opera

'Tosca' semiscenisch in de Vlaamse Opera ***

Een opera 'semiscenisch' brengen, d.w.z met slechts enkele decorstukken en een terughoudende regie, kan om verschillende redenen. Bijvoorbeeld om in minder geëquipeerde zalen te kunnen spelen, zoals onlangs nog de 'Don Giovanni'-productie van 'The Ministry of Operatic Affairs'. In grote huizen is het vooral een besparing op het jaarlijkse productiebudget. Daarenboven houdt het conservatieve gedeelte van het publiek ervan: je hoeft niet na te denken maar kunt de muziek op je laten afkomen. De Vlaamse Opera probeert het met Puccini's 'Tosca'. En maakt een opera in zwart-wit.

'Tosca' van Puccini is een realistische opera. Niets is symbolisch, alles gebeurt zoals het is. Ook in het echte leven kun je sadistische machtswellustelingen als Scarpia, naïeve vrijetijdshelden als Cavaradossi en blind-jaloerse passionele vrouwen als Tosca tegenkomen. Daarom zien bijna alle ensceneringen van 'Tosca' er min of meer hetzelfde uit: ze spelen het verhaal, al dan niet in toeristische Romeinse decors.

Bij de Nederlandse regisseur Frans Willem de Haas in de Vlaamse Opera zijn die laatste er niet. De kerk van Sant' Andrea della Valle is een lege ruimte met een laddertje, een paar klapstoelen en de schaduw van een beeld van de madonna. Het Palazzo Farnese is dezelfde ruimte met een vintage designbureau en nog wat dito spullen. En op het Castel Sant'Angelo staat er enkel een stenen bank, al mag je in de verte de Tiber vermoeden.

Toch kun je er de postkaarten gemakkelijk bij denken, want ondanks het zwart-wit van het decor en de kostuums en de vele verwijzingen naar de film noir wordt er nauwelijks gestileerd maar gespeeld alsof het echt is. Zodanig zelfs dat je je afvraagt: waar heb ik dit nog gezien? Maar misschien kan dat niet anders, vanwege het realisme.

Is het bevredigend? Niet echt. Het heeft iets van een spannend verhaal maar literatuur is nog iets anders. Die zou dan uit de muziek moeten komen, want Puccini is eigenlijk beter dan zijn reputatie. Dirigent Maurizio Barbacini is een echte zangersdirigent (hij was ook eerst zanger). Hij is flexibel met het tempo, draagt de zangers en geeft ze ruimte. Maar als hij het orkest voluit laat gaan, mist hij soms finesse of bouwt hij de climaxen te simpel op.

Van de drie hoofdrollen maakt  Valery Alexeev als Scarpia het meest indruk door zijn soliditeit en juiste expressie, al is hij de minst spectaculaire. Susanna Branchini (Tosca) en Misha Didyk (Cavaradossi) trekken meer de aandacht door volume en glans, maar putten soms al te diep uit de - door Puccini niet bepaald geliefde - veristische trukendoos.

In de Vlaamse Opera in Antwerpen tot 13 november, in Gent van 20 tot 26 november. Sommige voorstellingen met andere zangers in de hoofdrollen.