Donderdag 21/10/2021

Voor u uitgelegdDuurzaam opvoeden

Eén schattige baby, 300 kilo luierafval: kan dat niet duurzamer?

null Beeld Rebecca Fertinel
Beeld Rebecca Fertinel

Ze hebben kleine voetjes, maar laten een verdomd grote ecologische afdruk na. Oké, een kind op de wereld zetten is nefast voor de planeet, maar hoe pak je het zo duurzaam mogelijk aan? ‘De beste tip? Gebruik wat er al is.’

Eline is zes maanden zwanger van haar eerste kind. Een crèche heeft ze al gevonden: eentje op fietsafstand, want dat vindt ze belangrijk. “Ze gebruiken er ook wasbare luiers en maken zelf papjes met groenten uit de tuin. Dat zijn dingen die we thuis ook graag willen doen.”

Eline en haar vriend proberen duurzame keuzes te maken: ze wonen in de stad, eten regelmatig vegetarisch en ook in hun werk als architecten hebben ze aandacht voor ecologie. Ze weten ook dat nieuw leven daar een beetje haaks op staat. “Als je erover nadenkt, dan besef je dat wij ook bijdragen tot de overmatige bevolkingsgroei. Om daarvoor mijn kinderwens opzij te schuiven, dat gaat me te ver. Maar ik vind het wel belangrijk om het dan zo duurzaam mogelijk aan te pakken.”

Ook Elisabeth Van Lierop, een op Instagram bekende jonge moeder die een duurzame en veganistische levensstijl promoot en daarover binnenkort een boek uitbrengt, worstelt met die vragen. “Ik wil heel graag een derde kind, maar ik zit ook met de bedenking: is dat nog wel verantwoord? En ook, met de recente overstromingen in het achterhoofd, in welke wereld zullen mijn kinderen leven?”

Elke ouder die ruim twee jaar vuilniszakken met wegwerpluiers heeft gevuld, weet dat de twee jonge moeders een punt hebben: die schattige kleine voetjes laten een verdomd grote ecologische afdruk na. Die luiers alleen al: een kleine baby jaagt er per dag toch vlotjes een stuk of zes door. Goed voor zo’n 25 kilo afval per maand en 300 kilo per jaar. Bij de productie komt een hoop CO2 vrij – de kunststof en vochtabsorberende polymeren in luiers worden namelijk vervaardigd uit aardolie.

Volgens de Vlaamse Afvalstoffen­maat­schappij OVAM zijn luiers ook goed voor 7 à 8 procent van alle huisvuil, en daar worden crèches en kinderdag­­verblijven niet eens bijgeteld. Voor heel Vlaanderen gaat het naar schatting om zo’n 60.000 ton luierafval per jaar, en dat wordt allemaal verbrand. In Nederland en Italië zijn er wel wat pogingen om luiers te recycleren, maar die technieken staan nog in hun kinderschoenen.

Melkpoeder

Naast pampers komen baby’s doorgaans met een hele uitzet, zoals badjes, bedjes, boxen en wippers. Allemaal spullen waarvan de productie en het transport uiteraard een impact hebben op het milieu. De meeste tutjes worden gemaakt van siliconenrubber uit aardolie (een gele natuurrubberen speen is een duurzamer alternatief), elke vijf weken heeft zo’n kleine uk een volledig nieuwe garderobe nodig wegens alweer een paar centimeter gegroeid, en dan hebben we het nog niet gehad over die kilo’s plastic speelgoed en andere brol in uw woonkamer.

En wist u dat zelfs melkpoeder een behoorlijk vervuilend goedje is? Voor één kilo melkpoeder, veelal industrieel bewerkte koemelk waaraan allerlei voedingsstoffen worden toegevoegd, is namelijk tien liter melk nodig. Pittig, als je weet dat 500 tot 1.000 liter water nodig is om 1 liter melk te produceren. Die koeien hebben ook ruimte en voeding nodig, en stoten CO2 uit.

