Woensdag 10/08/2022

InterviewGijs Coppens

Hoe word je weer sociaal na de pandemie? Psycholoog Gijs Coppens: ‘Ga niet meteen vijf dagen naar kantoor’

Gijs Coppens: ‘Sociale gewoontes kan je vergelijken met piano spelen. Na drie jaar stilte zal je wat roestiger spelen dan voordien. Maar als je even oefent worden je vingers weer soepel.’ Beeld Joris Casaer
Gijs Coppens: ‘Sociale gewoontes kan je vergelijken met piano spelen. Na drie jaar stilte zal je wat roestiger spelen dan voordien. Maar als je even oefent worden je vingers weer soepel.’Beeld Joris Casaer

Weten we nog wel hoe ons te gedragen in een wereld waarin sociaal contact weer volop kan en mag? Gezondheidspsycholoog Gijs Coppens ziet vooral veel onwennigheid en deelt zijn adviezen om onze sociale vaardigheden weer aan te scherpen. ‘We moeten opnieuw onze eigen grenzen aftasten.’

Stijn De Wandeleer

Elk weekend zouden we op café doorbrengen, hadden we ons voorgenomen. We zouden dansen tot onze benen het begaven, en geen enkele uitnodiging zouden we nog aan ons voorbij laten gaan. We zouden, kortom, opnieuw onder de mensen zijn. De realiteit heeft ons inmiddels bijgebeend, en voor velen is de terugkeer naar het sociale leven toch een tikje onwenniger dan eerst gedacht. Op sociale media circuleert de ene na de andere hulpkreet van mensen die dagen moesten bekomen van een avondje tooghangen, die plots niet meer wisten hoe zich te gedragen op een netwerkevenement of die zelfs ronduit mensenschuw waren geworden. Wat is er precies aan de hand, en vooral: hoe kunnen we weer aarden in een socialere wereld?

“Het goede nieuws is dat de grote meerderheid van de bevolking het vooral fijn vindt dat sociaal contact weer mogelijk is”, zegt de Nederlandse gezondheidspsycholoog Gijs Coppens (40), die ook de oprichter is van OpenUp, een onlineplatform dat kortlopende psychologische hulp aanbiedt. “Ongeveer 80 procent van de bevolking heeft echt wel zin om weer sociaal te zijn, en heeft dat tijdens de pandemie ook enorm gemist.” Maar, zo nuanceert Coppens ook: zélfs voor wie wel zin heeft om weer onder de mensen te komen, kan het sociale contact in het begin wat overweldigend zijn. We teren als mens natuurlijk heel hard op onze ingesleten gewoontes en patronen om ons in de wereld te begeven. Die routines hebben we de voorbije twee jaren een pak minder kunnen gebruiken. Het is nu dus voor iedereen wennen.”

Met welke sociale situaties hebben we het tegenwoordig vooral moeilijk?

“De terugkeer naar de werkvloer kan voor velen in het begin wat onwennig aanvoelen. Plots kom je weer collega’s tegen bij het koffieapparaat met wie je dan een niet-werkgerelateerd gesprek moet voeren. Dat hebben we al even niet meer gedaan, dus het is opnieuw zoeken naar hoe je je gedraagt in die context. Ook samenkomen in grote groepen, zoals bijvoorbeeld op restaurant of café, vinden heel wat mensen lastig. Dat zijn omgevingen waarin je brein veel prikkels in korte tijd te verwerken krijgt. Zelfs elkaar begroeten is ingewikkelder geworden: geef je elkaar nu een zoen, een hand, een vuistje of zwaai je eens naar elkaar? We zijn ons plots heel bewust geworden van handelingen waarin we vroeger onbewust bekwaam waren.”

Mensen lijken tegenwoordig ook sneller vermoeid door sociaal contact. Hoe komt dat?

“Ik kan me inbeelden dat we door de coronacrisis allemaal wat gevoeliger zijn geworden voor sociale prikkels, omdat we er lange tijd minder aan blootgesteld zijn geweest. Daardoor komt elke prikkel nu wat harder binnen dan voordien. Je zou bijna kunnen zeggen dat we voor de pandemie allemaal een sociaal schild hadden ontwikkeld om met de mensen uit onze omgeving om te gaan. Dat schild is na twee jaar wat minder dik geworden.

