VANAF ZATERDAG 30 JANUARI
20 GENIALE DENKERS VOOR MAAR € 4,90/BOEK

De Morgen heeft dan toch alle wijsheid in pacht. Wij verzamelden 20 geniale denkers in boekvorm, een onmisbare reeks met de inzichten van de strafste filosofen uit de geschiedenis. Van Plato tot Nietzsche en van Sartre tot Marx: u krijgt ze een voor een bij de krant, helder en verteerbaar.

Verzamel de complete reeks vanaf zaterdag 30 januari voor maar € 4,90 per boek. Als abonnee haalt u de complete collectie in huis voor maar € 93,10.

Ontdek de 20 boeken >

- Hoe verloopt de actie -

Ik ben geen abonnee
Verzamel de reeks

BOEK 1: René Descartes + GRATIS VERZAMELBOX

Uw afhaalbon zit op zaterdag 30 januari bij De Morgen. Ga met uw bon naar de krantenwinkel en ruil deze in voor het boek voor maar € 4,90. De verzamelbox krijgt u gratis.

BOEK 2 tot BOEK 20

Uw afhaalbon zit elke zaterdag bij De Morgen, van 6 februari t.e.m. 11 juni. Ga met uw bon naar de krantenwinkel en ruil deze in voor uw boek voor maar € 4,90.

Ik ben abonnee
Bestel nu >

Als abonnee hoeft u niet te sparen. U kunt de 20 geniale denkers in één keer in huis halen voor maar € 93,10 (= 1 boek gratis!).

FOLDER
Gebruik de folder die op 30/01 bij uw krant zit. Ga naar Standaard Boekhandel of laat uw BOEK-box thuis bezorgen via overschrijving.

ONLINE
DOWNLOAD UW AFHAALBON VIA DM + OF BESTEL NU

Ik word abonnee
Krijg de hele reeks >

Word nu abonnee van De Morgen en krijg de volledige reeks inclusief verzamelbox gratis.

- Ontdek de 20 filosofen -

30/JAN: DESCARTES
Een filosoof die twijfel boven alles stelt

INHOUD

Descartes (1596-1650) geeft een mijlpaal aan in de geschiedenis van de filosofie, omdat hij de deur naar de filosofische moderniteit geopend heeft door het verplaatsen van het centrum van de reflectie naar het denkende bewustzijn van de mens. Het is in deze zin een eerste stap op de weg naar het verlichte denken die resulteert in het kritische werk van Kant. Descartes markeert ook de hele filosofie van de 17e eeuw in zijn streven naar het verstrekken van de conceptuele degelijkheid en betrouwbaarheid die de wiskunde en de fysische wetenschap eigen zijn. Het beroemde cogito ergo sum (“ik denk, dus ik besta”) plaatste de basis van de kennis in het reflexieve subject en haalde dit weg bij het kritiekloos aanvaarde religieuze dogma, dat een groot deel van de middeleeuwse denkwijze bepaald had. Dit boek onderzoekt de aard en de implicaties van deze nieuwe aanpak.

6/feb: marx
Van agora tot markt

INHOUD

Filosoof, journalist, econoom, politiek dirigent; Marx is veel meer dan alleen de vader van het communisme (althans, van het communisme dat vandaag de dag in de sloot van de geschiedenis geschoven lijkt). Zijn historische materialisme vertegenwoordigt een innovatief en machtig instrument voor de interpretatie van de sociale en historische processen, dat uitgaat van de centraliteit van het werk en de materiële condities van het leven in het juiste inzicht van de juridische, ideologische en conceptuele superstructuren van iedere periode. Een denkwijze die aan het begin staat van een nieuwe filosofische antropologie, waarin de mens en zijn bewustzijn het resultaat zijn van de eigen interactie met de wereld.

