Woensdag 17/08/2022

InterviewJason Hickel

‘Groene groei bestaat niet’: volgens economisch antropoloog kan economische ‘ontgroei’ het globale welzijn bevorderen

Jason Hickel: ‘We moeten naar een economie die draait om menselijke behoeften en ecologie in plaats van de accumulatie van kapitaal.’ Beeld Dani Pujalte
Jason Hickel: ‘We moeten naar een economie die draait om menselijke behoeften en ecologie in plaats van de accumulatie van kapitaal.’Beeld Dani Pujalte

De Club van Rome liet vijftig jaar geleden in Grenzen aan de groei voor het eerst zien dat ongebreidelde groei onmogelijk is. Maar die constatering gaat niet ver genoeg, zegt economisch antropoloog Jason Hickel (39). De groei zélf is het probleem.

Ben van Raaij

Het rapport De grenzen aan de groei van de Club van Rome was in 1972 baanbrekend. Het liet voor het eerst op basis van computerscenario’s zien dat de groei van de wereldeconomie ergens vanaf 2030 door tekorten aan grondstoffen en milieuvervuiling op haar eigen grenzen zou stuiten. Alleen waren die grenzen achteraf gezien het verkeerde probleem om op te focussen. Het echte probleem was de groei zelf.

We weten nu, zegt econoom en schrijver Jason Hickel, dat het er niet om gaat of economische groei wel of niet tegen haar eigen grenzen aanloopt. Dat zal op termijn zeker gebeuren, al valt niet precies te voorspellen wanneer. “Het echte probleem is dat groei tot ecologische ineenstorting leidt. Dat wordt al levensbedreigend ruim voordat de grenzen aan de groei in zicht komen.”

We zitten al in de gevarenzone, blijkt uit onderzoek naar veilige ‘planetaire grenzen’, het belangrijkste ecologische onderzoek in decennia, aldus Hickel vanuit zijn woonplaats Barcelona. “De wereldeconomie gaat drastisch over die veilige planetaire grenzen heen, niet alleen door de uitstoot van broeikasgassen maar ook door het afbreken van biodiversiteit, veranderingen in landgebruik, chemische vervuiling, enzovoort. Ons economisch model ontwricht de processen en ecosystemen die het leven op aarde mogelijk maken.”

De opgave is volgens Hickel dan ook duidelijk: we moeten de uitstoot en andere ecologische schade dringend terugbrengen naar duurzame niveaus voordat we onomkeerbare kantelpunten overschrijden. “We moeten zélf grenzen aan de groei stellen, in plaats van te wachten tot die groei op grenzen stuit. Te beginnen met de rijke landen, want vooral zij zijn verantwoordelijk voor de ecologische en klimaatcrisis.”

Economisch antropoloog Jason Hickel weet waarover hij praat. Geboren in Eswatini (Swaziland), opgeleid in de VS en nu hoogleraar aan de Autonome Universiteit van Barcelona, houdt hij zich al jaren bezig met politieke ecologie en ongelijkheid. Naam maakte hij met The Divide – A Brief Guide to Global Inequality and its Solutions (2017) en vooral Less is More – How Degrowth Will Save the World (2020), een boek dat radicaal voortbouwt op het werk van de Club van Rome en nu al geldt als een handboek van de klimaat- en milieubeweging.

Waarom hebben we de lessen van de Club van Rome niet geleerd?

“De belangrijkste reden is dat politici ons al vijftig jaar wijsmaken dat ‘groene groei’ mogelijk is. Technologische vooruitgang en toenemende efficiency zouden ons op den duur in staat stellen de groei van het bruto nationaal product los te koppelen van de groei van het energie- en grondstoffengebruik. De economie zou dan groeien terwijl de druk op het milieu minder groeit of zelfs daalt.

“Het is een heel verleidelijk verhaal, dat een serieus publiek debat over het probleem van economische groei goeddeels onmogelijk heeft gemaakt. Helaas hebben wetenschappers keer op keer aangetoond dat er voor die ontkoppeling tussen bnp en energie- en grondstoffengebruik geen enkel empirisch bewijs is. Groene groei bestaat niet. Ik ken geen ander politiek verhaal dat zo gevaarlijk onwetenschappelijk is.”