De melk moet omgezet worden in poedervorm, met een plastic of metalen verpakking. Wereldwijd zouden jaarlijks ruim 550 miljoen blikken kunstvoeding weggegooid worden, zo schreven Britse wetenschappers twee jaar geleden in een opiniestuk in The BMJ. Thuis wordt het poeder opnieuw met water vermengd en opgewarmd. Moest elke Britse moeder haar kind borstvoeding geven, zo stelden de wetenschappers, dan zou dat elk jaar qua CO2-win gelijkstaan aan 50.000 tot 77.500 auto’s die van de baan worden gehaald.

null Beeld Rebecca Fertinel
Beeld Rebecca Fertinel

Verbaast het nog dat anticonceptie zowat de meest effectieve manier is om het klimaat te redden? Tot die conclusie kwamen ook onderzoekers in een paper die in 2017 gepubliceerd werd in Environmental Research Letters. Ze vergeleken in westerse landen de impact van allerlei individuele acties op het klimaat, zoals minder vlees eten, niet langer vliegen of de droogkast buitengooien. Met stip dus op één: een kind minder krijgen. Elk kind dat niet geboren wordt, zou een CO2-besparing van maar liefst 58 ton per jaar opleveren.

Maar, zoals Van Lierop zegt, “ook al spelen al die overwegingen mee, een kind krijgen is niet enkel een rationele keuze.” Dus is de vraag: kan het ook milieuvriendelijker?

“Jonge ouders vinden dat alvast belangrijk”, merkt Kim Smeets van Blabloom, een duurzame baby- en kinderwinkel. Bij hen gaan vooral de wasbare billendoekjes en dito luiers steeds vlotter over de toonbank. Die eerste zijn makkelijk in gebruik (bovendien verdragen veel babypoepjes die wegwerpdoekjes vol chemicaliën niet), voor de luiers moeten ouders vaak nog een drempel over. “Er is nog veel onwetendheid”, zegt Smeets. “Mensen denken dat het veel werk is of dat je vuile pampers met stoelgang en al in de wasmachine moet gooien, maar zo werkt het niet: in die luiers leg je een vliesje dat de stoelgang opvangt, en dat je in de vuilnisbak kan gooien.” Wie het wil betalen, kan zelfs thuis de vuile luiers laten ophalen door een wasdienst.

Maar de animo neemt duidelijk toe: winkels als Blabloom organiseren regelmatig infosessies voor jonge ouders die gewrongen zitten met de overvolle vuilnisbakken, online vind je makkelijk getuigenissen en recensies over de verschillende types en merken wasbare luiers.

Bij de keuze van de juiste wasbare luier komt immers wel wat onderzoek kijken: er zijn luiers die je, afgezien van dat vliesje, in hun geheel vervangt en wast, of tweedelige systemen met kleurrijke kunststoffen overbroekjes die je een paar keer opnieuw kan gebruiken. Er zijn onderbroekjes of inlegdoeken in gewoon katoen, biokatoen of bamboe. Er zijn pampers die goed absorberen maar heel dik uitvallen, en alternatieven die slanker zijn maar vaker vervangen moeten worden.

Er zijn zelfs gespecialiseerde luierwinkels die ouders wegwijs maken in het aanbod en proefpakketten verhuren. Een volledig pakket wasbare luiers kost immers tussen de 400 en 700 euro. Dat is goedkoper dan jarenlang wekelijks een maxipak wegwerppampers in de winkelkar gooien, maar wel een fikse investering. Inmiddels geven 115 gemeenten daarom al premies voor inwoners die kiezen voor herbruikbare luiers, terwijl het klassieke geboortecadeau in de vorm van een gratis rol vuilniszakken behoorlijk in onbruik is geraakt.

Piepjong uit de pampers

Een kleine rondvraag leert dat de ervaringen met wasbare luiers wisselend zijn. Sommigen zijn heel enthousiast, anderen vinden het nog een stap te ver. “Als prille moeder heb ik wel betere dingen te doen dan luiers wassen”, zegt Sofie (42), pas bevallen van haar tweede kind. “Ik probeer mijn kinderen heel vroeg zindelijk te maken, mijn oudste was op anderhalf jaar al uit de pampers. Zo beperk ik de hoeveelheid luiers.” Anderen beginnen eraan vol goede moed, maar geven het op omdat de partner, grootouders of crèche niet mee willen, of omdat ze het toch te veel gedoe vinden.

Eline volgde een infosessie en ziet het wel zitten. “Mensen denken vaak dat je met herbruikbare luiers een stap terugzet in de tijd, maar eens je weet hoe het zit, lijkt het niet zo veel werk meer. Maar er bestaan zo veel systemen, je moet een beetje uitzoeken wat bij je past. Wij kregen de raad om zeker de eerste maand toch gewone pampers te gebruiken. De startersset is zo klein dat je baby daar snel is uitgegroeid. Natuurlijk zijn er ook ecologische nadelen aan de wasbare luiers, maar het is toch een beter alternatief dan wegwerp. Ik denk alleszins dat we, net als veel ouders, ook een pak gewone pampers in huis zullen halen, voor als het nodig is.”

