Stad lanceert drie scenario's voor Antwerps voetbalstadion

30/05/11, 17u05

De stad Antwerpen biedt Beerschot AC en RAFC drie mogelijke scenario's voor één nieuw voetbalstadion voor beide clubs. Ofwel investeren beide clubs en exploiteren ze samen het stadion. Ofwel investeert geen van beide clubs in de site, realiseert de stad het stadion al dan niet in samenwerking met de private sector en worden de clubs gebruiker van het stadion.

In de zomer van 2010 zaten Beerschot AC en RAFC voor het eerst samen met de stad aan tafel over één nieuw stadion voor twee clubs. Er werd gestart met intensieve onderhandelingen tussen de stad en de clubs in een beleidsgroep (met voorzitters van de twee clubs, burgemeester Patrick Janssens (sp.a), schepen Ludo Van Campenhout (oanfhankelijke), schepen Philip Heylen (CD&V) en Vlaams minister Philippe Muyters(N-VA)) en met werkgroepen. Tijdens de onderhandelingen lieten de clubs toen verstaan niet te kunnen investeren in het project.

Bestuurswissel
Met de bestuurswissel binnen Beerschot AC, kwam er ook een nieuwe visie binnen de club over het voetbalstadion. Beerschot AC zei wel mee te willen investeren in het project. RAFC reageerde op zijn beurt en stelde dat de tweedeklasser in dit geval ook wil investeren. De stad luisterde naar de investeringsvoorstellen van de clubs, maar deze bleken in eerste instantie niet verenigbaar.

Impasse
Daarom legt de stad vandaag drie scenario's voor aan de clubs om uit de impasse te geraken. Ofwel komen beide clubs overeen om samen te investeren in het stadion en het flankerende commerciële programma. Ze exploiteren samen het stadion op niet-wedstrijddagen en genieten van de opbrengsten van het flankerende commerciële programma a rato van hun investering. Een tweede mogelijkheid is dat geen van de clubs investeert in de site. De stad zoekt dan private partners om het stadion en het flankerende programma te bouwen en te exploiteren. De clubs worden gebruikers van het stadion. Zij genieten van alle inkomsten op de wedstrijddagen en betalen een zo laag mogelijke vergoeding voor recurrente kosten zoals schoonmaak en nutsvoorzieningen. Een derde mogelijkheid die het Schoon Verdiep naar voren schuift, is dat geen van de clubs investeert in de site. De stad bouwt dan zelf het stadion en doet eventueel een oproep voor een concessionaris voor het flankerende programma. De clubs worden ook hier gebruikers van het stadion waarbij ze genieten van alle inkomsten op de wedstrijddagen en waarbij ze een zo laag mogelijke vergoeding betalen voor de recurrente kosten.

De stad en de haven trekken voor het stadion een gezamenlijk bedrag uit van 50 miljoen euro. (tma)
mailIcon print | Meer bookmarks |
Aan het laden...