13/feb: kierkegaard
De eerste existentialist

INHOUD

Søren Kierkegaard (1813-1855) is de auteur van een zeer persoonlijk werk dat een nieuwe weg opent voor het denken. Het staat aan de basis van alle denken over het onderwerp existentie, over de werkelijke en historische mens. Hiermee vormde hij een nieuwe opvatting van de kennis en de waarheid, wat niet meer het abstracte en eeuwige is dat het traditionele idealisme en rationalisme in stand hielden. De concrete en specifieke existentie, met zijn subjectieve lading en zijn spirituele wens, plaatst zich op deze manier in het centrum van de reflectie. Als aan het einde van de Tweede Wereldoorlog de filosofen van de existentiële stroming uit het puin een nieuwe morele filosofie en een cultuur willen vormen, zullen ze niet zoeken naar de abstracties die tot barbaarsheid leidden, maar naar de Kierkegaardiaanse wending naar de kern van de mens. Vanaf dit herstel is in de Deense denker een enorme rijkdom ontdekt waarin de psychologie, de filosofie en het literaire genie zich in dienst stellen van een religieuze taak: een individueel mens worden in de essentie van het christendom.

20/feb: plato
De waarheid is elders

INHOUD

Zoals we er in de inleiding aan herinnerd worden, is de Europese filosofische traditie weleens omschreven als ‘een serie opmerkingen over Plato’, terwijl anderen (met verbittering) erkennen dat ‘het schrijven van de geschiedenis van de filosofie platonisch is’. Het belang van Plato is zo groot dat het niet overdreven is om te zeggen dat het onmogelijk is de geschiedenis van het denken (en dus de manier waarop wij de realiteit, de waarheid of de ziel zien) te begrijpen, zonder de theorieën van de oprichter van de Academie te kennen. Het doel van dit boek is niets anders dan het benaderen van de denkwijze van de grote Atheense filosoof door middel van de uiteenzetting van zijn belangrijkste doctrines, met speciale aandacht voor het belichten van de fundamentele en meest invloedrijke kwesties. En allemaal zonder de kritieken en bezwaren te vermijden die aan de orde gesteld zijn vanwege zijn theorieën, vanaf de tijd van Aristoteles tot nu.

27/feb: nietzsche
Übermensch en wil tot macht

INHOUD

Hoe benaderen we de denkwijze van Friedrich Nietzsche, de meest controversiële van de filosofen. Heel zijn oeuvre is een apparaat dat op zijn kop moet zetten hoe wij de wereld en onszelf begrijpen. Dit boek is bedoeld als handleiding om te leren hoe een dergelijk apparaat gehanteerd moet worden. In deze pagina’s lopen we door het leven en de filosofie van Nietzsche, vanaf zijn jeugdige claim over de Griekse tragedie tot zijn laatste aanval op de christelijke moraal, via de leer van de eeuwige wederkeer en de aankondiging van de übermensch. Hiervoor wordt een reeks personages gebruikt die zijn intellectuele route aanduiden: Dionysus, Zarathustra en de Antichrist. Tot besluit gaat het over de ontdekking van de kracht die het volledige Nietzscheaanse denken aanstuurt: de onvoorwaardelijke liefde voor het leven.

5/mrt: locke
De geest is een 'tabula rasa'

INHOUD

John Locke (1632-1704), vader van het empirisme en het politieke liberalisme, wordt gezien als een van de invloedrijkste filosofen van de geschiedenis, ondanks dat hij vaak een van de meest vergeten filosofen is. Dit boek onderneemt de taak om hem recht te doen door zich te verdiepen in zijn bijdragen aan de filosofie, politiek en wetenschappelijke openbaringen. Zijn prestaties zijn nauw verbonden aan de tijd en de plaats waarin hij leefde: hij was een kind van het 17e-eeuwse Engeland, hij leefde tijdens de bloei van de bourgeoisie, de crisis van het feodale systeem en de opleving van de nieuwe wetenschap. Als voorstander van de ervaring en de gevoeligheid als geldige bronnen van kennis tegen de buitensporigheid van het extreme rationalisme, leidde zijn gemodereerde visie en zijn kritiek tot het formuleren van een antiautoritaire politieke theorie ten gunste van een Staat die instond voor de individuele vrijheden van het recht van de burgers om in opstand te komen tegen de regering. Vandaar het belang van zorgvuldig onderzoek, dat zorgt voor de kritische bevrijdende afweerstof tegen de vooroordelen, de gematigde reflectie van deze grote filosoof.