“Toch hoeft die nieuwe gevoeligheid voor sociale inter­acties helemaal niet dramatisch te zijn. Ik vind zelfs dat de kwetsbaarheid die we nu ervaren ons als mens net zo interessant maakt. Het ligt nu eenmaal in onze aard om ons iets van de ander aan te trekken. Dat is wat van ons sociale wezens maakt.”

Hebben introverten het moeilijker met de terugkeer naar het sociale leven dan extraverten?

“Wat we in onze praktijk opmerkten, is dat heel wat introverten de pandemie al bij al best een aangename periode vonden. Voor veel introverten was het wel comfortabel dat de wereld plots wat rustiger en overzichtelijker werd. Onze samenleving is uiteindelijk toch vooral ingericht op extraverte mensen. Al op jonge leeftijd wordt ons aangeleerd om in groep te werken, om onze gedachten en gevoelens te delen en om te presenteren. Ik denk dat heel wat introverten chronisch overprikkeld waren in de maatschappij zoals die er voor corona uitzag. Sommigen van hen hebben nu inderdaad moeite om naar die oude wereld terug te keren. Ze stellen zich de vraag: wil ik dat nog wel? En terecht!”

Is het mogelijk dat sommigen onder ons effectief mensenschuw zijn geworden tijdens de pandemie?

“Dat hebben we ook gezien, ja. Op zich is dat niet zo verwonderlijk: sociale afzondering werd maandenlang voorgeschreven door de overheid. Wie dan thuis geen stevig sociaal netwerk had, zoals familieleden of vrienden met wie je onder hetzelfde dak woonde, raakte daardoor makkelijk afgezonderd. Tijdens de pandemie hebben we bijvoorbeeld veel jongeren gesproken voor wie de eenzaamheid echt tot terugtrekking en depressie heeft geleid. Als je net nieuw bent in een universiteitsstad of je zit voor het eerst op kot, heb je nog geen netwerk waarop je kan terugvallen. Dat waren schrijnende situaties.

“Ook nu er weer veel mag op sociaal vlak, zijn het vooral de mensen met een relatief sterk sociaal netwerk die het gemakkelijkst opveren. Zij hadden ook tijdens corona vaak wel twee of drie goede vrienden op wie ze konden leunen. Dat is het pijnlijke aan deze crisis geweest: het onderscheid tussen de sociaal kwetsbaren en de sociaal sterken werd alleen maar uitvergroot.”

Hebben we onze sociale vaardigheden dan ook echt verleerd?

“Het voordeel van onze sociale gewoontes is dat we ze, zodra ze aangeleerd zijn, nooit meer helemaal kwijtraken. Ze kunnen overschreven worden door andere patronen, maar ze kunnen ook weer versterkt ­worden. Je kan het vergelijken met piano spelen: als je dat ­eenmaal kan, en je doet het twee of drie jaar niet, dan zal je ­weliswaar wat roestiger spelen dan voordien. Maar als je even oefent, worden je vingers weer soepel en ben je er ook relatief snel weer mee weg. Al die manieren om met sociale interactie om te gaan zitten dus nog steeds in ons. Ze moeten alleen even afgestoft worden.”

Kunnen we ons brein trainen om weer makkelijker met mensen om te gaan?

“Tijdens een crisis als de pandemie zien we veranderingen in de frontale kwab van onze hersenen. Die kan je zien als de manager van ons brein, die prikkels kan versterken of verzwakken, zodat we er op de juiste manier mee kunnen omgaan. Wanneer onze frontale kwab gedurende lange tijd onderprikkeld blijft, kan hij lui worden. Dan gaat hij prikkels niet meer op dezelfde manier reguleren.

“Het goede nieuws is dat je die frontale kwab inderdaad ook kan trainen, door bijvoorbeeld aan mindfulness te doen of door goede psychotherapie te volgen. Ook door je weer vaker bloot te stellen aan sociale prikkels train je je hersenen. Het is daarbij wel belangrijk dat je je niet in die mate blootstelt dat je overweldigd geraakt door het sociale contact. Als je zo gespannen en angstig bent dat de emotie je volledig overmant, ben je je hersenen niet meer aan het trainen; dan ben je gewoon overprikkeld.”

