Zondag 05/02/2023

Voor u uitgelegdHet consult

De zin en onzin van straffen: ‘Laat ze de gevolgen leren van hun gedrag’

null Beeld Shutterstock
Beeld Shutterstock

Hoe houd je kinderen in het gareel als ze schreeuwen, brutaal zijn of andere kinderen slaan? Straffen is zelden een optie, vinden opvoedexpert Annelies Bobeldijk en klinisch psycholoog Becky Kennedy.

Rianne van der Molen

“Straffen op zich heeft niet zo veel zin”, meent Annelies Bobeldijk van Wow! Opvoedcoaching. “Vooral niet bij jonge kinderen. Zij kunnen nog helemaal niet nadenken over hun eigen gedrag. Als je hen op de trap zet, zullen ze vooral denken: wanneer mag ik hier van af? Het wil zeker niet zeggen dat het vervelende gedrag daarna over is.”

Volgens de Amerikaanse psycholoog Becky Kennedy, die onlangs het boek Het goede in ons uitbracht, is het belangrijk om te onthouden dat je kind in wezen goed is, maar dat slecht gedrag voortkomt uit gevoelens die ze niet kunnen beheersen. Waarmee ze maar wil zeggen: raak niet meteen in paniek als je kind ‘Ik haat je!’ schreeuwt wanneer het moet stoppen met gamen.

Het is op die momenten belangrijk om eerst diep adem te halen en nooit met­een te gaan dreigen met straf. “Door te straffen mis je de kans om je kind iets te leren”, stelt Kennedy. “Je wil juist je kind helpen om het de volgende keer anders te doen. Liever zeg je iets als: ‘Ik sta niet toe dat je deze taal gebruikt, maar je moet wel erg van slag zijn dat je zo tegen me praat. Zullen we het er zo-even over hebben?’”

Consequenties leren

Bobeldijk gelooft dat het wel degelijk nuttig is om consequenties te verbinden aan bepaald gedrag. “Zo was ik ooit met mijn vierjarige zoon boodschappen aan het doen. Ik had hem al een paar keer gezegd dat hij niet steeds alles vast moest pakken. Hij bleef het doen en op een gegeven moment vloog een potje rode kool uit zijn handen. Alles kapot. Toen zei ik: ‘Nu, dan moet je maar even een winkel­medewerker gaan opzoeken en vragen hoe je dit kunt opruimen.’ Dat vindt een kind vaak lastig, maar het is belangrijk dat ze leren dat soms alleen een sorry niet genoeg is. Laat ze de gevolgen dragen van hun eigen gedrag.”

Als het gaat om die consequenties is het volgens haar essentieel dat tussen het gedrag en de ‘straf’ een duidelijk verband zit. “Gooit een kind met speelgoed? Leg dan het speelgoed weg. Heeft een kind zijn broertje geslagen? Laat hem dan een tekening maken voor zijn broertje om het weer goed te maken. Maar bijvoorbeeld bij brutaal gedrag de iPad afpakken slaat helemaal nergens op. Je kunt ervoor kiezen, maar je kind leert er geen bal van. En als je kind op een gegeven moment 15 is, krijg je dat echt niet meer voor elkaar.”

Straffen interesseert ze niks meer

In haar praktijk hoort Bobeldijk vaak ouders zeggen dat ze hun brutale kind nergens meer mee kunnen raken. “Of ze nu hun mobiel afpakken of hen eerder naar bed sturen, de straffen interesseren hun kind niet meer en daardoor verandert niets. Dan denk ik: je kind raken zou nooit je intentie moeten zijn. Ik vergelijk opvoeden weleens met fietsen. Want als een kind leert fietsen, staan we aan te moedigen en te motiveren. Maar we geven geen straf als het misgaat. Zo zouden we ook moeten opvoeden. Een kind moet leren omgaan met gedrag en emoties. Daar heeft het hulp van jou als ouder bij nodig.”

Tot slot gelooft de opvoedexpert dat veel ouders best wel wat losser mogen worden. “Als je wilt dat je kind groeit, moet je er niet bovenop blijven zitten. Het is helemaal niet erg als een kind een keer moet nablijven op school of zijn broertje een ram geeft. Dat hoeft echt niet altijd uitgebreid besproken of geëvalueerd te worden. ­Bedenk: heel veel dingen komen vanzelf goed.”

Het goede in ons, Becky Kennedy, uitgeverij Lev, 400 p., 24,99 euro.

Drie tips bij wangedrag

Belichaam je gezag

Kennedy: “Beschrijf wat je doet terwijl je de grenzen stelt. Stel dat je kind een ander kind slaat en in die woede blijft hangen. Dan kun je zeggen: ik wil niet dat je slaat. Daarom neem ik je mee naar je kamer, zodat je even tot rust kunt komen, want ik zie dat je het moeilijk hebt. Bedenk altijd: een kind dat gilt of slaat, schreeuwt om hulp. Zij willen zelf ook liever op een andere manier reageren, dus coach ze om die andere manier te vinden.”

Laat jonge kinderen je nazeggen

Bobeldijk: “Soms helpt het om iets letterlijk voor te doen. Zie je bijvoorbeeld dat je kind steeds speelgoed afpakt? Ga dan eens naast hem zitten en zeg: doe mij maar na. Vervolgens zeg je: ‘Ik wil graag met dat speelgoed spelen, mag dat?’ Een kind moet vaak nog woorden vinden en door het voor te doen train je sociale vaardigheden.”

Leg uit dat het niet leuk zal worden

Volgens Kennedy helpt het om naast het stellen van grenzen, ook te benadrukken dat de grens wellicht niet leuk zal zijn. Daardoor maak je volgens haar verbinding met je kind en erken je zijn/haar gevoel. Bijvoorbeeld door te zeggen: ‘Ik snap dat het vervelend is, maar er wordt niet op de bank gesprongen. Daar gaat de bank namelijk stuk van.’

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234