12/mrt: arendt
(Politiek) in de wereld staan

INHOUD

Hannah Arendt (1906-1975) toont ons een van de meest originele denkwijzen van de 20e eeuw. Ze wijkt af van de hegemonische filosofische traditie en stelt voor ‘te denken zonder vangnet’ vanaf ongewone paden, over de complexe relatie tussen filosofie en de politiek. Haar inzet voor de openbare ruimte en voor de gemeenschappelijke wereld als onontkoombaar kader van onze menselijke toestand geeft ons belangrijke aanwijzingen voor het begrijpen van de belangrijkste politieke ervaringen van deze eeuw, zoals het totalitarisme, de massamaatschappij of de revoluties. Haar doel richt zich op de analyse van de menselijke ervaringen die fundamentele politieke concepten creëren, zoals macht, actie, geweld en verantwoordelijkheid, om de oorspronkelijke betekenis terug te krijgen. Dit boek behandelt de belangrijkste aspecten van haar leven en haar werk die op hun beurt draaien om hoe men politiek gezien in de wereld staat en welke consequenties het verlies van deze gemeenschappelijke wereld heeft.

19/mrt: Freud
Een reis door de diepten van het ik

INHOUD

Sigmund Freud (1856-1939), die samen met Nietzsche en Marx als een van de meesters van verdenking wordt gezien, had er geen moeite mee om filosofische kwesties aan de orde te stellen die tot dan toe nog nooit geformuleerd waren, zoals bijvoorbeeld: Wat betekenen onze dromen? Zijn we echt rationele wezens die hun instincten onder controle hebben? Hoe hoog is de prijs die we moeten betalen om in de maatschappij te leven? Misschien moeten we de verwachting van het bereiken van het geluk opgeven? Als we antwoorden op deze en vele andere vragen willen vinden, moeten we zeker onze toevlucht nemen tot Freud. In dit boek wordt de denkwijze van de vader van de psychoanalyse uiteengezet, terwijl speciale aandacht besteed wordt aan alle ideeën waarover de grote traditie van de westerse filosofie het liefst wilde zwijgen.

26/mrt: spinoza
Filosofie op geometrische wijze

INHOUD

De filosofie van Baruch Spinoza (1632-1677) vormt het hoogtepunt van het rationele denken. Geen enkele andere auteur heeft zich zo rigoureus beperkt tot de concepten van het pure intellect om een omschrijving van het universum en de mens te bereiken, extern op het fysieke vlak en intern in de morele en affectieve dimensie. Gefascineerd door de geometrische wiskundige methode van de triomferende Wetenschappelijke Revolutie van de 17e eeuw, vormde Spinoza zijn filosofie met definities, hoofdstellingen en demonstraties. Het verbazingwekkende is dat, meer dan drie eeuwen nadat hij deze schreef, en terwijl de genoemde methode geen enkele toepasbaarheid meer bezit in het filosofische domein, Spinoza’s opvatting over het bestaan een van de rijkste, stimulerendste en fascinerendste blijft die het menselijk denken voortgebracht heeft.

