Woensdag 05/10/2022

InterviewGeorge Monbiot

Hoe kunnen we de wereld voeden? ‘Landbouw is de meest destructieve menselijke activiteit’

‘We houden van plaatjes met een paar dieren in de wei. Maar dat is geen duurzame manier om de wereld te voeden.’ Beeld ANP
‘We houden van plaatjes met een paar dieren in de wei. Maar dat is geen duurzame manier om de wereld te voeden.’Beeld ANP

Willen we iedereen voeden zonder de planeet te vernietigen, dan moeten we het volgens de Britse schrijver en milieuactivist George Monbiot over een radicaal andere boeg gooien. In zijn jongste boek pleit hij voor ‘boerderijvrij’ voedsel op basis van gisten en bacteriën, en voor data in plaats van romantiek.

Dieter De Cleene

Voor de eerste keer sinds de uitvinding van de landbouw hebben we de kans om ons voedselsysteem grondig te veranderen, en daarmee ook onze relatie met de planeet, betoogt George Monbiot (59) in Regenesis. Als we het slim aanpakken kunnen we grote lappen land teruggeven aan de natuur, en zo het uitsterven van soorten stoppen en de klimaatopwarming afremmen.

De Britse schrijver en columnist bij de krant The Guardian deinst er niet voor terug om de milieubeweging tegen de haren te strijken, onder meer door zich voor kernenergie uit te spreken. In Regenesis duikt hij in de data over de impact van landbouw op klimaat en natuur, en onderzoekt hij hoe het anders kan. De door de klassieke milieubeweging doorgaans geprefereerde biologische landbouw is niet de oplossing, besluit Monbiot, maar een deel van het probleem.

“Landbouw is de meest destructieve menselijke activiteit”, zegt Monbiot. “Het is de belangrijkste oorzaak van de vernietiging van natuur en van het uitsterven van soorten. Het is een van de belangrijke oorzaken van klimaatverandering en van water- en luchtverontreiniging.”

Met name de ruimte die landbouw inpalmt is volgens u een groot probleem.

Monbiot: “Ja, en milieuactivisten hebben daar te weinig aandacht voor. Elke hectare die we gebruiken voor landbouw is een hectare waarop je niet langer wilde ecosystemen zoals bossen, savannes, graslanden en wetlands vindt. En dat zijn nu net de ecosystemen waarin de meeste dier- en plantensoorten zich thuis voelen.

“Land teruggeven aan de natuur is niet alleen belangrijk voor de biodiversiteit. Om de klimaatverandering tegen te gaan moeten we niet alleen onze uitstoot van broeikasgassen stoppen, maar zullen we ook CO2 terug uit de atmosfeer moeten halen. De effectiefste en goedkoopste manier om dat te doen is door natuurherstel.

“Er gaat terecht veel aandacht naar het opofferen van land voor bebouwing en infrastructuur. Maar dat neemt alles bij elkaar ongeveer 1 procent van het aardoppervlak in beslag. Terwijl landbouw zo’n 40 procent inpalmt. Het uitsmeren van landbouw over een steeds grotere oppervlakte is een veel grotere bedreiging voor het leven op aarde.”

null Beeld our world in data
Beeld our world in data

Dat is waarom het klassieke pleidooi voor extensieve, biologische landbouw tekortschiet?

“De reactie van veel milieuactivisten op de door landbouw veroorzaakte milieuproblemen is dat we op extensieve landbouw moeten overstappen. Dat betekent dat je om eenzelfde hoeveelheid voedsel te produceren meer land gebruikt. In de regel geldt: hoe meer land een productiesysteem opslorpt, hoe enthousiaster milieuactivisten, hippe chefs en foodies ervan worden. We houden van plaatjes met een paar dieren in de wei. Maar als je naar de data over opbrengst kijkt, is dat duidelijk geen duurzame manier om de wereld te voeden.”

Lagere opbrengsten hoeven geen probleem te zijn, zeggen de voorstanders van meer biolandbouw, als we tegelijk ons voedingspatroon zouden aanpassen.