Ook Elisabeth Van Lierop kiest voor de pragmatische middenweg. “Er zijn periodes waarin we de wasbare luiers veel gebruiken, zeker als we vaak thuis zijn. Maar als we een paar dagen weg zijn, dan heb ik geen zin in een tas vol vuile pampers, en ook ’s nachts gebruiken we wegwerpluiers omdat de billen van onze kinderen dat natte katoen geen urenlang verdragen. Het hoeft volgens mij niet alles of niets te zijn, alle beetjes helpen.”

null Beeld Rebecca Fertinel
Beeld Rebecca Fertinel

Op Instagram heeft Van Lierop het vooral over het feit dat haar gezin om ecologische redenen veganistisch eet, ook de kinderen. “Ik at zelf al jaren vegan, maar toen mijn dochter geboren werd, wist ik niet meteen hoe ik dat moest aanpakken. Moest ik voor haar plots weer een stuk vlees in de pan gooien? Maar de borstvoeding lukte gelukkig goed, daarna kwamen de groenten- en fruitpapjes, en zo rolde ik er wat in. Ik vind het wel leuk dat ik steeds meer ouders dezelfde keuze zie maken, want ik miste toen een voorbeeld. En ook: dat er uit de wetenschap steeds meer bevestiging komt voor het feit dat we onze kinderen niet tekortdoen. Die eerste jaren zat ik daar toch wat mee in, telkens als mijn dochter ziekjes was.”

De kinderen, zeggen Van Lierop, hebben er geen moeite mee. “Wij zijn de generatie die het gevoel heeft dat we plots leuke, lekkere dingen moeten laten. Ik heb er lang over gedaan om kaas te leren eten, en toen moest ik het weer afleren. (lacht) Nu hoor ik mijn vijfjarige dochter tegen andere kinderen zeggen: ‘Als je een dierenvriend bent, waarom eet je dan vlees?’. Het is ook nog nooit zo makkelijk geweest om lekker vegan te eten.”

Geboortelijst

Maar de allermakkelijkste manier om duurzaamheidspunten te scoren, is met de geboortelijst. Want hoe lang gebruikt een baby zijn of haar wippertje echt? Een half jaar, zoiets? De co-sleeper: idem. De buggy: een jaar of twee, drie. De eerste rompertjes: een paar weken, hooguit. Te kort om te verslijten, alleszins.

Maar toekomstige ouders die nietsvermoedend een babywinkel binnenstappen, dreigen te verzuipen in de gigantische berg gloednieuwe spullen die hen vaak ook als o zo noodzakelijk wordt opgedrongen (“u wil toch het beste voor uw kind?”). Nochtans zijn er echt weinig baby’s met haar dat ’s ochtends in de plooi gelegd moet worden met een klein haarborsteltje, is het perfect mogelijk om brandwonden te vermijden zonder badthermometer en zijn babynestjes om in te slapen leuk, maar niet bepaald essentieel voor het welzijn of de veiligheid van uw kind, integendeel zelfs.

“De baby- en kindermarkt is zo groot dat mensen dingen kopen die ze uiteindelijk niet of slechts heel kort gebruiken. Daar valt nog veel winst voor de ouders te boeken”, vertelt Kim Smeets van Blabloom. “We zien wel dat de neiging om alles nieuw te kopen stilaan aan het verdwijnen is. Zeker grote, dure spullen verzamelen mensen via vrienden en familie of kopen ze tweedehands.”

Gezinsbond bevestigt die trend: “Tien jaar geleden was het normaal om een geboortelijst van een paar duizend euro aan te leggen, vandaag is het net raar om alles nieuw te kopen”, zegt medewerkster Anneke Blanckaert. Gezinsbond organiseert al veertig jaar tweedehandsbeurzen voor kinderspullen. “Vroeger kwamen daar vooral kansarme gezinnen op af. Die mensen zien we nog altijd, maar daarnaast zijn er nu ook de ouders die duurzamer willen consumeren.”

Van Lierop gokt dat ze het aantal nieuwe stuks in de kleerkasten van haar kinderen op één hand kan tellen. “Gebruik wat er al is, dat is mijn belangrijkste tip voor een duurzamer leven. De kinderen zijn het gewend om in de kringloopwinkel nieuwe puzzels te kiezen. Als we een bedje nodig hebben, dan kopen we dat voor pakweg tien euro, en we zetten het weer online als we ervanaf willen. Zelfs onze bakfiets hebben we tweedehands gekocht.”

