08/02/10, 09u59
De Morgen-journalist Brecht Decaestecker blogt tijdens zijn zes maanden durende reis doorheen Azië en Australië.
Back To Bali. De eerste dag waarop we op het wereldberoemde eiland arriveerden kocht ik in een surfshop in Kuta, recht tegenover het monument voor de slachtoffers van de bomaanslagen in 2002, een t-shirt met die slogan als opschrift. Het bleken profetische woorden, want de voorbije maand moesten we vier keer back to Bali, omdat het eiland centraal in Indonesië ligt en je van daaruit naar tal van prachtige plaatsen kunt trekken.
Surfen en joggenToen we de eerste keer in Bali belanden kozen we ervoor om niet in Kuta te overnachten, maar in een guesthouse aan het strand tussen Legian en Seminyak, twee dorpjes die in het verlengde van en aan hetzelfde kilometerslange strand als Kuta liggen, dat vol discotheken zit en waar je geen ogenblik met rust gelaten wordt. Pas nadien bleek dat we het leukste stuk van het strand hadden uitgekozen, met de lekkerste restaurants en gezelligste bars, waar we uiteindelijk vijf nachten van de zalige sunset zouden genieten. De meeste mensen vinden Kuta, met zijn strand boordevol afval, dik tegenvallen en willen er snel weg, maar wij hadden het best naar onze zin in Legian, waar we leerden surfen, gingen joggen, goedkope dvd's kochten en heerlijk aten (probeer de Tostada's in Seaside, mocht je er ooit komen).
Zonnen en snorkelenWe keerden back to Legian voor één nacht, nadat we zowat heel Bali rondgetsjeesd hadden. We keerden nog eens terug voor twee nachten nadat we heen en terug gevlogen waren naar het eiland Flores, waar we naar de Komodo-varanen gingen rondkijken en genoten van het prachtige binnenland, met dank aan de fascinerende gids Dino, die ik geportretteerd heb in een column die over een week of drie in de papieren krant zal verschijnen. En we keerden gisteren nog één keer back to Bali, na een week zonnen en snorkelen en gewoon heerlijk niets doen op de Gili-eilanden, de nieuwste place to be onder backpackers, voor de kust van Lombok.
ThuiskomenAl die plaatsen waren stukken mooier en aangenamer dan Kuta en Legian, maar omdat we er na al die keren onze favoriete hotels hadden, en onze favoriete restaurants en internetbars, was het telkens opnieuw een beetje thuis komen. Onze plaats om adem te halen, te skypen met het thuisfront, foto's op Facebook te zwieren, een krant te lezen en te weten te komen wat er in de wereld was gebeurd.
No more Back to BaliMaar het is voorbij. Met ietwat spijt tik ik dit stukje in restaurant Lanai, waar ze een uitstekende internetverbinding aanbieden, terwijl de zon verdrinkt in de zee en Indonesische jongens met shirts van Barcelona en AC Milan op het strand voetbal spelen. Straks nemen we een taxi naar de luchthaven, waar we de nacht zullen doortrekken. Om zes uur 's morgens nemen we een vlucht naar Kota Kinabalu in Maleisië, op het eiland Borneo. We zullen niet meer terugkeren naar Legian. No more back to Bali. Al zult u me, eens terug in België, met trots dat T-shirt zien dragen. Omdat ik ooit, ook al zal het nog jaren duren, terug zal keren. Al was het maar om te zien of de Indonesiërs eindelijk afval hebben leren opruimen. (brecht decaestecker)
Lees iedere zaterdag de column Bangkok - Melbourne van Brecht Decaestecker in Zeno, de weekendbijlage bij De Morgen op Zaterdag