Griekenland kan opnieuw 43,7 miljard euro krijgen

De kredietverleners van Griekenland zijn in de voorbije nacht overeengekomen om vanaf volgende maand een schijf van 43,7 miljard euro vrij te geven voor het met bankroet bedreigde land. De leningsvoorwaarden worden versoepeld, van een schuldkwijtschelding is geen sprake.

Na twaalf uur onderhandelen gaven de ministers van Financiën van de eurozone, de Europese Centrale Bank (ECB) en het Internationaal Monetair Fonds (IMF) "onder voorwaarden" groen licht voor het vrijgeven van de noodhulp.

Het bedrag van 43,7 miljard euro komt er door de samenvoeging van verschillende schijven.

Het is de derde keer dat Griekenland een schijf noodhulp verkrijgt. In ruil moet de Griekse regering de overheidsschuld doen dalen: nu bedraagt die 175 procent van het bruto binnenlands product (bbp), tegen 2020 moet die tot 124 procent zijn teruggedrongen en twee jaar later moet die substantieel lager liggen dan 110 procent van het bbp.

Met steun van het noodfonds kan Griekenland de eigen staatsbons terugkopen. Daarnaast zullen nationale banken de winsten op Griekse staatsobligaties terugstorten aan Athene.

"Betere toekomst voor Grieken én eurozone"
"Dit gaat niet alleen om het geld. Dit houdt de belofte van een betere toekomst in voor het Griekse volk en voor de eurozone in zijn geheel", verklaarde voorzitter van de eurogroep Jean-Claude Juncker na afloop van de marathonzitting.

"Ik geef toe dat dit een zeer moeilijke deal was", aldus nog Juncker, die benadrukte dat iedereen "zeer belangrijke inspanningen" heeft moeten leveren.

EU-Commissaris voor Economie Olli Rehn had het dan weer over "een reële test voor de geloofwaardigheid" van de eurozone. "En we konden het ons niet veroorloven om te falen voor deze test".

In verschillende landen moet het akkoord wel nog door het parlement worden goedgekeurd.