24/11/09, 15u16
Voor ongeveer 80 procent van de residenten in woon- en zorgcentra maakt de afkomst van een zorgverlener niets uit, zolang hij of zij de taal goed spreekt. Dat blijkt uit een beperkt onderzoek van het Antwerpse Minderhedencentrum de8 en Artesis Hogeschool Antwerpen in zes woon- en zorgcentra. Bij een op de tien residenten is er wel sprake van duidelijk racisme.
Racisme "Taal is wel een belangrijk element", zegt onderzoekscoördinator Saloua Berdai. "Residenten zeggen dat het soms moeilijk is om allochtone hulpverleners te verstaan of zichzelf duidelijk te maken. Daarbij gaat het geregeld om dialect."
Toch krijgen zorgverleners ook te maken met racisme. Een op de vijf residenten zegt ontevreden te zijn met hun aanwezigheid en bij een op de tien is sprake van duidelijk racisme. "Die laatste bewoners willen bijvoorbeeld niet worden geholpen door een allochtoon personeelslid", zegt Berdai.
Goede punten Nochtans scoren allochtone zorgverleners over het algemeen hoog bij de ondervraagde residenten. "Er wordt gezegd dat ze tijd en geduld hebben, begripvol zijn en aandacht besteden aan de residenten", aldus Berdai. Die elementen zijn bovendien belangrijk voor het thuisgevoel.
De onderzoekers concluderen dat etniciteit een beperkte invloed heeft op de zorgrelatie, maar dat ervaring, vriendelijkheid en communicatie veel belangrijker zijn. Het rapport is vanaf morgen beschikbaar op
www.diversiteitswijze.be. (belga/sam)