Pauli's Pen: Mogen Vlaamse allochtonen nog een beetje allochtoon zijn?
Uit naam van de verdraagzaamheid, de democratie en de echte tolerantie - en opgejaagd door een advies van een auditeur bij de Raad van State - legt het gemeenschapsonderwijs (GO) al zijn scholen een algemeen hoofddoekenverbod op. Het is te zeggen: een algemeen verbod op religieuze symbolen, maar als iedereen spreekt over hoofddoekenverbod, is het duidelijk waarover het gaat. Het gaat om een specifieke regel die alleen gericht is op moslimmeisjes. En als er andere religieuze groepen hinder zouden ondervinden (kleine sikhs, bijvoorbeeld) is dat collateral damage: we 'knallen' met groot kaliber op ons target, en als er dan wat onschuldige slachtoffer vallen, is dat jammer, want onbedoeld.
Onderwijsminister Pascal Smet (sp.a) heeft gelijk dat hij officieel niets mag opleggen inzake de hoofddoek. Maar misschien kan hij ook creatiever zijn en kijken hoe hij kan aanmoedigen en stimuleren wat hij juist vindt
Het Vlaamse publiek reageert verdeeld. Dat een grote autochtone meerderheid achter dit verbod staat, laat daarover geen twijfel bestaan. Op internetfora halen vragen over het hoofddoekenverbod gemakkelijk meerderheden van meer dan 90 procent. Ook al stuurt lang geen 90 procent van de Vlamingen zijn kroost naar het gemeenschapsonderwijs, ze vinden wel dat het publieke net zeer streng en strikt moet zijn. Bij velen is dat standpunt dus niet gebaseerd op ook maar enige bekommernis voor het GO, maar omdat zij vinden dat moslims zich nu eenmaal 'moeten leren voegen'. En die groep vindt in het GO natuurlijk gemakkelijk aansluiting bij de radicaal-laïcistische vleugel met zijn afkeer voor religie.
Maar niet alleen de GO-leiding botst op haar eigen limieten. De reacties op het verbod zijn al minstens zo leerzaam. Mieke Van Hecke, hoofd van het katholieke net, reageert meteen: "Bij ons geen algemeen hoofddoekenverbod." Versta: het katholieke net is opener, toleranter, in één woord, beter dan het GO. Vanuit haar positie kan Van Hecke natuurlijk moeilijk een algemeen verbod op religieuze symbolen verdedigen. Maar wat is dat uit volle borst rondgebazuinde pleidooi voor tolerantie eigenlijk waard? Al lang voor de twee Antwerpse athenea (dus GO-scholen) het land en vooral 't Stad opschrikten met hun algemeen verbod, was er in de meeste Antwerpse scholen van het katholieke net al jarenlang een expliciet verbod op het dragen van een hoofddoek. Andere religieuze symbolen zijn natuurlijk wél toegelaten in het katholieke net. Het zou inderdaad absurd zijn een leerling of leerkracht te schorsen omdat hij of zij een kruisje zou dragen in het Heilige-Zus-Instituut of in het Sint-Zo-College.
Maar Van Hecke heeft het voordeel dat haar net niet gebonden is door even strikte kaders als het GO. Van Heckes net veroorzaakte eerst het problem en 'profiteert' daar nu van. Het katholieke net lag immers aan de basis lag van het Antwerpse probleem: bepaalde katholieke (elite-)scholen verboden als eerste de hoofddoek, weerden zo de allochtone meisjes, waarop de hete aardappel bij het Antwerpse GO belandde. Waarop het GO een landelijk verbod op hoofddoeken afkondigde, maar het katholieke net op zijn beurt dit probleem niet hoeft te exporteren. Katholieke scholen elders te lande die de hoofddoek toelaten, mogen tolerant blijven. In Antwerpen mogen ze obstinaat zijn.
