Rwanda-proces: "Belgen handelden als blauwhelmen"

09/09/10 13u03
Luitenant Lemaire, een van de drie officieren die met de Belgische staat zijn aangeklaagd door twee overlevenden van de genocide.
Het Belgische contingent dat op 11 april 1994 in Kigali uit de Ecole technique officielle (ETO) Don Bosco wegtrok, stond wel degelijk onder het bevel van de Verenigde Naties. Dit heeft de advocaat van Defensie, Nicolas Angelet, vandaag voor de burgerlijke rechtbank van Brussel gezegd op het proces dat twee overlevenden van de Rwandese genocide hebben aangespannen. Na het vertrek van de Belgische militairen werden meer dan 2.000 mensen afgeslacht die hun toevlucht hadden gezocht tot het schoolterrein.
 
De overlevenden benadrukten woensdag dat de Belgische regering op 7 april een principebeslissing genomen had over de terugtrekking van de Belgische troepen. Defensie voerde vandaag aan dat de VN vanaf 8 april een plan hadden om hun medewerkers en buitenlanders te evacueren.
 
Toestemming gevraagd
Luitenant Lemaire, een van de drie officieren die samen met de Belgische staat voor de rechtbank gedaagd werden, zou de toelating gevraagd hebben om de school te verlaten wegens toenemende druk.
 
Volgens de eisende partij vertrok het Belgische contingent uit de school om zich bij de Belgische troepen op het vliegveld te voegen. Maar Angelet preciseerde dat de 90 Belgische militairen enkel uitrusting op het vliegveld hadden afgezet voordat ze zich naar het hoofdkwartier van Unamir begaven om hun VN-opdracht voort te zetten. Het klopt dus niet dat ze "de facto Belgische troepen geworden waren", aldus de verwerende partij. Ze hebben de Ecole française ontruimd en Rwandese vluchtelingen verborgen. Defensie erkende wel dat de Belgische militairen bij gebrek aan plaats geen enkele vluchteling hadden meegenomen toen ze uit de ETO vertrokken. (belga/sps)