Jonge roofdinosauriërs waren bedekt met dons. Dat hebben onderzoekers uit München ontdekt. Hierdoor lijkt het stereotype beeld van de koudbloedige dinosauriër te wankelen, meldt het vaktijdschrift Proceedings of the National Academy of Sciences (PNAS).
De onderzoekers bestudeerden een jonge roofdinosauriër van 150 miljoen jaar oud, verwant aan de Tyrannosaurus, uit de omgeving van het Duitse Kelheim. Met behulp van ultraviolet licht vonden ze overblijfselen van veren en huid, in plaats van schubben. Het is niet met zekerheid te zeggen of het dons op latere leeftijd zou verdwijnen om alsnog plaats te maken voor schubben.
Het verenkleed is waarschijnlijk niet gebruikt door de roofdinosauriër om te vliegen, maar als bescherming tegen de kou. Deze ontdekking suggereert dat dinosauriërs op een of andere manier warmbloedig waren. Dit betekent dat de dinosauriërs verder ontwikkeld waren dan aanvankelijk gedacht werd.
Volgens conservator dr. Oliver Rauhut van de Beierse Collectie voor Paleontologie en Geologie in Beyeren moeten we "afscheid nemen van het beeld van de reptielenreuzen. Waarschijnlijk waren ze eens pluizig".

© 2013 De Persgroep Digital - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.
Volg het nieuws op onze zustersite in Nederland www.volkskrant.nl.