Voor leuke kleertjes zijn er tegenwoordig genoeg tweedehandswinkels te vinden met een mooie, uitgekiende selectie kinderkleren. Met apps als Vinted kom je ook al een heel eind, tipt Van Lierop. “In kringloopwinkels tussen bergen kleren gaan zoeken naar iets leuks, dat doe ik niet meer. Wat de kinderen niet meer dragen of waar ze niet meer mee spelen, dat geven we door aan anderen. Dat is leuk, omdat het speelgoed zo vaak wisselt en omdat de kinderen zo van jongs af aan circulair leren denken. Bovendien: als kind was ik de enige die tweedehandskleren droeg, mensen vonden dat raar. Nu kijkt niemand daar nog van op.”

In een enquête van Gezinsbond en 2dehands.be uit 2019 gaf driekwart van de ouders alvast aan dat ze de babyuitzet niet (volledig) nieuw kochten en daarmee gemiddeld 750 euro uitspaarden. Vooral kleren, speelgoed en maxicosi’s worden tweedehands gekocht. Veelal doen ouders dat om geld te besparen (60 procent), ruim de helft vindt ook duurzaamheid belangrijk. 65 procent verkoopt (een deel van de) spullen die ze niet meer nodig hebben weer door.

Pakske

Er zijn tegenwoordig ook online­geboortelijsten te vinden die niet aan één winkel verbonden zijn en die ouders zelf kunnen samenstellen, al dan niet met spulletjes van tweedehandssites, zoals pakske.be of kleinespruit.be. Wie een stapje verder wil gaan, kan kiezen voor initiatieven als Mic Mac Minuscule of geboorteNEST, waar de geboortelijst op maat wordt samengesteld met tweedehands- of fairtradeproducten. “We zien ook steeds meer alternatieve lijsten, waarbij mensen kraamkost of babysitbeurten vragen in plaats van speelgoed. Sommigen vragen een donatie aan Natuurpunt of een ander goed doel”, weet Anneke Blanckaert van Gezinsbond.

Nog een optie: de baby- of speelotheek. In 2018 ging de eerste Babytheek open, eind dit jaar zouden er in Vlaanderen 27 uitleenplekken voor babyspullen moeten zijn. Ook het aantal uitleendiensten voor kinderfietsen is inmiddels opgelopen tot bijna 110.

null Beeld Rebecca Fertinel
Beeld Rebecca Fertinel

Bij de Babytheken zien ze hetzelfde publiek als bij de tweedehandsbeurzen: een mix van kwetsbare gezinnen en ouders die ecologie belangrijk vinden, maar het evengoed te zot vinden om 40 euro uit te geven aan een nieuw duwwagentje dat die kleine na twee maand toch weer beu is. “Zeker in de grootsteden als Brussel is de vraag gigantisch, daar moeten we geen reclame maken”, vertelt coördinator Eva van Velzen van De Transformisten, voorheen bekend als Netwerk Duurzaam Verbruiken.

Wie in de stad woont, heeft ook zelden plaats om pakweg een reisbedje dat maar occasioneel gebruikt wordt, op te bergen. Dan is huren een eenvoudigere oplossing. “Soms wil je ook iets uitproberen voor je het koopt.” Van Velzen droomt ervan om van de Babytheken echte kindvriendelijke deelhubs te maken, waar ouders ook wasbare pampers kunnen huren of kunnen leren hoe ze zelf billencrème kunnen maken.

Wie toch graag nieuwe spullen koopt, kiest volgens Smeets van Blabloom dan best voor producten die dichtbij gemaakt zijn, van duurzame materialen. “Vaak valt dat duurder uit. Maar herbruikbare en degelijke materialen komen op termijn vaak goedkoper uit.”

Van Lierop stelt zich vaak de vraag: “Wat win ik er zelf bij? Duurzaam leven geeft me plezier, eerder dan dat het moeilijk is. Door consequent tweedehands te kopen, kan ik het me permitteren om niet voltijds te werken. Dat geeft me dan weer tijd om groenten te kopen in de verpakkingsvrije winkel. Want ik merk ook dat ik in drukke periodes snel in een spiraal van minder duurzame keuzes verval. In een gewone supermarkt zijn grote hoeveelheden plastic verpakkingen niet te vermijden. Daar blijf ik van schrikken, hoe snel onze vuilniszak vol is, zeker met kinderen.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234