2/april: hegel
Het werkelijke en het rationele

INHOUD

De filosofie heeft zeker een geschiedenis met onbetwistbare momenten. Plato, Aristoteles, Descartes of Kant weglaten is hetzelfde als de gehele filosofie onthoofden. Kunnen we hetzelfde zeggen van Friedrich Hegel? Velen hebben het gewicht van zekere theses van de hegeliaanse dialectiek benadrukt, zoals bijvoorbeeld zijn kritiek op wat hij de ‘gemeenschappelijke liefde voor dingen’ noemt, bestaande uit denken dat het verschil zonder verzet staat tegenover dat wat anders is, dat de gelijkheid tussen de verschillen een uitgangspunt kan zijn in plaats van een verovering en, kortom, dat de tol van het conflict onvermijdelijk is. Maar, denkers van de eerste klasse hebben bevestigd dat het Hegelianisme slechts een willekeurige en verduisterende onderbreking was in de geschiedenis van het filosofische denken. In ieder geval is er zelfs voor de zuurste lasteraars een profylactisch gebruik voor de lezing van Hegel: voor hen is het hegelianisme als de mazelen die iedereen verplicht moet krijgen. Na de scherpe kritiek van bijvoorbeeld Bertrand Russell of Michel Foucault nestelt zich misschien de overtuiging dat de eigen beweging van de filosofie de link die Hegel is, aanstuurt, waardoor de afrekening met hem een afrekening is van de filosofie met zichzelf.

9/apr: kant
De Copernicaanse wending in de filosofie

INHOUD

Met Immanuel Kant (1724-1804) bereikt de filosofie zijn meerderjarigheid, waarmee de hedendaagse periode begint. Hij bevrijdt zich van de laatste Middeleeuwse overblijfselen die in de 18e eeuw nog steeds zichtbaar waren, en situeert zich in het centrum van de reflectie van de historische mens, vastbesloten om middels de rede het teken van zijn lot te beïnvloeden. Kant vertegenwoordigt het hoogtepunt van het verlichte ideaal en opent de weg naar al het daaropvolgende humanistische denken dat, zelfs als het de kantiaanse ideeën niet accepteert, zich beweegt binnen de ruimte die hierdoor afgebakend wordt. Dit boek richt zich op de twee meest duurzame en invloedrijke aspecten uit de kantiaanse werken: de theorie van het denken met de beroemde ‘copernicaanse wending’ en de ethiek, waarvan de rode draad gevormd wordt door een overtuigende bevestiging van wat de mens moet doen om rationeel en vrij te zijn.

16/apr: Machiavelli
Over heersers, leiders en andere politieke dieren

INHOUD

Controversieel en omstreden, het werk van de grote theoreticus van de macht genaamd Niccolò Machiavelli laat niemand onverschillig. Als de bezitter van de uitzonderlijkste praktische intelligentie van de Renaissance denkt Machiavelli na over de menselijke aard in de politieke actie, met de nadruk op de handelingen en niet op de gerechtvaardigde ideeën of de morele principes. Zijn kijk plaatst ons voor een spiegel waar velen liever niet in zouden kijken, alhoewel regeringsleiders van over de hele wereld zeker een exemplaar van De heerser in hun nachtkastje hebben liggen. Het belang van zijn politiek realisme is enorm en zijn invloed is in de loop van de tijd alleen maar toegenomen. Dit werk bespreekt de adviezen die Machiavelli geeft aan diegenen die willen overwinnen in de machtsstrijd, een spel dat, net als oorlog en de liefde, blijkbaar geen regels heeft.

23/apr: aristoteles
Van potentie naar act

INHOUD

Aristoteles (384-322 v. Chr.), een leerling van Plato, die hij altijd eerbiedig respecteerde, is de maker van het eerste grote filosofische systeem, dat conceptueel een groot deel van de realiteit omvatte en dat de loop van de filosofie en van de westerse wetenschap gedurende meer dan tweeduizend jaar grotendeels bepaald heeft. Geen enkele andere filosofie heeft zo’n diepgaande en langdurige invloed gehad. Vanuit de tegenstelling met de thesis van zijn leermeester (waarover hij gezegd zou hebben: “Plato is mijn vriend, maar de waarheid is een betere vriend”) ontstonden de grote alternatieven waartussen de toekomstige filosofische denkwijzen zich zouden bewegen: rationalisme en empirisme, idealisme en materialisme, transcendentie en immanentie.

