Enkele dagen nadat hij in juni 2007 in verdenking werd gesteld voor de zogenaamde "Marollenmoord", heeft Léopold Storme in de gevangenis van Vorst een anonieme dreigbrief ontvangen. Hij heeft die nadien overgemaakt aan zijn advocaten. Jean-Philippe Mayence, de advocaat van de verdachte, bevestigt de informatie.
Storme, die ervan verdacht wordt zijn ouders en zijn zus op 16 juni 2007 in de Brusselse Marollenwijk om het leven te hebben gebracht, verklaart dat hij de anonieme dreigbrief onder zijn bed had gevonden. De brief zou doodsbedreigingen tegen zijn familie en zijn vriendin bevatten. Het document, dat werd toegevoegd aan het dossier, is geanalyseerd, maar er werden geen DNA-sporen op teruggevonden. Het geschrift zou in elk geval niet overeenstemmen met dat van de verdachte.
Paranoia
Hoe de brief tot in de cel van Storme geraakt is, is niet duidelijk. Volgens de verdachte zijn de cipiers mogelijk niet onschuldig in deze zaak. Storme heeft verklaard dat hij bovendien niet onmiddellijk met zijn advocaten over deze brief heeft gepraat, omdat hij vreesde dat hun gesprekken werden afgeluisterd.
Deze reacties zouden kunnen wijzen op paranoia, wat opnieuw de veronderstelling voedt dat de verdachte aan een psychische aandoening lijdt. Maar volgens advocaat Jean-Philippe Mayence versterkt het bestaan van deze brief net de door hem verdedigde these van een externe dader.
Léopold Storme heeft altijd ontkend zijn ouders en zijn zus te hebben vermoord. Het assisenproces over de "Marollenmoord" zal op 4 oktober van start gaan en zou drie weken duren. (belga/sps)

© 2013 De Persgroep Digital - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.
Volg het nieuws op onze zustersite in Nederland www.volkskrant.nl.