dossier

Festivals

34ste Sfinks: Acrobatische hoogstandjes en muziek uit alle windstreken

Door: redactie − 27/07/09, 07u47

Eén keer per jaar mag Boechout zich beschouwen als de navel van de wereld: eeuwenoude muziek en rituelen uit Mali, Argentinië, Korea, Palestina, Congo, Cambodja en Rusland vinden dan hun weg naar het Antwerpse Molenveld.

De Morgen toog dit weekend naar Sfinks en dompelde zich onder in de meest uiteenlopende smaken en geuren van de vier windstreken.

Officieel heet het Sfinksfestival voortaan Sfinks Mixed, voor mocht er vandaag nog iemand twijfelen aan het opzet van deze multiculturele fiësta. Want zelfs zonder die affreuze naamsverandering kun je amper naast de diversiteit van het evenement kijken: met acts uit de Balkan (La Charza), Korea (sjamaan Dongho Choi), Rusland (Peter Nalitch), Mali (Oumou Sangaré) en Engeland (Adrian Sherwood) pakte de organisatie op deze editie niet bepaald uit met grote publiekstrekkers, maar wel met een programma dat zich onder een stralende zon kon ontvouwen tot een buffettafel vol exquise tapas.

Muziek leek nochtans weleens bijzaak op het Molenveld, waar drie kwart van het publiek languit lag te soezen in het gras, luierde in een hangmat tussen twee wankele wilgen of zich te goed deed aan de wereldkeuken ter hoogte van de verschillende eetstandjes. Over de verschillende en laat aangekondigde programmawijzigingen zag je dan ook niemand struikelen. Net zomin als over rondslingerend afval, trouwens. Want terwijl andere festivals ondanks een rist groene maatregelen achterblijven als een stortplaats in Calcutta, kon je tot zondagavond over een groen perk struinen.

Zorgeloze natuur
Opmerkelijk veel Nederlanders hadden het wereldfestival dit jaar ontdekt. Daardoor ging het er op het evenement wat luidruchtiger aan toe, maar ook een stuk gemoedelijker. Terwijl je vroeger hoogstens een paar durfals schroomvallig zag dansen op de houten vloer na een glas vonkelwijn of vier, werd er nu al een beentje gestrekt bij het eerste streepje opzwepende Balkanmuziek.

In het Kidzdorp (de spelling moest ongetwijfeld iets rebels suggereren) mocht het jonge grut dan weer de plak zwaaien. Dat kinderen tot 14 jaar gratis binnen mochten op het terrein, zorgde ongetwijfeld voor een heuse recordopkomst. Zo zag je amper nog de metershoge opblaasbare piramides, slangen en reusachtige luchtkussens onder de honderden kinderbeentjes die onstuimig tekeergingen op de creaties van Airvag, "Franse tovenaars met lucht". Verderop konden ze dan weer een fraaie hennatekening op hun hand laten schilderen of luisteren naar de verhalen van Tonton Jean Mapela, die de allerkleinsten op een denkbeeldige reis stuurde naar Afrika, met dans en tromgeroffel.

Voor de volwassenen deed het muzikale landschap, dit jaar ergens tussen woestijnzand en Siberische sneeuw, heel wat minder maagdelijk en ongerept aan: de Balkanmanie die West-Europa nu al even in de ban houdt, uitte zich vrijdag opnieuw in tot op het bot afgekloven zigeunerdeuntjes. Sommige acts bleven daarbij met hun voeten verankerd in de eeuwenoude Romatraditie, maar het publiek ging merkbaar sneller uit zijn dak als de zigeunerroots gemengd werden met eigentijdse electro-invloeden en snoeiharde beats.

Daarnaast viel vooral op dat het cultsucces van het ultrahippe Buraka Som Sistema zijn sporen naliet op Sfinks. In de Groovetent traden heel wat acts aan die via een soundsysteem techno of hiphop vermengden met de geluiden van het zwarte continent, zoals kuduro, kisomba en kwaito.

De meeste muziek voelde dan wel tweedehands aan, de onbekommerde en zelfs naïeve aanpak van de artiesten zelf werkte verfrissend. Al leidde de zorgeloze natuur van sommigen weleens tot praktische problemen. Zo moest de Jamaicaanse reggaelegende Max Romeo drastisch snoeien in zijn show, omdat hij een uur te laat op het appel verscheen. Niet dat een ingekorte set zijn humeur kon aantasten. Met een blinkende grijns vervulde hij zijn plicht, of wat daar nog van restte in een halfuur tijd.

Een ander Afrikaans gezelschap dat net als Romeo een en al bonhomie uitstraalde, maar er wel een onberispelijke timing op nahield, was Afrisinia. Met een dwingend ritme brachten deze Ethiopische acrobaten, slangenmensen en dansers een spektakel dat ronduit verblufte. Vooral de jonge, puberende meisjes maakten een onwaarschijnlijke indruk.

Zij koppelden lenige sensualiteit aan een adembenemende schoonheid en een bijna ontroerende, frêle uitstraling. Hemeltergend dat je bij hun totaalspektakel van dans, muziek en acrobatie tegelijk moest denken aan het treurige lot van deze politieke vluchtelingen. Straks worden de besneden meisjes van dit collectief wellicht definitief uitgewezen naar Addis Abeba, wegens een politieke maatregel van de Nederlandse regering die stelt dat geluk en veiligheid niet voor iedereen zijn weggelegd.

Bitterzoet
Even bitterzoet was een Cambodjaans groepje artiesten. Hun veredelde circusopvoering won onder een stralende zon steeds meer aan intensiteit, vooral door de knappe symbiose van dramatisch theater en muziek. In één adem bonden deze straatjochies en oorlogsslachtoffertjes de strijd aan met onherstelbaar geachte trauma"s. Onwaarschijnlijk sterk.

Voor de bezoeker was het festival geen harde noot om te kraken. Reden? Niet alleen spectaculaire acrobatie, maar ook de kruisbestuiving met eigentijdse genres was meer dan ooit een feit op Sfinks. Zo slingerde Kiran Ahluwalia zondag tussen Indiase poëzie over verlies en afwijzing, de tintelende erotiek van fado en warme jazz, folk en Toearegblues. Daarmee kan Sfinks Mixed best weleens aan een nieuw hoofdstuk begonnen zijn. De wereldmuzikanten verkennen voortaan ook de wereld buiten hun navel. (Gunter Van Assche)

mailIcon print | Meer bookmarks |
Aan het laden...

Jouw mening?

De beste reacties verschijnen in de krant

Aan het laden...