Maandag 10/08/2020

Nieuwe reeksOpvoeden, kinderspel?

Hoe leer je kinderen omgaan met geld? ‘We kijken samen naar loonbrieven en rekeningen’

Beeld Levi Jacobs

Kinderen leren omgaan met geld? Daar kan je volgens deskundigen niet vroeg genoeg mee beginnen. ‘Dankzij mijn mama geef ik liever geld aan cryptocurrency dan aan een handtas.’

“Zeg, papa, zijn wij arm?” Die vraag klinkt wel eens in het huis van Wim Schotsmans (43).

Zijn antwoord is telkens hetzelfde. “We zijn niet arm, maar we hebben ook niets te veel.” Vervolgens probeert de man uit te leggen aan Nand (16), Leonie (14), Briek (12) of Martha (10) waarom het als alleenstaande ouder niet evident is om het einde van de maand te halen.

“Ik was tot voor kort leerkracht lager onderwijs en dan hield ik 2.100 euro netto over. Dat is niet weinig, maar ruim is dat, met vier kinderen ten laste, evenmin.”

Op het eind van de maand schoot er vaak helemaal niets meer over. En dan gaf de vader dat gewoon toe aan zijn kinderen. Hij probeert hen zo eerlijk mogelijk te zeggen hoe hij er financieel voor staat.

“Niet in die mate dat ze er zelf ’s nachts van wakker liggen natuurlijk. Maar ik probeer hen wel realisme bij te brengen.” Toen een van zijn zonen onlangs teleurgesteld was omdat hij geen nieuwe skatebroek kreeg, ging hij met hem aan tafel zitten. “Ik heb hem laten zien wat er binnenkomt en buitengaat, zodat hij zelf kan zien dat een Dickies van zestig euro niet lukt. Samen kijken naar loonbrieven en rekeningen heeft zijn ogen geopend. Hij wist oprecht niet dat het zo zat.”

Beetje bij beetje dringt het besef door, merkt hij. Schotsmans’ kinderen snappen intussen waarom ze zelden op vakantie gaan of alleen in de solden kleren mogen kopen. “En ik ben ook gerustgesteld als ik zie dat ze in de supermarkt niet alleen naar de prijs van een individuele fles shampoo kijken, maar ook opmerken hoeveel die per liter kost.”

Zijn de kinderen van Schotsmans een uitzondering in Vlaanderen?

De allerlaatste PISA-studie die peilde naar de financiële geletterdheid van onze jongeren, suggereert van niet. In die internationale ranking, afgenomen bij vijftienjarigen in achttien geïndustrialiseerde landen, moesten we in 2015 alleen Shanghai-China laten voorgaan. Wat nog niet wil zeggen dat daarom elke Vlaamse vijftienjarige volledig thuis is in geldzaken. Ondanks onze toppositie haalde 12 procent een onvoldoende.

Geen flauw benul

Dat die kennis nog beter kan, bevestigt ook een recente studie door Febelfin. Tussen april en mei dit jaar bevroeg de bankenkoepel duizend zestien- tot dertigjarigen. Bijna een vierde gaf zichzelf in die enquête een erg slechte score. “Vooral over lenen, verzekeren, pensioensparen en belastingen weten jongeren weinig”, aldus Febelfin. Zo weet bijna de helft niet hoe ze aan budgetbeheer moet doen.

“Weet je dat er zelf pas afgestudeerde artsen zijn die geen flauw benul hebben van financiën?” Yves Coemans van de Gezinsbond vindt het onbegrijpelijk. Wie de schoolbanken verlaat zou toch op zijn minst moeten weten wat een hypotheek is of hoe intrest werkt. “Het is dus logisch dat de eindtermen in het secundair nu worden aangepast.” Sinds dit schooljaar wordt in de eerste graad expliciet aandacht besteed aan financiële geletterdheid. En begin juli besliste de Vlaamse regering om hetzelfde te doen in de tweede en derde graad.

Maar, benadrukt Coemans, het is niet omdat het onderwijs hier nu eindelijk op inzet, dat ouders achteruit mogen leunen. “Een goede financiële opvoeding start thuis”, is hij stellig. En die start komt best zo vroeg mogelijk. “Want hoe jonger een kind bezig is met geldzaken, hoe beter het erin wordt.”