“Het klopt dat we veel minder land nodig zouden hebben en veel minder schade zouden aanrichten als iedereen plantaardig eet. Zo zouden we de oppervlakte die we nu voor landbouw gebruiken met 75 procent kunnen reduceren. Maar dat willen de meeste voorstanders van biologische landbouw helemaal niet. Ze willen landbouw gecombineerd met veeteelt. De biolandbouw rekent op dierlijke mest om de bodem vruchtbaar te houden. Hoewel dat natuurlijk lijkt, is dat problematisch. Want doordat de stikstof in mest niet op het juiste moment vrijkomt voor de plant komt er soms meer in het milieu terecht dan bij gewone landbouw.”

Het alternatief, intensief boeren op zo weinig mogelijk grond, om de rest voor natuur te reserveren, kan u evenmin bekoren.

“Nee, ik ben nooit tevreden. (lacht) Dat is het klassieke debat ‘sparing’ versus ‘sharing’. Moeten we landbouw en natuur ruimtelijk scheiden of met elkaar verweven, zoals extensieve landbouw dat probeert? Het probleem met dat laatste is dus dat de meeste soorten niet kunnen overleven in een landbouwlandschap, zelfs niet wanneer landbouw schijnbaar milieuvriendelijk gebeurt.

“Maar er zijn natuurlijk ook grote problemen met intensieve landbouw, zoals het overmatig gebruik van pesticiden, schade aan de bodem door ploegen en vervuiling door industriële veeteelt. Bovendien is het niet slim om landbouw en natuur volledig van elkaar te scheiden. Natuur in landbouwgebied biedt diersoorten de kans om zich van het ene naar het andere natuurgebied te verplaatsen, zodat populaties niet geïsoleerd raken en een grotere kans lopen om uit te sterven. En de aanwezigheid van nuttige soorten, zoals roofinsecten, kan de nood aan pesticiden verminderen.”

Hoe moet het dan wel?

“We moeten zoveel mogelijk land sparen en tegelijk de natuur slim inzetten zonder het belang van hoge opbrengsten uit het oog te verliezen. Wat we nodig hebben is een productieve landbouw, om te vermijden dat die nog meer ruimte inneemt, die tegelijk een lage milieu-impact heeft.”

Daarvoor moeten we volgens u meer aandacht schenken aan de bodem.

“Leonardo da Vinci merkte al op dat we meer weten over de beweging van de hemellichamen dan over de bodem op onze eigen planeet. Dat is vandaag nog steeds zo. De bodem wordt gevormd door alle organismen die erin leven. Planten onderhouden een innige relatie met bacteriën en schimmels rond hun wortels, een beetje zoals wij dat met onze darmflora doen.

“Dat zijn we pas recentelijk volop aan het ontdekken. Door meer te leren over de relatie tussen planten en bodemleven kunnen we opbrengsten verhogen en tegelijk de nood aan pesticiden en meststoffen verkleinen. We zullen ze misschien niet overal volledig kunnen bannen, maar er valt nog veel winst te boeken.”

George Monbiot: “Je kunt gedroogde linzen de planeet rond verschepen en ze zullen nog steeds een kleinere impact hebben dan lokaal rundvlees.” Beeld Belga
George Monbiot: “Je kunt gedroogde linzen de planeet rond verschepen en ze zullen nog steeds een kleinere impact hebben dan lokaal rundvlees.”Beeld Belga

U verwacht ook veel van wat u ‘boerderijvrij voedsel’ noemt.

“We kunnen bacteriën en gisten laten groeien in grote tanks en zo eiwitten en vetten produceren. Ik ging bijvoorbeeld langs bij het Finse Solar Foods, dat bacteriën kweekt die zich voeden met waterstof en CO2. Dat levert een soort bloem op die voor 60 procent uit eiwitten bestaat en voor 30 procent uit vet. Dit soort toepassingen is volgens mij het begin van het einde voor een groot deel van de landbouw zoals we die vandaag kennen.

“Zo kunnen we de milieu-impact van de landbouw, en in het bijzonder het ruimtegebruik, enorm reduceren. Ik geloof dat boerderijvrij voedsel een alternatief kan bieden voor de teelt van gewassen zoals soja en oliepalm, en voor de dierlijke producten die we vandaag te veel consumeren.”

