23/06/09, 13u11
Het is veel en veel te vroeg, maar er is één miniem troostpuntje: als Karel Van Miert ergens had willen sterven, dan wel in de boomgaard waar hij meer dan 200 vergeten hoogstammige fruitbomen met veel liefde en zorg cultiveerde. Het was voor hem een passie, en ook een verbinding met zijn jeugd als oudste zoon van een landbouwersgezin met negen kinderen.
Met Karel Van Miert verliezen we niet alleen een minister van staat en een bevlogen politicus, maar ook en vooral een gepassioneerd en goed mens. Een passie die hem nooit verliet, ook nadat hij de actieve politiek vaarwel zegde. Iedereen zal een anecdote aan hem overhouden, zelfs vele, maar als ik er één persoonlijke mag uitplukken: een debat in Brussel over Europa, waarbij alle deelnemers binnenkwamen in de overtuiging dat ze nog eens hetzelfde institutionele lesje gingen afdreunen.
Behalve Van Miert dan, die met ingehouden woede en passie de teloorgang van de Europese gedachte aankloeg, zijn geloof in de Europese idealen beleed, en alle andere deelnemers uit hun lethargie haalde en er de terug de magische vonk in bracht. Het publiek hing aan zijn lippen, het was de enige keer dat ik ooit na een debat een politicus een staande ovatie zag krijgen.
Met dezelfde passie gaf hij destijds de BSP een eigentijds, open, modern en Vlaams gezicht, wat hem deed uitgroeien tot de populairste Vlaamse socialist ooit: in 1984 haalde hij bij de Europese veriezingen 496.063 voorkeurstemmen en een score van 28 procent, één van de hoogste ooit voor de socialistische partij. Met diezelfde passie was hij het politiek gezicht van de anti-kruisraketten-beweging, die in de jaren '80 de grootste politieke massabetogingen ooit door de straten van Brussel liet trekken.
De emotionaliteit van Van Miert leidde er ook toe dat hij haat-liefde verhoudingen had: met deze krant in de nasleep van de faling, met zijn eigen partij na de Agusta-affaire. Maar op enkele zeldzame uitzonderingen na, waarmee de breuk definitief was, was er ook altijd ruimte voor verzoening en begrip.
Karel Van Miert beleefde het toppunt van zijn carrière als Europees Commissaris voor mededingingsbeleid. Binnengekomen met de bijnaam van 'le petit Belge' dwong hij snel respect af, en groeide hij in zijn tweede termijn uit tot 'de machtigste man van Europa', die zonder verpinken de strijd aanging met grote multinationale kartels die het niet zo nauw namen met de regels van de vrije concurrentie. Zelfs tot in de Amerikaanse hoofdkwartieren van de luchtvaartreus Boeing deed de naam van Van Miert de schrik toeslaan.
De laatste jaren bleef Van Miert een gewaardeerd bestuurder, een intelligent observator van de Belgische en vooral internationale politiek, op wiens advies velen graag beroep deden, binnen en buiten zijn partij, binnen en buiten de politiek.
De koppige Kempenzoon, op zijn vijftiende begonnen als leerling-elektricien, geëindigd als 'Mister Europe', is één van de grootsten die de naoorlogse Belgische politiek heeft voortgebracht. Het is doodjammer dat net hij het oude gezegde weer moet waarmaken: 'Only the good die young.'
Yves Desmet
Politiek commentator