25/01/11, 07u00
Het lijkt alsof runderen in de vleesindustrie een beter leven hebben dan kippen, konijnen of varkens. Maar dat is ook maar schijn. Een normale koe kan twintig jaar worden. In de vleesindustrie wordt een koe gemiddeld 4,5 jaar. Dat zijn 4,5 jaar zonder veel beweging en zonder één grassprietje.
De meeste vleesrunderen in de westerse vleesindustrie leven binnen. Niet in een stal met voldoende stro op de grond, vers water binnen bereik en voldoende ruimte. De dieren zitten veelal op elkaar gepakt in hun stallen. Soms zijn hun poten beschadigd doordat ze constant op een harde vloer staan. Het lichaam van de dieren gaat gebukt onder hun abnormaal hoge gewicht.
De dieren zijn zodanig vervormd van hun natuur, dat bevallingen zelden gebeuren op een natuurlijke manier. Het bekken van de koeien is te smal en de kalfjes te groot. Meer nog: de koeien in de vleesindustrie bestaan niet eens in de natuur. Zij zijn doorgefokt op erfelijke afwijkingen. Daardoor groeien hun spieren snel, maar hebben ze ook hart-en orgaanafwijkingen. Veel spieren betekent immers een dure biefstuk.
Gecastreerde kolossenHet leven van een koe in de vleesindustrie is al geen lachertje, maar je moet er maar als stier geboren worden. Als je al niet bij je geboorte wordt gedood (je geeft geen melk, dus breng je niets op), wacht je het zielige lot van een leven als gecastreerde vleesstier. Op een dieet van krachtvoer en maïs groeien vleesstieren enorm snel. Na achttien maanden wegen ze al tussen de 500 en de 600 kilo. Ze liggen bijna constant, zo verlichten ze de pijn op hun gewrichten door de zware belasting van hun eigen gewicht.
De meeste stieren leven binnen in een betonnen 'stal' met een roostervloer. Omdat ze met vijf of zes in zo'n hok zitten, is het niet ongewoon dat er slechts vier vierkante meter is per kolos. De dieren kunnen dus amper bewegen.
Opzettelijk ziekOpdat een melkkoe genoeg melk blijft geven, moet het dier elk jaar een kalf krijgen. Dat pasgeboren dier wordt meestal onmiddellijk gescheiden van de moeder. De vrouwelijke kalfjes worden waarschijnlijk zelf melkkoe, de stiertjes konden tot voor kort hoogstens een carrière als kistkalf tegemoet gaan.
Kistkalveren brachten hun hele leven - de volle 26 weken - door in een houten kist die zo klein is dat het dier zich niet kon omdraaien. Op die manier werden de spieren niet ontwikkeld en bleef het vlees mals en roze. Omdat de consument witroze kalfsvlees verwacht, werd het dier ook nog op een ijzerarm dieet gezet, zodat het bloedarmoede kreeg. Wanneer het naar het slachthuis gevoerd werd, kon het amper lopen.
Schijn bedriegtDeze praktijk is sinds 2007 verboden in Europa. Maar is er iets dat internationale veehouderijen belet om kistvlees in te voeren? En schijn bedriegt bovendien. Wettelijk gezien mogen de kalfjes de eerste acht weken van hun leven wel nog in een kist geplaatst worden. Hun zuigreflex is dan nog zo sterk, dat men schrik heeft dat ze aan elkaar gaan sabbelen, wat ziekteoverdracht zou bevorderen. De 'kistkalfjes' komen sinds 2007 nog altijd niet buiten. Ze staan met zes of meer dieren in een hok van enkele vierkante meters, elk dier heeft ongeveer anderhalve vierkante meter. (adb)
Vier weken lang bekijkt Planet Watch de voor- en nadelen van vlees. In het grote vleesdossier leggen we het verband tussen vlees en global warming, tussen vlees en gezondheidsproblemen, en nog veel meer.