FarizeeërsZo blijft het katholieke net uiterst farizeeïsch. Mieke Van Hecke weet drommels goed dat in dit land elke instelling van haar 'vrije' onderwijs de grondwettelijke vrijheid heeft om het eigen pedagogische project verregaand in te kleuren, inclusief hoofddoekenverbod. En dat het officiële onderwijs dat zo niet mag. Vandaar trouwens het advies van de auditeur van de Raad van State: één gelijke regeling in het GO aub. Hier geen differentiatie. Waarna het GO koos voor veralgemening van de harde lijn. Want men kon de Antwerpse atheneumdirecties toch niet in de rug schieten? Meteen stonden over het hele land zoveel directies en scholen in de kou.
Het gaat hard tegen onzacht. Als Bert Anciaux laat weten dat hij radicaal tegen het hoofddoekenverbod is, wordt hij op internetfora per kerende getackeld, met een grove, unfaire trap tegen de enkels: "Imam Bert den Blèter moet zwijgen."
Terwijl Anciaux eigenlijk alleen pleitte voor verdraagzaamheid. Voor 'actief pluralisme', een begrip dat gelanceerd werd toen Steve Stevaert zijn nadagen als sp.a-voorzitter beleefde. Hij wilde God (Allah, Jahweh) op een verstandige manier een plaats te geven in het publieke discours. In het geheel niet door de fundamentele 'scheiding kerk/staat' op te heffen, maar gewoon door normaal te doen. Als er gelovigen zijn, van welk geloof ook, laat die dan rustig gelovig zijn. Alleen verkrampten zijn daar bang voor.
Maar zo te zien lopen er in Vlaanderen veel verkrampten rond. Ooit heette het dat we verdraagzaam moesten zijn. En officieel is dat nog altijd de lijn. Zij het dat van autochtonen gevraagd wordt dat ze moeten inburgeren. Prima, overigens. Inburgeren is goed en gewenst. Elke gezonde samenleving heeft een brede sokkel nodig van sociale afspraken waarover we het met zijn allen haast spontaan akkoord zijn. Zoals het grote respect voor elkaars individualiteit. Of voor privacy. Zolang jouw houding mij niet schaadt, moet het mogen. Onze zeer ruime invulling van tolerantie.
Behalve jegens allochtonen, moslims op kop. Die mogen wel kroeshaar hebben en een chocoladehuid. Maar geen hoofddoek. Ook al hebben sommige meisjes tot hun vierde of vijfde middelbaar ongestoord les gevolgd in dezelfde school, met dezelfde hoofddoek, en haalden ze altijd dezelfde goede punten, ineens wordt dat reglement eenzijdig gewijzigd en moeten zij zich plooien.
Laten wij allochtonen nog wel toe 'allochtoon' te zijn? Of beperkt zich dat tot hun voorkeur voor stoofschotels met lam, en het slurpen van muntthee? Is er echt sprake van gevaarlijk evoluerend islamintegrisme, of is dat vooral een projectie van onze angsten en besognes? En al zouden er meer en langere hoofddoeken verschijnen, weegt dat op tegen de prijs: de dreiging van een apart moslimonderwijsnet? Want dat zou er natuurlijk kunnen komen: er is geen redelijk argument om moslims te ontzeggen wat katholieken en joden toegestaan wordt: eigen levensbeschouwelijke scholen. Hoe emanciperend zulke levensbeschouwelijke scholen kunnen zijn, het is maar de vraag of dat in dit geval en vooral in de huidige context een goede zaak zou zijn voor de start van een islamitisch onderwijsnet.
AntiJoodse scholen zijn, net zoals de joodse gemeenschap, vooral op zichzelf gericht. In de gegeven omstandigheden islam-scholen oprichten leidt tot een net dat vooral 'anti' is: anti de andere netten (waaruit moslima's verjaagd werden), en ook anti-overheid, antisamenleving. Anti dat officieel misschien niet discriminerende maar in de praktijk zo harteloze land.
Onderwijsminister Pascal Smet (sp.a) heeft gelijk dat hij officieel niets mag opleggen inzake de hoofddoek. Maar misschien kan hij ook creatiever zijn en kijken hoe hij kan aanmoedigen en stimuleren wat hij juist en rechtvaardig vindt. Een homo die de strikt gelovige moslima's uit hun isolement haalt: beseft Smet wat voor emancipatorisch en roldoorbrekend gebaar dat zou zijn? Ook naar islamitische ouders en gezinnen?
Walter Pauli