30/apr: voltaire
Ironie tegen fanatisme

INHOUD

Het blijft noodzakelijk het pragmatisme en het gezonde verstand van Voltaire opnieuw te beoordelen, voor wie het alleen de moeite waard is na te denken over wat nuttig is, zonder tijd te verliezen aan kwesties die niemand interesseert. Niets ontzette hem meer dan verveling, en daarom komen zijn geschriften voort uit een sprankelende aangenaamheid. De ironie en het gevoel voor humor waren zijn beste wapens om het fanatisme, de intolerantie en de vooroordelen te bestrijden. Iedereen kan zijn eigen overtuiging of geloof hebben, zolang hij deze niet op wil leggen aan anderen als een onbetwistbaar dogma. Hij werd rijk om te genieten van een onafhankelijkheid die zijn oorsprong hem niet verschaft had en die weinigen genoten. Hij bleef altijd vechten tegen de onrechtvaardigheden; daarvan getuigt zijn Verhandeling over de tolerantie, een onvervalst icoon tegen fanatisme van alle soorten.

7/mei: rousseau
En de politiek schiep de mens
(zoals hij is)

INHOUD

En de politiek maakte de mens… zoals hij is. Als iemand de manier hersteld heeft waarop de politiek en de autoriteiten beslissend vormgeven aan de steden, was het Rousseau, groot voorstander van het belasten van grote fortuinen, door te geloven dat de sociale cohesie werkt door het bevorderen van een middenklasse, terwijl tegelijkertijd de armoede en weelde verbannen worden. Hij was een musicus, schrijver, politicoloog, morele filosoof, pedagoog, botanicus en de ontwikkelaar van het genre van de autobiografie. Als een atypische verlichte, met eerbied voor de rede, karakteristiek voor zijn tijd, vergat hij de rol die de emoties spelen niet. Vandaar dat zijn geschriften zowel Kant als het romanticisme inspireerden. Robespierre verafgoodde hem en velen zagen hem als de intellectuele vader van de Franse Revolutie, maar hij is ook aangezien voor een voorouder van Marx, hoewel niemand ziet hem als de voorloper van het totalitarisme. De grootste belangstelling van Rousseau bestaat eruit dat hij alle kruisingen wist te onderscheiden die kenmerkend zijn voor de moderne periode: onze periode.

14/mei: habermas
Het streven naar democratie

INHOUD

Het zou onmogelijk zijn de filosofie van de tweede helft van de 20e eeuw te begrijpen zonder Jürgen Habermas (Düsseldorf, 1929) te lezen. Het werk van deze auteur, nu al beschouwd als een levende klassieker, is niet alleen filosofisch, maar het dringt ook binnen in het interdisciplinaire denken, in de beste traditie van de kritische theorie, de intellectuele stroming die de filosofische reflectie verbonden heeft met de sociale wetenschappen. Dit boek dringt door in het overvloedige werk van Habermas en haalt hier een verhaal uit over het vastberaden streven van de auteur naar democratie. In plaats van het nastreven van een diepgaande introductie in het habermasiaanse denken, dient dit boek ervoor om de lezers te laten beginnen bij de belangrijkste punten van de ontwikkeling van zijn ethische en politieke denkwijze.

21/mei: Foucault en derrida
Hedendaags Frans denken

INHOUD

Het Franse denken uit de tweede helft van de 20e eeuw is zeer waarschijnlijk de ultieme grote speculatieve kracht geweest die de plaats waar we problemen aan de orde stellen en de manier waarop we dat doen volledig zou kunnen vernieuwen. De invloed hiervan was enorm, het dekt de volledige intellectuele geografie en omvat alle domeinen, van de politieke reflectie tot de kritiek en het artistieke experimenteren. De denkers die deze vernieuwing stimuleerden waren talrijk en van een zeldzame kwaliteit, en vooral Michel Foucault (1926-1984) en Jacques Derrida (1930-2004) vielen op. Beiden wezen de gewoonlijke vooronderstellingen van een bepaald discursief domein af en bestreden het heersende etnocentrisme, hoewel ze dit op verschillende manieren aanpakten: Foucault nam de weg van de genealogische aanpak van de historische analyse; Derrida nam de weg van de deconstructie van het logocentrisme en het fallocentrisme. Zelfs vandaag de dag valt een groot deel van de conceptuele uitrusting die we tot onze beschikking hebben onder de invloed van deze twee denkers.

