Slechts 5 procent van illegale lozingen in Noordzee bestraft

27/02/11, 08u15

De pakkans van daders die illegaal olie lozen op zee blijkt bijzonder klein in ons land, ondanks de 155 uren vliegpatrouilles vorig jaar. De verhouding tussen waargenomen verontreinigingen op zee en opgemaakte processen tegen vermoedelijke daders ligt tussen 5 en 6 procent. Dat blijkt uit cijfers van staatssecretaris voor Mobiliteit Etienne Schouppe (CD&V). De cijfers staan te lezen in De Zondag.

In de periode 2006-2010 werd slechts acht keer een schip op heterdaad betrapt tijdens het illegaal lozen van olie of een andere schadelijke stof in zee. Sinds 1991, het jaar dat begonnen werd met regelmatige toezichtsvluchten boven de Belgische zeegebieden, werden in totaal 40 processen-verbaal opgemaakt. In het merendeel van de gevallen van scheepslozingen is er immers geen schip meer in de buurt en vinden de controleurs slechts een vlek zonder spoor van de dader.

Controles met satellieten
In de periode 1991-2010 werden 650 illegale verontreinigingen en 85 andere verdachte sporen opgemerkt. "Wegens de lage pakkans worden dergelijke milieudelicten steeds strenger bestraft met hogere boetes. Recent waren er zelfs boetes van meerdere honderdduizenden euro", aldus Schouppe.
 
Om de pakkans te verhogen, maken de Belgische autoriteiten ook gebruik van toezicht door middel van satellieten. Dit gebeurt in samenwerking met EMSA, het Europees Agentschap voor de veiligheid van de Scheepvaart, die satellietbeelden aankoopt en gratis ter beschikking stelt van de Europese lidstaten. (belga/tw)
mailIcon printIcon | Meer bookmarks |