08/02/12, 12u56
De Antwerpse strafrechter heeft een mentaal gehandicapte man van 31 uit Antwerpen vrijgesproken van de aanranding van een 15-jarig meisje. Hij had de feiten bekend, maar de rechtbank oordeelde dat zijn bekentenis, die hij zonder bijstand van een advocaat had afgelegd, totaal waardeloos was. De wijze waarop en de omstandigheden waarin hij de bekentenis gedaan had, vond de rechtbank zeer bedenkelijk.
Aangesproken op straatDe beklaagde zou het meisje op 26 februari 2010 op straat hebben aangesproken om het uur te vragen. Hij zou haar vervolgens hebben vastgepakt, op de mond hebben gekust en haar hand op zijn geslachtsdeel hebben gelegd. Daarna zou hij zijn woning zijn binnengegaan. Het meisje ging naar een vriendin die in dezelfde straat woonde, en die laatste verwittigde de politie.
Insinuerende vragenDe politie pakte de dertiger op en zijn verhoor werd op video vastgelegd. De rechters stelden vast dat de verdachte amper besefte wat hem gevraagd werd. Hij antwoordde bevestigend op vragen die hij eerder ontkennend had beantwoord omdat hij zijn verhoorders wilde plezieren. De rechtbank kon zich ook niet van de indruk ontdoen dat de herhaalde vraagstelling insinuerend en zelfs dwingend was. De man had bovendien een spraakgebrek en was moeilijk verstaanbaar.
De verhoorder vatte de antwoorden van de beklaagde samen volgens zijn eigen interpretatie en de rechtbank was het daar niet altijd mee eens. Zijn bekentenis had dan ook geen enkele waarde.
Geen bewijsEr was verder geen bewijs tegen hem. De politie had geen fotoconfrontatie of line-up georganiseerd, ook al had het slachtoffer haar belager goed kunnen bekijken. De man, voor wie het openbaar ministerie de internering had gevorderd, werd dan ook vrijgesproken. (belga/eb)