28/mei: Rawls
Filosoof van de rechtvaardigheid

INHOUD

Niemand heeft de rechtvaardigheid in de hedendaagse wereld met zoveel enthousiasme en zoveel striktheid overdacht als John Rawls. Hij heeft zijn hele leven gewijd aan het oplossen van de spanning tussen de vrijheid en de gelijkheid zonder een van de twee los te laten, omdat beiden onmisbaar zijn voor de democratie. Zijn filosofie bestaat uit het vorm geven aan een fundamenteel gevoel: een rechtvaardige maatschappij meet zich door het lot dat gereserveerd is voor de meest kansarmen. De ideeën van Rawls hebben niet alleen een generatie filosofen geïnspireerd, maar ook economen, politicologen, sociologen en juristen van allerlei ideologieën en denkrichtingen. De nalatenschap van de filosoof van Harvard behoort al tussen de meest geroemde uit de geschiedenis van het politieke denken, naast Plato, Aristoteles, Hobbes, Locke, Rousseau, Kant, Mill en Marx.

4/jun: sartre
De schone trots van de vrijheid

INHOUD

Bijna de gehele 20e eeuw doorlopend, kenmerkt de filosofie van J.P. Sartre zich vooral door de vorming van een reflectie over de menselijke toestand en de radicale verdediging van de vrijheid. Dat is de echte oorsprong van het existentialisme die leidt tot het voorstel van een individualistische moraal zonder solidariteit. Maar Sartre, als bevoorrechte getuige van de roerige gebeurtenissen van de 20e eeuw, verwijst al snel naar het voorstel van een vruchtbare relatie tussen zijn eigen filosofie en het marxisme, en zorgt zo voor een opening voor een theoretische en politieke samenwerking. Steeds opnieuw zijn sociale verplichtingen herhalend, zag Sartre het existentialisme uiteindelijk als een reflectie over de individuele vrijheid die moet worden toegevoegd aan de historische horizon om de sociale processen te begrijpen die aangepast zijn aan een periode door algemene wetten en de activiteit van de onvervreemdbare menselijke vrijheid.

11/jun: popper en kuhn
Twee reuzen uit de wetenschapsfilosofie van de 20e eeuw

INHOUD

Karl Popper en Thomas Kuhn zijn de twee invloedrijkste wetenschappelijke filosofen van de 20e eeuw. De eerstgenoemde bedacht een nieuwe wetenschappelijke methodologie, de falsifieerbaarheid, waarbij het belangrijkste doel van het onderzoek niet bestaat uit het verifiëren van de wetenschappelijke theorieën maar uit het verwerpen ervan, dus zoeken naar concrete gevallen om de theorieën te verwerpen. Op het gebied van sociale en politieke ideeën implementeerde Popper een systematische kritiek op alle vormen van het totalitarisme. Ondertussen werd Kuhn zeer bekend door zijn interpretatie van de historische ontwikkeling van de wetenschap als een opvolging van paradigma’s, die ieder gedurende een lange periode het onderzoek leidden totdat ze in een crisis terecht kwamen en vervangen werden, vanwege een wetenschappelijke revolutie, door een nieuw paradigma dat onvergelijkbaar was met het eerste. De benaderingen van Popper en Kuhn zijn zeer tegenstrijdig, en de controverse tussen beide auteurs vervulde een belangrijke rol in de wetenschappelijke filosofie in de tweede helft van de vorige eeuw.