Donderdag 17/06/2021

WonenBinnenkijken

Binnenkijken in een verbouwd stationnetje, midden in het groen

Op de grasstrook tussen de oude spoorweg – nu de fietsostrade – en het station opent het koppel straks voor het eerst een zomerbar. Beeld Luc Roymans
Op de grasstrook tussen de oude spoorweg – nu de fietsostrade – en het station opent het koppel straks voor het eerst een zomerbar.Beeld Luc Roymans

Een onopvallend zoekertje onder de noemer ‘te renoveren woonhuis’ zette het leven van Stefanie en Pieter-Jan op zijn kop. Vanuit het bruisende centrum van Leuven spoorden ze richting Oplinter, waar ze dit oude stationnetje nu hun ‘thuis’ mogen noemen.

Stel je voor dat je iedere ochtend bij het opstaan meteen kon uitkijken over het uitgestrekte natuurgebied van de Grote Getevallei. Dat de enige file veroorzaakt werd door een ­constante stroom van e-bikes en speedpedelecs op de oude spoorlijn – nu fietsostrade – tussen Tienen en Diest. Het lijkt te mooi om waar te zijn. Zelfs de bewoners van het voormalige stationnetje van Oplinter, architectenkoppel Pieter-Jan Peeters (31) en Stefanie Weckx (30) met baby Loes, knijpen zich nog geregeld in de arm. “Waar ergens in Vlaanderen kun je nog zo dicht bij de natuur wonen? En dan nog in zo’n prachtig stationnetje”, zegt Pieter-Jan. “Ik droom weleens dat we hier weg moeten en schiet dan in paniek wakker. Deze plek ligt ons zo na aan het hart dat verhuizen geen optie is.”

Het gezin leeft, kookt en werkt in de oude wachtzaal. Binnenkort verhuizen ze naar het naastgelegen woonhuis en wordt de wachtzaal ingericht als polyvalente ruimte voor tekenworkshops en kleine events.
 Beeld Luc Roymans
Het gezin leeft, kookt en werkt in de oude wachtzaal. Binnenkort verhuizen ze naar het naastgelegen woonhuis en wordt de wachtzaal ingericht als polyvalente ruimte voor tekenworkshops en kleine events.Beeld Luc Roymans

Stefanie: “We zijn allebei architect en gepassioneerd door historisch erfgoed. We zouden nooit in een normaal huis kunnen wonen, er moet een ziel in zitten. Authenticiteit is voor ons het allerbelangrijkste.”

Tijdens een zoveelste speurtocht naar een pand met patina klikte Stefanie toevallig door naar een onopvallend zoekertje. “Het stond te koop als ‘te renoveren woonhuis’ en niet als station. Gelukkig maar, anders was het waarschijnlijk al verkocht geweest. In een opwelling heb ik de makelaar gebeld om onmiddellijk een bezichtiging te regelen. Daarna heb ik Pieter-Jan uit een belangrijke vergadering gehaald, met de boodschap dat het dringend was en dat hij alles moest laten vallen.

null Beeld Luc Roymans
Beeld Luc Roymans

Hoewel het pittoreske stationnetje uit 1890 er aan de buitenkant redelijk onherkenbaar uitzag, was het voor allebei liefde op het eerste gezicht. Stefanie: “De dochter van de laatste stationschef woonde er. Ze had er alles aan gedaan om de sporen naar het treinverleden zoveel mogelijk uit te wissen, maar we zagen meteen het potentieel. Na de bezichtiging hebben we zonder twijfelen de vraagprijs geboden en het compromis getekend.”

Ingenieur-architect Pieter-Jan zag niet meteen onverwachte verrassingen die je vaak bij een oud huis tegenkomt. “Voor die tijd was het heel stevig gebouwd, met dikke spouwmuren die erop voorzien waren om de schokken van voorbijrijdende treinen op te vangen. Ik was ook direct fan van het rechte lijnenspel. Het gebouw bestaat uit drie symmetrische delen, met links en rechts de publieke ruimtes en in het ­midden een woonhuis. Dat betekent dus ook dat we twee smalle zijtuinen hebben, maar geen voor- of achtertuin.”

De ruwe binnenmuren werden wit geschilderd, een huzarenwerk in zo'n grote en hoge ruimte. Het keukenmeubilair werd gerecupereerd uit het oude woonhuis en afgewerkt met nieuwe werkbladen.  Beeld Luc Roymans
De ruwe binnenmuren werden wit geschilderd, een huzarenwerk in zo'n grote en hoge ruimte. Het keukenmeubilair werd gerecupereerd uit het oude woonhuis en afgewerkt met nieuwe werkbladen.Beeld Luc Roymans

De volledige geschiedenis van het station van Oplinter staat beschreven in het boek Stationsarchitectuur in België 1830-1914, dat zo’n 130 gelijkaardige stationnetjes inventariseert. “Iets verderop staat een nog veel mooier gebouw uit diezelfde periode, wij hebben de basisversie”, lacht Stefanie.

