Economie
OPINIE

De instabiliteit van de eurozone heeft te maken met besluiteloosheid van de ECB

Instabiliteit van eurozone heeft te maken met besluiteloosheid van ECB, oordeelt Paul De Grauwe, professor aan de London School of Economics en gewoon hoogleraar emeritus aan de Katholieke Universiteit Leuven.

©UNKNOWN
 
De belangrijkste verantwoordelijkheid van een centrale bank is financiële stabiliteit waarborgen. De ECB is daar jammerlijk niet in geslaagd

Het was niet de meest glorieuze week van de Europese Centrale Bank en haar voorzitter Mario Draghi. De week voordien had Super Mario aangekondigd dat de ECB bereid was alles te doen wat nodig is om de eurozone recht te houden. Deze aankondiging creëerde een golf van positieve verwachtingen. De Spaanse en Italiaanse lange termijn rentetarieven daalden op spectaculaire wijze. De hoop was dat de interventies van de ECB de existentiële vrees over de toekomst van de eurozone zou wegnemen. Een vrees die op een zelfvoedende wijze de eurozone destabiliseert. Een klassiek geval van de self-fulfilling prophecy: omdat beleggers iets vrezen, doen ze dingen (in dit geval massaal verkopen van overheidsobligaties) die het voorwerp van de vrees waarschijnlijker maakt.

En dus verwachtten velen dat de ECB de fear factor zou wegnemen. Ze vergisten zich. Mario Draghi had zich niet ingedekt bij de Bundesbank die in het denken van de jaren dertig is blijven steken, en alleen gelooft in het zaligmakende van evenwichtige begrotingen. Het vertoon van Mario Draghi bleek dus een opvoering te zijn uit de Commedia del'Arte. Het klonk stoer, maar als puntje bij paaltje kwam droop de hoofdacteur af. De geloofwaardigheid van de ECB kreeg opnieuw een deuk.

Structurele fundamentalisten
Geen probleem. Het oude door en door versleten plaatje werd bovengehaald. De ECB zou interveniëren als de "politici eerst hun werk doen". Waarmee in Frankfurt dan bedoeld wordt dat "structurele hervormingen" moeten doorgevoerd worden. Wat die hervormingen zijn beginnen we ook stilaan te weten: minimumlonen verlagen, afdankingsprocedures versoepelen, de arbeidsmarkten flexibeler maken zodat lonen kunnen dalen (niet om lonen te verhogen, want dat is altijd slecht).

Het probleem met dit verhaal over structurele hervormingen is dat ze nauwelijks iets met de financiële crisis te maken hebben en dat het doorvoeren van deze hervormingen ons niet uit de crisis zal helpen. Neem het voorbeeld van Spanje. Onder druk van de financiële markten heeft de Spaanse regeringen drastische hervormingen doorgevoerd. De minimumlonen zijn verlaagd, de afdankingsprocedures zijn versoepeld, de lonen en wedden van ambtenaren zijn verminderd. Die hervormingen hebben absoluut geen soelaas gebracht. De reden is eenvoudig: die maatregelen hebben, samen met de budgettaire saneringsoperaties, de koopkracht van de Spaanse bevolking dramatisch doen dalen en de economie verder de diepte in geduwd. Het gevolg hiervan is dat de budgettaire situatie van het land helemaal niet verbetert. Dat op zich is dan voor de Bundesbank-economen het bewijs dat er onvoldoende inspanningen zijn geleverd om structurele hervormingen door te voeren. Want het is een akte van geloof voor die economen dat structurele hervormingen de crisis oplossen. Als dat dus niet gebeurt betekent het dat er onvoldoende structurele hervormingen zijn doorgevoerd. En dus besluit de Bundesbank en in haar kielzog de ECB moet er gewacht worden totdat "de politici hun werk doen".

Ik heb geen overdreven sympathie voor de politici, maar in dit geval wil ik wel in de bres springen voor de politici die door de centrale bankiers in de eurozone voortdurend met de vinger worden gewezen. De Spaanse, Portugese, en Ierse politici hebben drastische structurele maatregelen genomen. Maar voor de structurele fundamentalisten in Frankfurt is het nooit genoeg.

Niet geloofwaardig
Het is ook nooit genoeg omdat dit verhaal over de structurele hervormingen een afleidingsmanoeuvre is dat door de ECB wordt gebruikt om het eigen onvermogen om tot kordate beslissingen te komen te verbergen. De belangrijkste verantwoordelijkheid van een centrale bank bestaat erin financiële stabiliteit te waarborgen. De ECB is daar jammerlijk niet in geslaagd, en haar besluiteloosheid is een van de hoofdfactoren geworden in de instabiliteit van de eurozone. Dus maar de schuld geven aan de politici.

Het ergste aan dit verhaal over structurele hervormingen is dat de ECB dat nooit op zichzelf heeft willen toepassen. Toen de eurozone werd gecreëerd was er plots een overaanbod van centrale bankiers. Vele nationale banken kenden een overschot aan personeel, omdat het geldbeleid werd gecentraliseerd op het niveau van de eurozone.

Wanneer het aanbod groter is dan de vraag zou je verwachten dat in flexibele arbeidsmarkten het loon zou gaan dalen. Dat is dus helemaal niet gebeurd in de eurozone ondanks het overaanbod.

De markt voor centrale bankiers bleek even rigide te zijn als vele andere arbeidsmarkten. En dat is te begrijpen. Niemand ziet graag zijn loon dalen. Centrale bankiers ook niet. Wat niet te begrijpen is, is dat diezelfde centrale bankiers aan iedereen de les spellen dat ze zich flexibel moeten opstellen, en loonsverlagingen moeten aanvaarden als de marktomstandigheden dat vereisen. Wanneer ze die les niet op zichzelf willen toepassen, hebben die bankiers weinig geloofwaardigheid.