Gijs Coppens: ‘Wie overprikkeld is, kan heel moe worden en tegelijk toch slecht slapen omdat de hersenen te veel informatie moeten verwerken. Het signaal dat je even een stap terug moet nemen.’ Beeld Joris Casaer
Gijs Coppens: ‘Wie overprikkeld is, kan heel moe worden en tegelijk toch slecht slapen omdat de hersenen te veel informatie moeten verwerken. Het signaal dat je even een stap terug moet nemen.’Beeld Joris Casaer

Aan welke signalen merk ik dat ik overprikkeld ben?

“Je kan jezelf de vraag stellen: als ik mijn emotionele ervaring op dit moment een cijfer moet geven, waarbij 10 extreem geprikkeld is en 1 onderprikkeld, waar bevind ik me dan? Als het antwoord een 6 of een 7 is, is er niet zo veel aan de hand. Maar zit je aan 8, 9 of 10, dan is het opletten ­geblazen. Een ander teken dat je te veel hooi op je vork neemt, is wanneer je slecht begint te slapen. Mensen die overprikkeld zijn, kunnen heel moe worden, maar tegelijk toch slecht slapen omdat hun hersenen te veel informatie moeten verwerken. Het signaal dat je even een stap terug moet nemen voor je je hersenen opnieuw gaat trainen.”

Is het belangrijk dat we ook weer wat lichamelijker worden met elkaar?

“Je kan wel stellen dat de mens ­aanraking nodig heeft. Handen aanraken is niet voor niks lange tijd de manier geweest waarop we elkaar begroetten. Door de ander aan te raken, laat je zien dat je met elkaar ­verbonden wil zijn. Aanraking speelt dus zeker een grote rol in ons contact met elkaar. Dat geldt ook voor andere manieren van fysiek contact: een knuffel geven, of iemand die je graag ziet wat langer omhelzen, kan heel prettig zijn. We weten ook dat aanraking gelukshormonen losmaakt in het lichaam, die ons helpen om te ontspannen. Het kan dus zeker een goed idee zijn om daar voorzichtig opnieuw mee te beginnen, al vind ik dat er ook respect moet zijn voor wie nog niet klaar is om weer lichamelijk te zijn. Dat moet ook kunnen.”

Welke concrete adviezen hebt u voor wie het sociale leven stap voor stap weer willen opbouwen?

“Wat ik iedereen zou aanraden, is om eens na te denken over wat voor jou, binnen drie of vier maanden, de ideale sociale balans zou zijn. Hoe ziet jouw week er dan uit? Met wie heb je contact? Hoe vaak ben je op het werk? Hoe vaak plan je activiteiten in op weekavonden? Denk na over hoe jij je leven dan voor je ziet, want je hebt nu ook de kans om het anders aan te pakken dan voordien. Uit dat ideaalbeeld kan je misschien drie of vier concrete stappen destilleren om de komende weken en maanden tot op dat punt te komen.

“Als je bijvoorbeeld graag weer geregeld naar festivals en feestjes wil gaan, en je deed dat voor corona zeker twee keer per maand, kan je nu beginnen met dat één keer per maand te doen. Je hoeft ook niet meteen tot vier uur ’s nachts door te zakken op café: het is ook prima om om middernacht naar huis te gaan. Kijk vooral hoe je je daarbij voelt, en bouw de frequentie van die activiteiten dan rustig weer op.

“Als je merkt dat je het toch moeilijk vindt om weer aan sociaal contact te wennen, spreek dan niet meteen in grote groep af, maar liever met een of twee vrienden apart. Het kan ook helpen om je onwennigheid gewoon ­openlijk te ­benoemen bij mensen die je goed kent; misschien ­herkennen zij het gevoel wel en kan het jullie band net versterken. Nog een tip is om niet meteen in een ­barstensvol café af te spreken, maar op een rustigere plek. Je kan bijvoorbeeld samen gaan wandelen. Vaak is er tijdens zulke activiteiten ook meer ruimte voor stilte.”

U lijkt vooral mildheid te prediken.