Twee maanden na de verkoop verhuisden ze van het centrum van Leuven naar de middle of nowhere. Een gigantische aanpassing. Stefanie: “We zijn hier in november ingetrokken. De winter stond voor de deur en we hadden geen centrale verwarming of warm water. In de euforie van het moment stonden we daar allemaal niet bij stil en maakten we de zotste plannen.”

null Beeld Luc Roymans
Beeld Luc Roymans

Stefanie en Pieter-Jan

Stefanie Weckx (30) is architect en docent aan de Universiteit Hasselt / ze doet artistiek onderzoek naar de herbestemming van erfgoed / Pieter-Jan Peeters (31) is ingenieur-architect en werkt als gebiedsregisseur voor de stad Leuven / ze wonen in het oude station van Oplinter met baby Loes / info over de zomerbar en de andere activiteiten via studiokanada.com

Pieter-Jan: “We hadden nooit gedacht dat het zo’n waanzinnig project zou worden. Als architect denk je dat je alles weet, maar in de praktijk valt dat soms dik tegen. Het is een enorm project om van een oud station een bewoonbaar huis te maken. Ik ben meer een planner die alles graag tot in de details ontwerpt, terwijl het bij Stefanie vooral vooruit moet gaan.”

Om binnen het budget te blijven, deden ze zoveel ­mogelijk zelf, met recupmaterialen en met de hulp van Stefanie’s vader, die schrijnwerker is. “We noemen hem De Turbo”, lacht ze. “Hij stond ’s morgens vroeg als eerste op de werf. We hebben vaak gezucht toen we zijn bestelwagen op zondagochtend over de kasseien hoorden denderen, maar het ging tenminste wel vooruit.”

Stefanie’s vader deed al het schrijnwerk en bouwde ook de trap. Beeld Luc Roymans
Stefanie’s vader deed al het schrijnwerk en bouwde ook de trap.Beeld Luc Roymans

De vroegere wachtruimte van het station is tijdelijk ingericht als leef-, eet- en werkplek, tot het woonhuis klaar is. En ze willen er vaart achter zetten, zodat Stefanie die wachtruimte kan inrichten voor tekenworkshops. “We hebben het station gekocht met het oog op onze toekomstige activiteiten. Ik heb een passie voor botanisch tekenen en het was altijd mijn droom om er ooit iets mee te doen. De wachtzaal is de perfecte eventlocatie. We zijn hier zelfs getrouwd, op de betonnen vloer, tussen de stellingen.”

Zomerbar

De creatieve ondernemers willen niet wachten tot de ­verbouwing volledig klaar is om met hun plannen te starten. Deze maand openen ze voor het eerst een bescheiden zomerbar. Zomerbarretje, corrigeert Stefanie. “We willen geen al te hoge verwachtingen creëren. Het wordt iets ­guerrilla-achtigs, met een paar banken in het gras en enkele lokale bieren en frisdranken van microbrouwerij Hoplinter. We doen enkel open als het mooi weer is en kondigen alles aan via onze sociale media. Geen idee wat het zal geven, maar er is alvast genoeg passage.”

null Beeld Luc Roymans
Beeld Luc Roymans

Ze vinden het geweldig om langs zo’n toeristisch fietsknooppunt te wonen. Pieter-Jan: “We hebben hier elke dag een vakantiegevoel. De mensen zijn altijd goedgezind.” Stefanie: “Ook de reacties zijn heerlijk. Hoe vaak hebben we al niet gehoord: ‘Wat een schattig stationnetje, daar valt zeker wel iets van te maken’. Meestal nemen die voorbijgangers dan ook nog een selfie met ons huis op de achtergrond. (lacht) We hebben onlangs samengezeten met Toerisme Vlaams-Brabant om de IJzerenweg (zoals de oude spoorlijn nu heet, red.) uit te bouwen tot een toeristische attractie. Ons station zou dan een soort van info­kantoor worden, met ons als ambassadeurs.”

null Beeld Luc Roymans
Beeld Luc Roymans
null Beeld Luc Roymans
Beeld Luc Roymans
Deze illustratie is van Stefanie, die naast architect ook botanisch illustratrice is. Beeld Luc Roymans
Deze illustratie is van Stefanie, die naast architect ook botanisch illustratrice is.Beeld Luc Roymans
Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234