Lieven Desmet −
31/10/11, 06u32
ACV-voorzitter Luc Cortebeeck: "De sociale partners worden niet betrokken bij de sociaal-economische debatten. Daarbij geef je alle macht aan het lobbywerk."
© photo news
Luc Cortebeeck, voorzitter van het ACV, is verontrust dat de sociale partners niet betrokken worden bij belangrijke sociaal-economische debatten van de regeringsonderhandelaars. In één adem waarschuwt hij de deelnemende partijen, en de werkgevers. 'Ze zouden wel eens heel zware inschattingsfouten kunnen maken.'
-
ACV erkent dat er gesaneerd moet worden, maar dan wel zo dat de sterkste schouders de zwaarste lasten zullen dragen
Luc Cortebeeck (ACV)
Luc Cortebeeck was vrij verheugd over de "genuanceerde" vaststellingen vorige week (26/10) van Luc De Bruyckere in deze krant. De voorzitter van Voka, het Vlaams netwerk van ondernemingen, pleitte voor fundamentele hervormingen en waarschuwde de regeringsonderhandelaars om geen blinde saneringen door te voeren die onze toekomstige groei aan banden zou leggen. De Bruyckere riep in één adem ook de sociale partners op, om niet te denken in termen van sociale strijd, maar in termen van economische noodwendigheid. Luc Cortebeeck zegt die handschoen op te nemen. "We doen een aantal gelijkaardige vaststellingen, maar de oplossingen liggen wel uit elkaar", stelt de ACV-topman vast.
Cortebeeck verwijt de regeringsonderhandelaars navelstaarderij. "De sociale partners worden niet betrokken bij deze toch wel belangrijke sociaal-economische debatten. Daarbij geef je alle macht aan het lobbywerk", stelt Cortebeeck, die dat een gevaarlijk spel noemt. "De tegenreactie kan in zulke scenario's ook heftig zijn", waarschuwt hij. "De stilte nu, is enkel stilte voor de storm. Ik voel dat de werknemers van de Vlaamse bedrijven niet veel nodig hebben om tot zware sociale onrust te komen. Ik heb de indruk dat de onderhandelingen zeer technocratisch zijn, door mensen die niet gehinderd zijn door enige kennis of aanvoelen van de consequenties voor mensen en families.
"Een heel zware inschattingsfout", noemt Cortebeeck dat. Een (gedeeltelijke) privatisering van de overheidsbedrijven, een ballonnetje dat in budgettair moeilijke tijden al eens opgelaten wordt, noemt Cortebeeck geen oplossing. "Ik heb niet de indruk dat dit de dienstverlening of de kwaliteit ten goede komt. Daar moet heel omzichtig tewerk worden gegaan", klinkt het voorzichtig.
Dubbele agendaOnaanvaardbaar voor Cortebeeck zijn ingrepen in de werkloosheidsuitkeringen. "We vrezen een heel sterke degressiviteit met minima die nog lager dan de huidige minima zullen liggen. Daardoor zullen nog meer mensen in de armoede terecht komen." Tegelijk sneert hij naar Voka, dat de wachtuitkeringen het liefste afgeschaft ziet worden. "We vrezen dat dit gehoor gaat vinden bij de onderhandelaars. Maar dit komt neer op het organiseren van armoede en het veroordelen van jonge mensen tot het combineren van meerdere precaire jobs."
Cortebeeck verzet zich overigens ook tegen wat hij een "zeer negatief en verkeerd beeld" noemt, van de werkloze die in een hangmat ligt te genieten, en zelf volledig verantwoordelijk is voor zijn werkloosheid. "Dat beeld klopt niet, daarvoor zijn de uitkeringen te laag en vergeet men te gemakkelijk de inmiddels doorgedreven controle op werkzoekenden.
"De oplossing is groei en vooral meer jobs. Hierin ligt een grote verantwoordelijkheid voor de werkgevers. Men schermt nu met de massa's vacatures die op termijn open zullen komen te staan. Maar over welke jobs gaat het dan? Deeltijdse banen, met opgesplitste uren tegen een laag loon?" Hij verwijt de werkgevers ook dat ze te vaak een witte raaf zoeken. "Als de arbeidsmarkt dan toch zo moeilijk in te vullen is, hoe verklaart men het systematisch uitsluiten van bepaalde groepen van de arbeidsmarkt?"
Cortebeeck verdenkt de werkgevers ervan er een dubbele agenda op na te houden. "De tentoongespreide werkgeversbezorgdheid over onze krakende arbeidsmarkt is vooral een bezorgdheid voor de eigen beurs. De werknemers hebben in 2005 harde engagementen rond de werkzaamheidsgraad van oudere werknemers opgenomen. En we zien dat we deze ook halen."
Een vaststelling die niet helemaal gelijk loopt met de jongste cijfers van de FOD Economie, die een status quo ziet op 67,3 procent, het Europese gemiddelde bedraagt 68,5 procent.
Het pleidooi van Luc De Bruyckere om het vennootschapstarief naar 25 procent te brengen, en tegelijk tal van fiscale achterdeuren te sluiten, klinkt de ACV-topman als muziek in de oren.
"Dat zou meer dan een verdubbeling van het werkelijk betaalde tarief bedragen. Want nu betalen bedrijven gemiddeld slechts 11,8 procent belastingen, dankzij allerhande aftrekposten, en vooral dankzij de notionele intrestaftrek", beweert Cortebeeck. "ACV erkent dat er gesaneerd moet worden, maar dan wel op een manier dat de sterkste schouders de zwaarste lasten zullen dragen."
Een zeer opvallende afwezige in het pleidooi van Luc De Bruyckere is de loonkost en de bijbehorende aanval op de index, merkt Cortebeeck op. "De index is een van de weinig vertrouwenwekkende instrumenten die we nog hebben. Doe die weg of knoei eraan en we verliezen ook nog het consumentenvertrouwen. Dat is de weg vrijmaken voor recessie."