Humanitaire noodsituatie in Congo blijft duren
De Verenigde Naties hebben in een nieuw rapport gewezen op de aanhoudende vluchtelingenellende en de humanitaire noodsituatie in Congo. Het al tien jaar aanslepende conflict tussen de Hutu-militie FDLR en de Congolese regeringstroepen in het oosten van het land is evenzeer verantwoordelijk voor de ellende van de burgerbevolking als de aanvallen van bandieten en andere gewapende groepen. Ook overvallen op hulpverleners zijn afgelopen jaar duidelijk toegenomen, zei een woordvoerder van het VN-bureau voor de Coördinatie van de Humanitaire Hulp van de VN (OCHA).
8.000 verkrachtingenMomenteel verblijven in de oostelijke Kivu-provincies minstens 1,3 miljoen mensen in vluchtelingenkampen. Meer dan een miljoen onder hen moest afgelopen jaar uit hun dorpen vluchten. Een van de grootste problemen in het Oost-Congolese conflictgebied is het voortdurende seksuele geweld. Alleen al in 2009 werden 8.000 verkrachtingen geregistreerd - het daadwerkelijke aantal zal wellicht nog veel hoger liggen.
Oegandese rebellenlegerIn het noordoosten van Congo zijn leden van het Oegandese rebellenleger LRA verantwoordelijk voor vele geweld. De rebellen doodden vorig jaar bijna 850 mensen en ontvoerden er 1.500, onder wie ook een 200-tal kinderen. Het aantal vluchtelingen in de door de LRA bedreigde districten wordt op ruim een half miljoen geschat. Een derde van de hulpbehoevenden kan wegens de onveilige wegen niet bereikt worden. (belga/vbd)