“Ja, dat is nu heel belangrijk: sta het jezelf toe om kleine stapjes te zetten. Ook op werkvlak, trouwens. Als je er de ruimte voor hebt, ga dan niet meteen vijf dagen naar ­kantoor, maar begin met twee of drie dagen. Tegelijk hoeven we ook weer niet te voorzichtig te zijn. Als je zin hebt om nu drie keer per week op café te gaan, doe dat dan maar. Maar als je merkt dat je toch overprikkeld of angstig bent geworden, neem dan een klein stapje terug en bouw wat tijd in om van al die indrukken te bekomen.

“We bevinden ons nu in een ­periode waarin we onze grenzen ­opnieuw wat moeten aftasten. Daarbij is het onvermijdelijk dat we af en toe over onze eigen grenzen heen gaan. Onze persoonlijke limieten kunnen ook gewoon veranderd zijn. Velen van ons hebben toch een periode van zelfinzicht achter de rug en willen ­misschien niet meer op dezelfde manier met hun sociaal leven omgaan als vroeger.”

Wat met mensen die tijdens pandemie een deel van hun sociaal netwerk verloren hebben? Hoe kunnen zij nieuwe sociale contacten leggen?

“Ook voor hen is mijn advies: begin met kleine stapjes. Een wandeling door de stad of door je wijk kan al een goede start zijn, net als een kort praatje met de kassierster van de supermarkt. Verwacht niet te veel en vier de stapjes die je zet ook.

“Een andere veilige manier om opnieuw aan sociaal contact te wennen kan zijn om bijvoorbeeld je tante eens te bellen, of eens bij je grootouders langs te gaan. Zoek ­mensen op met wie je vertrouwd bent, zodat je in een ­veilige omgeving kan oefenen met sociaal zijn.”

En wat als ik niet terug wil naar mijn drukke sociale leven van voor de pandemie?

“Het mooiste is natuurlijk dat je, wanneer je uitgenodigd wordt voor een afspraakje waar je liever niet bij bent, gewoon uitlegt dat je de zaken na corona anders wil ­aanpakken. Ook een leugentje om bestwil is in zo’n geval echt niet het einde van de wereld. Maar eigenlijk heb je zelfs geen excuus nodig. Je kan ook gewoon zeggen dat het even niet goed uitkomt, of dat je agenda het niet toelaat, zonder verdere uitleg. Door te experimenteren kom je te weten hoe je zelf het liefst nee zegt.”

Is het belangrijk om weer in ons eigen tempo te kunnen wennen aan het sociale leven, of is wat druk van buitenaf ook niet verkeerd?

“Dat is dubbel. We hebben tijdens de pandemie een ­onderzoek gedaan waarbij we werknemers analyseerden die net na de eerste lockdown terugkeerden naar kantoor. 20 procent van hen had daar meteen veel zin in en vond de coronamaatregelen ook maar overroepen. Maar een andere 20 procent van de werknemers was net heel angstig om terug naar de werkvloer te komen. Plots ga je dan al die angstige mensen met die enthousiastelingen mengen. Het spreekt voor zich dat dit geen evidente mix is.

“Als werkgever mag je verwachtingen koesteren over hoe vaak werknemers terug naar kantoor komen, maar daarnaast zou je toch ook vrijheid moeten inbouwen. Als iemand aangeeft dat het toch wat veel wordt, zou daarover gesproken moeten kunnen worden. Binnen afgebakende grenzen, weliswaar. Want soms heeft iemand ook een ­duwtje van de groep nodig om weer uit zijn schulp te kruipen. Jezelf volledig terugtrekken is zelden de oplossing. Maar je er meteen weer volledig in onderdompelen hoeft ook niet de enige juiste manier te zijn om opnieuw te ­wennen aan een vrijere wereld.”

Vlot uit je kot: zo pak je het aan

“Leer beter luisteren. In plaats van met je eigen verhaal bezig te zijn, komt het je sociale leven echt ten goede om je aandacht eens volledig op de andere persoon te richten.”

“Train je frontale kwab. Dat kan door langzaam wat meer sociale contacten te hebben, maar ook door bijvoorbeeld aan mindfulness te doen.”

“Zorg ervoor dat je niet overprikkeld geraakt. Op dat moment ben je je hersenen niet meer aan het trainen, maar put je jezelf alleen maar uit.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234