Want daar ligt het kalf gebonden?

“Ja. Als het gaat om de vraag hoe we onszelf duurzaam kunnen voeden, denken veel mensen dat de groeiende wereldbevolking de grootste uitdaging is. Dat is niet zo. Het aantal mensen groeit met ongeveer 1 procent per jaar en zal naar alle verwachting ergens in de tweede helft van deze eeuw plafonneren. Wat wél een groot probleem is, is de groeiende veestapel die wereldwijd met 2,4 procent per jaar toeneemt. Op basis van de huidige trends zullen er tegen 2050 100 miljoen ton mensen bijkomen en 400 miljoen ton vee.”

Volgens de voorstanders van zogenoemde herstellende of regeneratieve landbouw kan grazend vee net het klimaatprobleem helpen oplossen.

“De claim dat je zo meer koolstof zou kunnen opslaan dan de dieren uitstoten is pure greenwashing. Als je vee wilt laten grazen zonder dat de natuur eronder lijdt, impliceert dat dat je zo weinig dieren kunt houden dat het nauwelijks iets oplevert, en vlees iets wordt dat enkel miljonairs zich kunnen veroorloven. Dat zeggen de voorstanders van ‘minder en beter’ vlees er doorgaans niet bij.”

Zullen mensen wel bereid zijn bacteriepoeder te eten?

“Natuurlijk zal er weerstand en neofobie zijn. Maar stel jezelf eens de vraag: wat als het omgekeerd was? Wat als dit de manier was waarop we gewoon waren te eten en iemand zou voorstellen om dieren te eten in de plaats? Laten we dieren massaal opsluiten. We scheiden jongen van hun moeders, knippen staarten, snavels en tanden bij en snijden hun ballen af. En na een kort en ellendig leven slachten we ze in grote fabrieken en hakken we ze in mootjes. En dat doen we met 75 miljard dieren per jaar. En o ja, aan de melk van koeien voegen we een enzym uit de maag van kalveren toe zodat die hard en geel wordt en gaat stinken. Ik denk dat mensen dat een verschrikkelijk vooruitzicht zouden vinden, en terecht.”

Wat ligt er tegen pakweg 2050 op ons bord op de plaats waar nu een lapje vlees ligt?

“Met die poeders kunnen een we volledig gamma en nieuwe producten ontwikkelen die we ons nu nog niet goed kunnen voorstellen. Zoals mensen bij de eerste koe ook niet meteen aan camembert dachten. Er zou iets op ons bord kunnen liggen dat smaakt naar ham of steak, maar met een totaal andere textuur.”

Onderschat u het belang van traditie niet, van voedsel als onderdeel van identiteit en cultuur?

“De voorbije decennia is wat mensen wereldwijd eten meer en meer op elkaar gaan lijken. Daaruit blijkt dat mensen zeker bereid zijn om hun voedingsgewoonten radicaal om te gooien. Ik hoop dat we daar ook gebruik van kunnen maken om mensen te doen overstappen op een milieuvriendelijker voedingspatroon. Boerderijvrij voedsel kan daarbij een rol spelen vergelijkbaar met die van de pil.”

Legt u dat even uit?

“Net als moderne contraceptie heeft het het potentieel om voor een techno-ethische verschuiving te zorgen. Dat krijg je wanneer er een latente vraag naar verandering leeft en een technologie nieuwe mogelijkheden biedt. Contraceptie heeft zo de bevrijding van vrouwen versneld. Iets soortgelijks zullen we volgens mij bij de veeteelt zien. Het ongenoegen daarover neemt toe. Niet alleen omwille van de milieu-impact, maar ook vanwege de enorme problemen met dierenwelzijn. Naarmate alternatieven beter worden, zullen steeds meer mensen zich afvragen waarom we nog dieren eten. Iets wordt pas intolerabel als het vervangbaar is.”

U waarschuwt in uw boek voor machtsconcentratie. Een handvol bedrijven controleert de wereldwijde handel in graan, zaden en pesticiden. Riskeert boerderijvrij voedsel grote bedrijven niet nog meer macht te geven?