Volgens de ‘ecomodernisten’ is groene groei best mogelijk.

“Dat is het niet. Hoe meer een economie groeit, hoe meer energie en grondstoffen ze gebruikt, met alle ecologische verwoesting van dien. En dit gebeurt nog steeds, ondanks de aanzienlijke efficiencyverbeteringen van de afgelopen decennia. Waarom? Omdat in een groei-economie elke stijging van de productiviteit gebruikt wordt om het proces van productie en consumptie extra aan te jagen, waardoor het energie- en grondstoffengebruik verder stijgt. Het probleem is dus niet dat we de efficiency moeten verbeteren (hoewel dit natuurlijk altijd helpt), het probleem is de groei zelf. In een postgroei-economie zouden efficiencyverbeteringen het gebruik van energie en grondstoffen wel omlaag brengen. En daar moeten we dus heen.”

Groei, dat is helder, is Hickels zondebok. Of beter gezegd: ‘groei-isme’. Dan heeft hij het in feite over het kapitalisme, dat ‘met de logica van een kankercel’ streeft naar voortdurende groei, of we die nu nodig hebben of niet. “Kapitalisme is een economisch systeem dat draait om en afhankelijk is van een voortdurend toenemende productie, gesymboliseerd in de groei van het bnp, niet om tegemoet te komen aan reële menselijke behoeften, maar om winst te onttrekken en op te hopen. Dat is het allesoverheersende doel.”

grenzen aan de groei club van rome Beeld rv
grenzen aan de groei club van romeBeeld rv

Zo’n systeem wordt snel extreem gevaarlijk, zegt Hickel. “Om almaar meer kapitaal op te hopen, moet je steeds meer natuurlijke hulpbronnen – grondstoffen, energie – en arbeid verbruiken, en zo goedkoop mogelijk. De kernlogica van het kapitaal is namelijk dat het altijd méér neemt dan het teruggeeft. En dat leidt onvermijdelijk tot uitbuiting van mens en natuur. Daarom moeten we naar een postkapitalistische postgroei-economie, die draait om menselijke behoeften en ecologie in plaats van de accumulatie van kapitaal.”

Ontgroeien (degrowth) is niet ingewikkeld. “We denken dat alle sectoren van een economie altijd moeten groeien. Dat is irrationeel en in tijden van ecologische crisis ook gevaarlijk. In plaats daarvan zouden we moeten beslissen wat we echt belangrijk en nodig vinden, zoals een duurzame energievoorziening of goede gezondheidszorg, en welke destructieve, onnodige sectoren we willen afbouwen, zoals de productie van SUV’s, wegwerpmode of wapens. Zo kunnen we ons energie- en grondstoffengebruik al drastisch terugbrengen.”

Jason Hickel: ‘Voor welzijn is vooral van belang hoe inkomen wordt verdeeld en of mensen toegang hebben tot wat nodig is om een goed leven te leiden.’  Beeld Dani Pujalte
Jason Hickel: ‘Voor welzijn is vooral van belang hoe inkomen wordt verdeeld en of mensen toegang hebben tot wat nodig is om een goed leven te leiden.’Beeld Dani Pujalte

Kost dat ontgroeien geen banen? Gaan we er met zijn allen op achteruit?

“Nee, want naarmate onze economie alleen nog produceert wat we echt nodig hebben, is minder arbeid nodig, en dus kun je de werkweek inkorten en het noodzakelijke werk beter verdelen, wat leidt tot meer vrije tijd. Je kunt een ‘klimaatbaangarantie’ introduceren, zodat iedereen die wil, kan deelnemen aan de grote projecten van onze generatie: de energietransitie, het herstel van ecosystemen. We kunnen een ontgroeiscenario dus realiseren zonder extra werkloosheid.

“Collectief verarmen zullen we evenmin. Het nationaal inkomen is immers niet meer dan het pendant van alle goederen en diensten die de economie produceert. Er is dus per definitie altijd precies genoeg inkomen om alles te kopen wat die economie voortbrengt. Zolang we maar produceren wat we echt nodig hebben is er altijd genoeg. De rest is een kwestie van eerlijke verdeling, een politieke keuze.