Beeld ANP XTRA

De ideale leeftijd om te starten, is die waarop een kind leert tellen. In principe kan dat vanaf de kleuterschool. Een driejarige beseft misschien niet wat de waarde van geld is, je kan hem of haar wel uitleggen waarom mama en papa gaan werken. “Laat hen geregeld zelf iets betalen, bij voorkeur met muntstukken of briefjes, zodat ze ervaren dat vijftig euro iets anders is dan vijftig eurocent.” De voeling, van iets krijgen en weer afgeven, heb je veel minder met een bankkaart of app. “Dat blijft abstract”, zegt Coemans. Hen op jonge leeftijd al een spaarpot geven, het liefst een doorzichtig model, werkt eveneens. “Op die manier zien ze wat erbij komt en weggaat.”

In het gezin Schotsmans hebben ze beslist om elk kind vanaf het derde middelbaar zakgeld te geven. Een keer per maand storten Wim en zijn ex-vrouw elk twintig euro op de rekening. “Zotte dingen gebeuren daar niet mee. Er wordt meestal iets kleins mee gekocht, om te eten of te drinken”, aldus de vader. Het plan is wel om straks iets meer te geven aan de oudste zoon. “Om kleren en gsm-kosten mee te betalen. We willen dat hij niet alleen pretbudget heeft. Hij moet leren dat geld niet alleen voor leuke, maar evengoed voor noodzakelijke dingen dient.”

Bij de Gezinsbond vinden ze dat een goede ingesteldheid. Maar Coemans zou nog liever zien dat elke jongere met een vakantiejob een deel van zijn of haar inkomsten opzijzet. “Jongeren horen misschien dat een spaarboekje niets opbrengt, desalniettemin is leren sparen is een belangrijke vaardigheid. Niet alleen omdat je zo duurdere zaken kan kopen op lange termijn, maar ook omdat je moet leren om een buffer aan te leggen voor onvoorziene uitgaven.”

Hij krijgt bijval van psychologe Ilse Cornelis van CEBUD, het Centrum voor budgetadvies en -onderzoek van Thomas More. “Jongeren leren nu dat geld soms gewoon uitblijft”, zegt Cornelis nog, verwijzend naar de vele studentenjobs die deze zomer door de coronacrisis wegvallen. “Voor jongeren die nu geen job vinden, is dat eigenlijk een belangrijke les: dat je het ineens en onverwacht met een pak minder geld moet doen, en dat je dan je uitgaven en levensstijl daaraan moet aanpassen.” 

Veel studentenjobs zijn deze zomer gecanceld door de coronacrisis.Beeld Yann Bertrand

Beiden hameren erop dat je jonge mensen fouten moeten kunnen laten maken. “Je kan bij financiële educatie inzetten op kennis van geavanceerde begrippen als inflatie en obligatie. Zinvol natuurlijk, maar ik geloof toch ook in: oefenen, oefenen, oefenen. Faalervaringen horen erbij”, zegt Cornelis.

Als ouder is het soms moeilijk om aan de zijlijn te staan. Zeker omdat je vrij snel ziet aankomen dat zoon- of dochterlief door een bepaalde aankoop een uitstap met vrienden zal moeten skippen, en dus vreselijk teleurgesteld zal zijn. Te vaak volgt dan een van deze twee reacties: of een ouder begint verwijten te maken, of hij of zij begint geld bij te passen. In geen van beide gevallen valt dit onder een goede financiële opvoeding, vindt Coemans. “Beter bespreek je achteraf wat er is misgelopen en hoe dat in de toekomst voorkomen kan worden.”

Tess Wouters weet niet hoeveel haar ouders verdienen. Ze heeft ook maar zelden een rekening op tafel zien liggen. Zakgeld krijgt ze niet. Toch vindt de 19-jarige dat ze heel verantwoordelijk met geld omgaat. “Veel leeftijdsgenoten doen hun geld op door op stap te gaan of te winkelen. Mij interesseert dat niet. Ik geef liever geld aan cryptocurrency dan aan een handtas.”

Wouters is een van de jongste cryptobeleggers in ons land. Ze volgt het op- en neergaan van de koers en koopt en verkoopt aandelen om winst te kunnen maken. “Dit is niet iets dat ik zomaar op het internet heb geleerd, hoor. Daar circuleert veel foute informatie. Veel jongeren denken ten onrechte dat je snel en zonder risico veel geld kan verdienen op deze manier. Zo simpel is het niet. Ik heb me echt verdiept hierin, onder meer door bij Cryptotrain een cursus te volgen.”

“Het was dankzij mijn mama dat ik geïnteresseerd raakte in cryptomunten. Ze begon erover, als een manier voor mij om wat extra geld te verdienen. Toen ik vorig jaar studeerde voor leerkracht lager onderwijs was ik namelijk heel bang dat ik later niet genoeg zou verdienen om mijn hobby te betalen.” Die hobby is: paardensport. Tess doet al sinds jonge leeftijd op een hoog, internationaal niveau aan dressuur. “Dan hoor je al snel hoe duur de trainingen, het materiaal, de dieren zijn. Ik heb de waarde van geld vooral zo leren kennen.”

