02/09/10 06u37
Topmagistraat Yves Liégeois, procureur-generaal bij het Antwerpse hof van beroep.
De politieke klasse krijgt een draai om de oren van de hoogste magistraten van het land. Cassatievoorzitter Londers stelt de geplande regionalisering van justitie in vraag, de Antwerpse procureur-generaal Liégeois hekelt de lethargie van regering en parlement.
Beide heren grepen de start van het gerechtelijk jaar aan om eens hun gedacht te zeggen. Pro forma zei 's lands hoogste magistraat wel dat het niet aan hem is om een oordeel te vellen over de regionalisering van justitie, maar de facto deed hij dat wel. En niet eens in bedekte termen.
Het weinige dat doorsijpelt over de preformatie, stelt Ghislain Londers hoegenaamd niet gerust. Hij vreest dat de regionalisering de hervorming van justitie in het gedrang zal brengen en het hele apparaat nog kaduker zal maken. Londers benadrukte dat er een zekere symmetrie moet behouden blijven tussen de gewesten en dat die regionalisering 'geen doel op zich' mag zijn. "De regionalisering moet een middel zijn ten bate van de rechtszoekende."
Als waarschuwing haalde hij de regionalisering van de jeugdbescherming aan, die 'geen onverdeeld succes' is gebleken en voor 'heel wat praktische moeilijkheden' heeft gezorgd. "Uit die ervaring zouden de nodige lessen moeten getrokken worden." Al jarenlang vormt het plaatstekort voor jongeren in gesloten instellingen een huizenhoog probleem. "Er moet ook absoluut vermeden worden dat een regionaliserings- of communauteringsoperatie veel middelen opslorpt ten koste van de normale werking van de instellingen zelf."
Renaat Landuyt (sp.a) probeert de Cassatievoorzitter gerust te stellen. Voor de justitiespecialist is de regionalisering net de beste weg naar een betere justitie. "Hoe meer justitie zal regionaliseren, hoe efficiënter het gerecht zal functioneren."
Procureur-generaal Yves Liégeois van zijn kant vroeg zich in Antwerpen af hoe lang het politieke immobilisme nog zou aanhouden. In het bijzijn van justitieminister Stefaan De Clerck (CD&V) legde hij de schuld voor de falende justitie bij de regering en het parlement. "Het immobilisme van de politieke overheid heeft een onmiddellijke en zeer ernstige negatieve weerslag op de werking van het gerecht", hekelde hij. "We krijgen de indruk dat we steeds opnieuw dezelfde vragen moeten stellen zonder dat er ook maar iets beweegt. Er heerst een groeiend gevoel van straffeloosheid door onder meer een falende strafuitvoering wegens een schrijnend tekort aan infrastructuur en middelen."
Afsluiten deed hij met de woorden van Cicero: Quo usque tandem abutere... patientia nostra? ('Hoe lang nog zul je ons geduld op de proef blijven stellen?'). Elders in het land werd een aanpassing van de strafrechtelijke procedure bepleit en de hopeloze verouderde ICT bekritiseerd, net als het gebrek aan magistraten.
De Clerck kaatste gisteravond meteen de bal terug naar de magistratuur. "Is het niet wat te gemakkelijk om een beschuldigende vinger uit te steken naar de politiek? De magistratuur moet ook de hand in eigen boezem steken. Zij moet zich dringend beter organiseren."
Onderhandelaars van de zeven partijen raakten het de afgelopen weken al eens over de contouren van de regionalisering van justitie. Zo zou Vlaanderen een eigen minister van Justitie krijgen, die samen met de procureurs-generaal en de parketten de prioriteiten van het eigen strafbeleid zou vastleggen. Of de gerechtelijke organisatie ook echt zou overgeheveld worden naar de regio's, daar raakten de onderhandelaars het nog niet helemaal over eens. (Tine Peeters)
Lees het volledige verhaal vandaag in De Morgen