Obama en Poetin hebben het niet, de gratie en staatsie van Kofi Annan. Ik wil niet zeggen boeventronies, maar ze ademen toch een nevel van achterbaksheid. Van alle spelers op het wereldtoneel is er niet een aan wie ik een hand zou geven, zonder achteraf mijn vingers na te tellen.
Bij ons in de Wetstraat? Handen sowieso thuis.
Nog toen hij secretaris-generaal van de VN was, viel ik al in steile bewondering achterover voor Kofi Annan. Niet dat hij de wereld er warmer op maakte, maar aan zijn goede trouw kon je niet twijfelen.
Mooie rijzige man ook, de aangename trage articulatie van een lage stem. In hem zag ik iets van de sereniteit terug van Martin Luther King. En van Charlie Parker: bescheidenheid op muziek.
Romantisch alter ego.
Nu heeft hij als Syriëgezant de handdoek gegooid. Zijn bemiddelingspoging is mislukt. Het staakt-het-vuren is er nooit gekomen. Als ultradiplomaat had hij dat kunnen voorzien. Toch koos Kofi voor een mission impossible, liever dan een beetje duur te gaan geeuwen in de raad van bestuur van Inbev.
Nobele staatsman.
Het ontslag van de heer Annan zegt veel over Syrië. En het zegt ook iets over de Arabische lente.
Wat blijft is: bloed en tranen.
Hugo Camps

© 2013 De Persgroep Digital - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.
Volg het nieuws op onze zustersite in Nederland www.volkskrant.nl.