Hoe goed ze in het beleggen is, wil Tess niet in detail toelichten. Vast staat wel dat ze haar studies stopte om zich te verdiepen in de cryptomarkt. “Het is niet dat ik alleen nog maar grote bedragen ken. Als ik ergens tien euro kan uitsparen, geeft dat nog steeds voldoening.” Die ingesteldheid heeft ze van haar ouders, zegt ze. “Ze zijn allebei zelfstandige. Ik zie en hoor voortdurend hoe hard ze werken voor hun geld. Ze maken opofferingen, door bijvoorbeeld zo’n fysieke winkel draaiende te houden. Daar heb ik bewondering voor, maar ik denk al lang: ik ga het anders doen. Laat het geld maar voor mij werken.”

Vicieuze cirkel

Niet iedere ouder is evenwel in staat om zijn kind zo’n lessen mee te geven. Er zijn net zo goed vaders en moeders die zelf de eindjes aan mekaar knopen, geen jota begrijpen van hun energiefactuur of niet naar de bank durven om hun lening te laten herbekijken.

“Vijf procent van de Belgen zijn financieel analfabeet”, licht Kristof De Witte, professor onderwijseconomie aan de KU Leuven, toe. Hij heeft het in dat geval over mensen die bijzonder laag scoren op zowel financiële kennis, vaardigheden als attitudes. “Ze komen vaker uit een kansarm milieu. En dat is schrijnend, want dat betekent dat de jongeren die net door hun afkomst het meest gebaat zijn met een financiële opvoeding, die van thuis uit niet of onvoldoende kunnen krijgen.” Er zijn volgens hem wel manieren om die ongunstige vicieuze cirkel te doorbreken. De Witte deed recent onderzoek naar huiswerktaken waarvoor een kind met zijn ouders moet samenwerken rond bepaalde financiële thema’s. “Via zo’n taken kunnen we in kansarme gezinnen effectief een groot verschil maken, door de kennis van twee partijen in één klap te versterken.”

Je wil die kennis zo hoog mogelijk krijgen, zegt hij, omdat je op die manier kinderen financieel weerbaar maakt. Wie financieel geletterd is, heeft minder kans op schulden, te hoge kredieten of slechte investeringen.

“Maar er speelt ook belang op macroniveau: bij de kredietcrisis van 2008 zagen we dat stabiliteit in een land hand in hand gaat met de financiële geletterdheid. De landen die lager scoorden daarop, waren ook de landen waar de druk op het bankensysteem het grootst was, omdat iedereen in de rij ging staan om geld af te halen. Dat is een te vermijden scenario.”

Wim Schotsmans is intussen van job veranderd, hij is ruim een jaar geleden zelfstandige geworden. “Dat levert me toch wat meer op per maand, dat weten mijn kinderen ook. Ze trekken nogal eens ogen, als ze een factuur van mij met brutobedragen zien. Dan moet ik altijd opnieuw uitleggen dat er nog een heleboel vanaf gaat. Maar goed, mijn situatie is wel effectief verbeterd. Waar ik vroeger mijn vingers kruiste, in de hoop dat er op het eind van de maand niet nog een rekening in de bus viel of een huishoudapparaat kapotging, is het nu comfortabeler leven. Maar ik zeg het tegen mijn kinderen ook, we zullen maar hout vasthouden. Het zijn uitzonderlijke tijden nu. Je weet niet wat er nog komt.”

Vijf tips

1. Praat zo vroeg mogelijk met een kind over geldzaken. Hoe jonger het daarmee bezig is, hoe beter het erin wordt.

2. Zelfs een kleuter kan je al ‘voeling met geld’ geven, door hem of haar te laten betalen in de winkel met muntstukken of briefjes. Ook een doorzichtige spaarpot helpt om te zien dat er geld weggaat en weer kan bijkomen.

3. Als een kind zakgeld krijgt of een vakantiejob doet, raad dan aan om een deel van die inkomsten te sparen.

4. Als je zoon of dochter ouder wordt, geef dan meer financiële verantwoordelijkheid. Laat hem of haar ook eigen gsm-kosten of kleren betalen.

5. Bij een financiële misstap: begin geen verwijten te maken of geld bij te passen. “Bespreek beter wat er is misgelopen en hoe dat in de toekomst voorkomen kan worden.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234