Leiding op boorplatform liep in het honderd voor de olieramp
06/06/10 08u36
Arbeiders gokten naar wiens orders ze moesten luisteren
In de weken voor de olieramp op het boorplatform Deepwater Horizon in de Golf van Mexico liep de leiding in het honderd. BP was eigenaar van de oliebron, Transocean van het platform. Maar als er orders kwamen, was het niet duidelijk aan wie de arbeiders van het platform moesten gehoorzamen.
Na het drama werden medewerkers van BP en Transocean zwaar verhoord. Op de vraag wie nu precies de leiding had, kwamen alleen maar tegenstrijdige antwoorden, meldt de NY Times. "We weten allemaal wie de leiding heeft", zei kapitein Curt R. Kuchta. "En hoe weten jullie dat dan?", vroeg iemand van de Kustwacht. "Ik gok, ik weet het niet", reageerde hij.
Voor kapitein Hung Nguyen was dat een reactie die hij die dag al te vaak gehoord had. "Veel activiteiten waren niet goed georganiseerd. Misschien is dat gewoon hun manier van werken ginder", zei hij. Onderzoekers bekijken hoe minuut per minuut beslissingen werden genomen in de aanloop naar de explosie die op 20 april aan elf arbeiders het leven kostte en de grootste olieramp uit de Amerikaanse geschiedenis veroorzaakte.
Uit de getuigenissen en documenten van BP blijkt dat er serieus gesjoemeld werd om uitzonderingen op regels te maken, waardoor het risico op een drama toenam. Eerder bleek dat ook bij de opruiming na de ramp de coördinatie niet vlekkeloos verloopt. Daar lees je hier meer over.
Monsterrekeningen Intussen heeft BP de eerste 46 miljoen dollar gestort aan de slachtoffers van de olieverontreiniging. De directeur van BP liet weten dat hij "zolang als nodig" zal ingaan op aanvragen van een vergoeding. De monsterrekeningen zullen in elk geval vlot binnenstromen de komende maanden.
De Amerikaanse regering heeft BP verzocht alle aangevraagde vergoedingen voor economische schade door de olievervuiling te betalen en heeft de oliegroep al een factuur van 69 miljoen dollar gestuurd voor het opruimen van de olie aan de kusten. (gb)