Maandag 26/09/2022

AchtergrondMens en maatschappij

‘Vijftig jaar geleden was het ook warm’: zijn we een bende doemdenkers geworden?

null Beeld ID / Fred Debrock
Beeld ID / Fred Debrock

Juli kent een zonnige start, maar toch staan Facebook-groepen vol met klachten over de hitte en berichten media vooral over gezondheidsrisico’s en de klimaatverandering. In het najaar klinken dan weer herhaaldelijk verzuchtingen over bevroren wegen en de winterdip. Zijn we verleerd om het glas halfvol te zien?

Paul Notelteirs

“Ik dacht eerst: het is satire.” Aan het begin van de vorige week wordt een screenshot van een artikel uit deze krant vlot gedeeld op Twitter. Het stuk biedt tips om op verschillende momenten van de dag met de hitte om te gaan, maar die insteek valt niet bij iedereen in de smaak. Al gauw volgen vergelijkingen met het educatieve kindertijdschrift Zonnestraal en verschillende gebruikers van het platform reageren met brakende emoji’s.

Ondergetekende is de auteur van het eerstgenoemde adviesstuk en toch is dit geen gemediatiseerde mea culpa. Over eventuele betutteling door mediagroepen valt een boompje op te zetten, maar kranten en journaals willen met zo’n verhalen een weerspiegeling van de maatschappij bieden. De zorgen over de hitte komen net zo vaak terug in gesprekken in het lokale café, bij de bakker of in de wachtzaal van de tandarts.

De vraag blijft dan of redacties en de brede bevolking in eenzelfde bedje ziek zijn. Vaak wordt opgemerkt dat er vijftig jaar geleden eveneens warme zomers waren die burgers overleefden zonder verfrissende gadgets te kopen of, jawel, de tips van De Morgen te lezen. Waar is die negativiteit dan voor nodig?

Doemdenken is van alle tijden

Op klimatologisch vlak is het antwoord op de vraag vrij duidelijk. In 2020 lag de gemiddelde jaartemperatuur alleen al 2,3 graden hoger dan in de periode tussen 1961 en 1990. Het is daarbij iets makkelijker om van extreme weersomstandigheden te genieten wanneer ze tezelfdertijd geen ecosystemen verwoesten of hongersnoden veroorzaken. Dat gezegd zijnde, draait het debat over pessimisme natuurlijk lang niet alleen rond het klimaat.

Een Europese studie van de Duitse Bertelsmann Stiftung toonde in 2020 aan dat 64 procent van de Belgen de toekomst van ons land negatief tegemoetziet. Daarmee scoren we slechter dan het Europees gemiddelde van 58 procent. Nochtans blijkt uit verschillende statistieken dat de wereld er op meerdere vlakken op vooruit gaat. In 1820 kreeg 94 procent van de wereldbevolking met extreme armoede te maken, terwijl vandaag nog zo’n 8 procent van de mensen onder de armoedegrens leeft. Burgers die enkele jaren geleden deelnamen aan een internationale bevraging van marktonderzoekbedrijf Ipsos konden dat echter niet inschatten. Ze dachten dat extreme armoede en kindersterfte toenamen, terwijl het tegendeel telkens waar was.

``

“Statistische feiten voelen niet natuurlijk aan bij mensen, eerder het tegenovergestelde”, schreven de auteurs van het Gapminder Ignorance Project. De onderzoekers gingen na hoe goed mensen globale ontwikkelingen konden inschatten en ontdekten dat het leeuwendeel van de bevolking de wereld doorgrondt via persoonlijke en gekleurde ervaringen. Dat leidt vaak tot foute veronderstellingen, al is doemdenken van alle tijden. De Assyriërs geloofden bijvoorbeeld 4.000 jaar geleden al dat alles achteruitging.

Hanno Sauer, die als ethicus aan de Universiteit Utrecht een project rond morele vooruitgang leidt, vindt het niet zo verrassend dat de pessimistische houding populair is. Terwijl het verleden gekend is, ligt alles in de toekomst nog open en dat kan tot stress of angsten leiden. “Bovendien kan het tot op zekere hoogte rationeel zijn om wat pessimistisch ingesteld te zijn. Je bent misschien beter een keer te veel bezorgd dan te roekeloos”, vertelt hij. Dat hoge vals-positieve percentage bood in het verleden ook evolutionaire voordelen. Anticiperen op een vijand is vaak beter dan volledig verrast worden.

Focus op oorlogen

Ondanks het geklaag op Facebook is de mens niet altijd een doemdenker. Zo toont onderzoek aan dat burgers hun eigen toekomst veel rooskleuriger inzien dan die van hun land of die van de rest van de wereld. Paul Dolan, gedragswetenschapper aan de London School of Economics, verklaarde dat sociaal pessimisme door erop te wijzen dat de meeste mensen zelden over grote wereldproblemen reflecteren. Daardoor komen ze soms met verklaringen die niet altijd doordacht zijn en die gekleurd worden door wat ze recent meemaakten.

Mediagroepen spelen daar eveneens een belangrijke rol in omdat ze doorgaans over ‘nieuwswaardige’ onderwerpen berichten. Daarbij gaat het vaak om plotse veranderingen, maar door die verhalen te brengen krijgen de langzame evoluties niet altijd evenveel aandacht. De focus op oorlogen kan er zo voor zorgen dat de daling van de wereldwijde armoede minder snel opgepikt wordt. “Negativiteit verkoopt. Alles lijkt in het nieuws vaak erger te worden, terwijl dat niet noodzakelijk het geval is”, zegt Sauer.

De ethicus legt daarmee ook een verband met de bekritiseerde stukken over het warme weer. Eén hete zomer en één koude winter zijn op zichzelf geen bevestigingen van de klimaatveranderingen, ze moeten immers binnen een langere trend bekeken worden. De klachten over die kortstondige momenten worden dankzij technologische middelen sneller gedeeld, maar dat betekent volgens Sauer niet dat er meer gezeur is dan vroeger of dat er meer redenen zijn om negatiever in het leven te staan. “Het idee dat we pessimistischer worden, is op zichzelf al een voorbeeld van pessimisme.”

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234