De 2.995 documenten waarop het hele onderzoeksdossier van het KB Lux-proces gebaseerd is, zouden wel degelijk eind 1994 bij een in scène gezette huiszoeking in beslag genomen zijn. Dat is althans de mening van raadsheer Fréderic Lugentz, die een gerechtelijk onderzoek heeft gevoerd naar enkele speurders in het KB Lux-dossier.
Het scenario waarbij de speurders de documenten in maart 1995 kregen van Jean-Pierre Leurquin, een oud-informant die op de zwarte lijst stond, gelooft de raadsheer niet.
Gebruik van valse stukken
Voormalig onderzoeksrechter Lugentz heeft in juni 2009 één van de betrokken speurders in verdenking gesteld voor het niet neerleggen van bewijsstukken op de gerechtelijke griffie en voor valsheid in geschrifte en gebruik van valse stukken. Dat gebeurde na een laatste verhoor van de man waarbij hij geconfronteerd werd met alle elementen die zijn optreden in het dossier verdacht maakten.
"Elk apart waren die elementen van weinig belang, maar als ik ze in verband bracht met elkaar, kregen ze een grotere betekenis", verklaarde Lugentz vandaag. "Zo kwamen de KB Lux-documenten volgens zowat alle betrokkenen uit een huiszoeking eind 1994. Zowel onderzoeksrechter Leys als de Bijzondere Belastingsinspectie als de collega's van die speurder waren daarvan overtuigd. De speurder is de enige die erbij blijft dat hij ze van Leurquin kreeg in maart 1995."
De betrokken politieman zou ook weinig of niets kwijt willen over de contacten die hij met Leurquin had nog voor de omstreden huiszoeking plaatsvond. Ook over de microfiches die in het KB Lux-dossier zaten, legde de speurder afwijkende verklaringen af, aldus raadsheer Lugentz. "Onderzoeksrechter Leys bleef erbij dat die pas in 1998 of 1999 opdoken, terwijl de speurder beweert dat die van bij het begin in het dossier zaten en dat hij dat ook had meegedeeld."
"Speurder in verdenking voor valsheid in geschrifte"
Voor de raadsheer en oud-onderzoeksrechter is het duidelijk dat de betrokken speurder in de fout is gegaan: "Ik heb hem in verdenking gesteld voor het niet neerleggen van bewijsstukken op de griffie, een misdrijf waarvoor geen kwaad opzet vereist is. Zelfs een agent die zoiets uit vergetelheid doet, is al strafbaar. Maar ik heb de speurder ook in verdenking gesteld voor valsheid in geschrifte en gebruik van valse stukken omdat ik meen dat hij opzettelijk een heel aantal stukken niet heeft neergelegd op een moment dat hij dat wel had moeten doen." (belga/mvdb)

© De Persgroep Digital - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.
Volg het nieuws op onze zustersite in Nederland www.volkskrant.nl.