Slechts 9 procent ruilt auto in voor gratis openbaar vervoer

19/04/10 01u39

Slechts 9 procent van de pendelende automobilisten zou de wagen thuislaten als het openbaar vervoer gratis zou zijn. Betere aansluitingen, grotere reissnelheid en vlottere bereikbaarheid van de treinen zouden de overige 91 procent van de automobilisten wellicht wel over de streep trekken. Dat blijkt uit een studie over pendelen naar Brussel van de Vrije Universiteit Brussel. Het vervoerbeleid moet dus om meer draaien dan om tarieven.

Uit de VUB-studie over de beslissende factoren bij de keuze van pendelaars voor de trein of wagen blijkt dat een vlotte toegang tot het vervoersmiddel een grote invloed heeft. Zo daalt logischerwijs de kans dat men met de trein pendelt significant als men een wagen -en zeker een bedrijfswagen- heeft. De afstand tussen de woning en de werkplaats speelt ook een rol; wagens worden aanzienlijk meer gebruikt voor afstanden minder dan 30 kilometer.
 
Inkomen
Hoe hoger het inkomen, hoe meer er bovendien voor de wagen gekozen wordt. Het autogebruik piekt zeker als de werkgever de kosten terugbetaalt. Werknemers met een hoog opleidingsniveau zijn meer geneigd om de wagen te nemen. Pendelen neemt trouwens af naarmate mensen ouder worden.
 
Gebruiksgemak
Frappant gegeven is dat gebruikers van trein en auto dezelfde positieve argumenten - snelheid, prijs en het gebruiksgemak - aanvoeren voor hun keuze. Enkel drastische veranderingen doen een pendelaar zijn/haar mobiliteitsgedrag veranderen. Volgens een onderzoek uit 2001 kiest 63 procent van de pendelaars naar Brussel voor de auto en 17 procent voor de trein. Dagelijks reizen 360.000 pendelaars naar Brussel. (belga/kh)