“Ontgroeien vraagt ook om universele publieke voorzieningen. We moeten de marktwerking weer uit de sociale sector halen, zodat iedereen weer toegang heeft tot de belangrijkste dingen, zoals onderwijs, gezondheidszorg, huisvesting, openbaar vervoer, energie. Dat is cruciaal voor een duurzame economie. Het doel van ontgroeien is niet de vooruitgang te stoppen. Het doel is onze economie, ecologie en samenleving beter te maken.

“Het mooie is: in rijke landen is daar geen groei meer voor nodig. Voorbij een zeker punt, wat rijke landen allang zijn gepasseerd, is er geen verband meer tussen groei en welzijn. En dat is ook logisch. Voor welzijn is vooral van belang hoe inkomen wordt verdeeld en of mensen toegang hebben tot wat nodig is om een goed leven te leiden.’

Voor arme landen ligt dat anders, en je kunt dan ook niet ontgroeien zonder de mondiale ongelijkheid aan te pakken, zegt Hickel. “Rijke landen consumeren nu grondstoffen en energie op volstrekt niet-duurzame niveaus, terwijl veel arme landen niet genoeg hebben om zelfs in de meest basale menselijke behoeften te voorzien. Sterker, de niet-duurzame economie van rijke landen is afhankelijk van de grondstoffen en arbeid die uit de arme landen worden gehaald. Het wereldwijde economische systeem is diep onrechtvaardig.

“Ontgroeien vereist een radicale convergentie van de wereldeconomie. Rijke landen moeten hun energie- en grondstoffengebruik zo ver terugdringen dat die weer op duurzame niveaus uitkomen, arme landen moeten hun gebruik zo ver kunnen laten groeien dat ze in de behoeften van hun bevolking kunnen voorzien, en dat moet samenkomen op een niveau dat welzijn mogelijk maakt voor iedereen binnen veilige planetaire grenzen.

“Het goede nieuws is dat we weten dat het heel wel mogelijk is om met 7,8 miljard mensen een goed en duurzaam leven te leiden op deze planeet. We moeten alleen ons economisch systeem gericht op accumulatie en groei ombouwen tot een economie waarin menselijke behoeften centraal staan.”

Maar hoe gaan we ontgroeien? Volgens sceptici is daar een ecodictatuur voor nodig.

“Nee hoor, de oplossingen van de ontgroeibeweging zijn juist enorm populair! Een kortere werkweek, baangaranties, universele publieke voorzieningen, meer inkomensgelijkheid – al die plannen worden door de overgrote meerderheid van de mensen gesteund, toont onderzoek keer op keer aan. Het zal niet moeilijk zijn de mensen te winnen voor een samenleving die mens en natuur stelt boven economische groei.

“Het probleem zijn de rijke elites en de politici die bovenmatig profiteren van het bestaande systeem en die de politiek en de media beheersen. Die egoïstische minderheid zal haar voordelen niet zomaar opgeven en de ecologische crisis niet vrijwillig aanpakken. We hebben sterke politieke bewegingen nodig om een andere koers af te dwingen. Geen ecodictatuur, maar echte democratie.”

Het kapitalisme heeft ook veel goeds gebracht, zeggen voorstanders, zoals individuele vrijheid en autonomie. Moeten we die opgeven?

“Individuele vrijheid en autonomie zijn helemaal geen verworvenheden van het kapitalisme, maar van de sociale bewegingen die daar hard voor hebben gestreden. Kiesrecht, arbeidsrecht, eerlijke lonen – al die zaken zijn niet het spontane resultaat van de accumulatie van het kapitaal. Nee, gewone mensen hebben die hervormingen bevochten, vaak tegen de belangen en het felle verzet van de kapitalistische klasse in.

“Zelfs in de meest geavanceerde kapitalistische landen, zoals de VS en het Verenigd Koninkrijk, zien we nog steeds veel armoede en onzekerheid. Twee jobs nodig hebben om je huur of doktersrekening te kunnen betalen, is dat vrijheid en autonomie? Een waarlijk menswaardig bestaan kunnen we beter realiseren in een postkapitalistische samenleving. En bedenk: op een dode planeet is er geen individuele vrijheid en autonomie, alleen ellende en wanhoop. Dat is een toekomst die we tegen elke prijs moeten voorkomen.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234