dossier

Reisblog Debbie Pappyn

Tafelen met een bultrugwalvis

26/11/10, 09u20
Heb je ooit al gehoord van Flinders Island? Waarschijnlijk niet. Mij was dat kleine eilandje tussen Australië en Tasmanië alvast onbekend. Regen maakte er plaats voor een blauwe hemel en tropische temperaturen. Het expeditieschip Orion ankert in een stille baai. We hebben 36 uur non-stop gevaren.

Een medepassagier vertelt me dat haar broer "op de normale manier" naar dit eiland is afgereisd: met een duur vliegtuigticket, geen goedkope logies en weinig transport. Eigenlijk is niks gemakkelijker dan deze meer onbekende kant van Australië met een schip ontdekken.   

Duimen omhoog voor enkele van de tachtig passagiers die niet meer zo heel jong zijn. Ze doen even gezwind hun reddingsvestjes aan, springen in de zodiaks en laten zich naar het fijne zandstrand varen. Sommigen trekken op 4x4 exploratie, anderen gaan vissen en de rest trekt op individuele tochten langs de wandelpaden of de eindeloze stranden.

Soms vind ik het moeilijk om een versnelling terug te schakelen, als ik zoveel onderweg ben. Er staat altijd wel iets op het programma en er is altijd die tijdsdruk. Maar deze plek verplicht me om even niets doen, behalve een rots uitzoeken met zicht over de baai en het strand. Op een paar dolfijnen die door het spiegelgladde water glijden na, is hier geen levende ziel te bespeuren.

's Avonds zitten we aan tafel op het achterdek van de Orion die aan een gezapig tempo naar Tasmania vaart. Plots zie ik enkele bultrugwalvissen naast de boot. Een dag mooier afsluiten is bijna niet mogelijk.

Debbie Pappyn
mailIcon printIcon | Meer bookmarks |