Inkomensongelijkheid in België wordt groter
De meeste geïndustrialiseerde landen kenden een stijging van de inkomensongelijkheid, in navolging van de Verenigde Staten en Groot-Brittannië. België kent, samen met Finland en Zweden de grootste stijging van de inkomensongelijkheid van alle geïndustrialiseerde landen. Dat blijkt uit onderzoek van de Internationale Arbeidsorganisatie (ILO).
Voor aftrek van belastingen kent België een ongelijkheid van 46,5 op een schaal van een tot honderd. Voor Zwitserland is dat 39, voor Groot-Brittannië 52, Verenigde Staten 48, Spanje 46,8, Italië 47,5, Zweden 45, Duitsland 43 en Frankrijk 42. Bij de zogeheten 'advanced economies', kenden alleen Zwitserland, Duitsland, Frankrijk en Denemarken een daling van de inkomensongelijkheid.
Het verschil tussen de hoogste lonen (bovenste tien procent) en laagste lonen (onderste tien procent) is bij de geïndustrialiseerde landen het kleinst in België en de noordelijke landen. Tot slot blijkt uit de studie ook dat het belastingsniveau in België hoger ligt dan gemiddeld. Waarbij het wereldwijde gemiddelde op 17 procent lag in 2007, is dat in België 21 procent. (belga/adv)