen zouden zwaarder eten en meer vlees, vrouwen eten lichter. Kloppen die clichés?

“Eind vorig jaar werd het kookboek Hem versus haar uitgebracht. Er werd van uitgegaan dat vrouwen eerder plantaardig eten met veel groente, fruit en vis terwijl de man liever een stuk vlees heeft. In het boek stonden suggesties hoe je dat met kleine aanpassingen kunt oplossen. Zo worden de red-velvet-pannenkoeken voor hem aangeboden met stroop en poedersuiker en voor haar met rood fruit. Er kwam heel wat kritiek op. Columniste Marja Stensinski schreef er een opiniestuk over in de Volkskrant. Ze vond het kookboek typerend voor hoever we doorgeslagen zijn in onze genderrollen. Het is aangetoond dat er geen biologisch verschil is tussen man en vrouw wat smaak betreft, schrijft ze. Het idee dat vlees stoer en mannelijk is en dat vrouwen liever op bladeren en bessen leven, is aangeleerd. Er is wel een verschil in de fysieke voedingsbehoefte tussen man en vrouw maar dat heeft niets te maken met smaak. In onze maatschappij hoort het nu eenmaal niet dat je als vrouw zit te schransen. Zoals ze in een aantal Afrikaanse landen een rokende vrouw vreselijk ordinair vinden. Het berust allemaal op stereotypes, opvoeding en cultuur.”

Hoe zetten we onze voedingsgewoontes over op onze kinderen?

“Mijn zoontje eet graag veel groenten omdat dat makkelijk weg bijt. Hij houdt niet zo van vlees. Ik betrap mezelf erop dat ik altijd zeg dat hij ook zijn vlees moet opeten. Terwijl je ook kunt denken: als hij het niet wil eten, waarom zou ik het dan forceren? Ik kan hem evengoed ander eten geven met dezelfde voedingswaarde. Een vriendin is voedingsdeskundige en ze vindt het vreselijk dat haar broer altijd tegen zijn kinderen zegt dat ze lekker een ijsje gaan eten. Waarmee je dus al aangeeft dat een ijsje bijzonder smakelijk is en je het voor kinderen extra aantrekkelijk maakt. Volgens haar kun je dat evengoed met een appel of banaan doen. Het ligt er maar aan hoe je het als ouder overbrengt. Hoewel ik me afvraag of kinderen ooit net zo blij worden van een appel als van een ijsje.” (lacht)

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234