“Dat is een terechte bezorgdheid. Maar dat betekent niet dat we ons moeten verzetten tegen de technologie op zich. Wel dat we er alles moeten aan doen om machtsconcentratie te vermijden. Deze geweldige technologie moet zoveel mogelijk publiek zijn.

“De technologie heeft ook een enorm potentieel in regio’s die nu afhankelijk zijn van import. Een lokale brouwerij zou er met hernieuwbare energie in gezonde eiwitten en vetten kunnen voorzien, afgestemd op de lokale noden.”

De boeren bevinden zich niet in zo’n slechte positie, stelt Monbiot. “Het is in de eerste plaats hun vee dat weg moet.” Beeld Wouter Maeckelberghe
De boeren bevinden zich niet in zo’n slechte positie, stelt Monbiot. “Het is in de eerste plaats hun vee dat weg moet.”Beeld Wouter Maeckelberghe

Het debat over het voedselvraagstuk draait vaak om technologie. Willen we bijvoorbeeld wel of geen ge­ne­tisch ge­mo­di­fi­ceerde or­ga­nis­men (ggo’s)? Dat is volgens u het verkeerde debat.

“De belangrijkste vraag is: wie controleert de technologie en wat bereik je ermee? Ggo’s zijn een klassiek voorbeeld. Wanneer die enkel dienen om de macht van grote bedrijven te vergroten vind ik dat geen goed idee. Maar als de technologie in publieke handen is en duidelijke voordelen biedt voor het milieu of onze gezondheid zie ik het probleem niet.”

Nog iets waar volgens u veel energie aan wordt verspild: het pleidooi voor lokaal eten.

“Er gaat enorm veel aandacht naar voedselkilometers. Terwijl wat je eet veel doorslaggevender is voor de milieu-impact dan waar het vandaan komt. Je kunt gedroogde linzen de planeet rond verschepen en ze zullen nog steeds een kleinere impact hebben dan lokaal rundvlees.

“Lokaal eten heeft voordelen, maar het is een illusie dat we zo de wereld kunnen voeden, simpelweg omdat de plaatsen waar de meeste mensen bij elkaar wonen niet vlak bij grote landbouwgebieden liggen.”

Wat is uw boodschap aan boeren, die in uw boek niet alleen lezen dat ze de planeet verwoesten maar binnenkort misschien ook overbodig zijn?

“Boeren zijn, weinig verrassend, niet zo blij met wat ik zeg. Bij elke technologische revolutie zijn er winnaars en verliezers. Maar de boeren bevinden zich niet in zo’n slechte positie. Het is in de eerste plaats hun vee dat weg moet. Er zullen arbeidskrachten nodig zijn om het ecologisch herstel op de vrijgekomen grond in goede banen te leiden.

“De veehouderij is nu al sterk afhankelijk van landbouwsubsidies. Het is een erg ongelijk systeem want het meeste geld gaat naar de boeren die de meeste grond bezitten, en bovendien is het erg inefficiënt en ecologisch destructief. Dat geld kunnen we beter inzetten om die mensen iets anders te laten doen.”

Er lijkt veel politieke moed nodig om ons landbouw- en voedselbeleid bij te sturen. Ziet u dat gebeuren?

“Zo werkt het niet. Uit onderzoek blijkt dat er een kantelpunt wordt bereikt wanneer ongeveer een kwart van de mensen een nieuw idee aanvaardt. Wat eerst ondenkbaar was, wordt dan normaal. Pas dan komen politici in beeld. Zo is het bijvoorbeeld met het homohuwelijk gegaan. En zo kan het ook met ons voedselsysteem gaan.”

U pleit voor een nieuwe voedsel- en milieubeweging. Wat moet die anders doen?

“Ze moet erkennen dat landbouw, of die nu intensief of extensief is, een belangrijke oorzaak van milieuproblemen is, en dat we meer voedsel moeten produceren met minder landbouw. Ze mag de politieke en economische realiteit niet uit het oog verliezen. Dat is wat ecomodernisten mijns inziens te vaak doen: ze denken dat je alles met technologie kunt oplossen. Het is complexer dan dat, maar technologie is wel essentieel. De nieuwe beweging moet zich baseren op de beste wetenschap en data en niet op oude idealen en romantiek.”

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234