Walter Hellinckx, professor emeritus van het Centrum voor Orthopedagogiek aan de Katholieke Universiteit Leuven, vraagt betere begeleiding van leerkrachten die werken met 'moeilijke' adolescenten.
De praktijkleraar van de school voor buitengewoon secundair onderwijs Mariadal in Hoegaarden werd geschorst omdat hij een leerling mishandelde. Volgens Walter Hellinckx ontbreekt elke pedagogische verontschuldiging, maar het is ook waar dat werken met adolescenten met gedragsproblemen uiterst moeilijk is. Daarom dringt hij onder meer aan op voldoende bijscholing.
Wordt in Vlaanderen in de scholen te streng gestraft? Zijn lijfstraffen terug in? Amper enkele weken geleden werden we opgeschrikt door een voorval in een Steinerschool, waar een kind als straf de trap honderd keer op en af moest lopen. Nu worden we in de Buso-school Mariadal in Hoegaarden geconfronteerd met beelden van bruut geweld tegen een leerling met verstandelijke beperkingen en mogelijk gedragsproblemen. Toch moeten we vermijden dat deze uitzonderlijke gevallen tot overdreven proporties worden opgeklopt en veralgemeend.
Beide recente voorvallen zijn van totaal verschillende aard en moeten ondanks hun ernst als grote uitzonderingen op het pedagogisch klimaat in de scholen in Vlaanderen beschouwd worden. Wat zich recentelijk in Steinerschool De Zonnewijzer heeft afgespeeld is een uit de hand gelopen, weinig doordacht en pedagogisch onvoldoende onderbouwd leerproject. Zonder dat we precies weten wat er zich precies in de zesde klas van De Zonnewijzer heeft afgespeeld, mogen we er vanuit gaan dat noch de leerkracht in kwestie, noch de directie er ook maar een moment aan gedacht hebben lichamelijke straffen in te voeren. Met de opdracht om de kinderen, op basis van een les over de Romeinen, te laten fantaseren over welke straffen men in schoolverband zou kunnen invoeren was op zich ook nog niets aan de hand. Maar hoe leerkracht en school ertoe besloten hebben dit strafsysteem effectief te gaan toepassen, al was het dan in het kader van een of ander project, en al hadden de leerlingen er min of meer zelf voor gekozen, blijft totaal onbegrijpelijk.
Recht op moeilijk gedrag
De gebeurtenis in de school in Hoegaarden is van een heel andere aard. Hier ontbreekt elke pedagogische verontschuldiging. Een leerkracht is door het lint gegaan, heeft elk pedagogisch inzicht verloren en alle remmingen verloren. Dat de leerling in kwestie hem mogelijk al dagen, weken of zelfs het hele schooljaar lang irriteerde, is geen excuus. Een professionele houding is anders!
Het klinkt paradoxaal, maar een kind met gedragsproblemen heeft het recht om zich te gedragen als een kind met gedragsproblemen. Het is immers juist in deze school omdat het deze problemen heeft. Het is ook waar dat het werken in klas- of atelierverband met adolescenten met gedragsproblemen, al dan niet in combinatie met nog andere beperkingen, uiterst moeilijk is en zeer veel vertrouwdheid vergt met gespecialiseerde pedagogische vaardigheden. De leerkrachten moeten een rijpe, harmonische persoonlijkheid hebben; niet iedereen kan dit werk aan. Omdat het werk zo zwaar is, hebben deze leerkrachten dan ook recht op voldoende bijscholing en moeten de directie, het team en het CLB hen leerkracht voldoende ondersteunen. Directie en staf zouden moeten opvolgen welke leerkrachten wat wel en wat niet aankunnen, welke leerkrachten het tijdelijk, om welke reden dan ook, misschien wat moeilijker hebben en intenser begeleid en gesuperviseerd moeten worden. In vele scholen gaat het goed, in andere scholen zou hieraan meer aandacht besteed moeten worden.
Ook moet eens grondig nagedacht worden over de inhoud van de vorming en de navorming van de leerkrachten die met deze moeilijke kinderen en jongeren werken. Zij hebben op de eerste plaats geen nood aan grote opvoedingstheorieën of aan allerlei encyclopedische vakken over stoornissen bij kinderen. Zij moeten op de eerste plaats gespecialiseerde vaardigheden en technieken leren om gepast en pedagogisch verantwoord tussen te komen. Om het gedrag van de kinderen, maar ook dat van zichzelf beter te leren onderkennen en controleren. Dat moet gebeuren onder de vorm van trainingen. Nu en dan voor het leerkrachtenkorps wat losse flodders organiseren volstaat niet. Gedragstherapeutische technieken waarvan wetenschappelijk is aangetoond dat ze een bepaalde effectiviteit hebben, moeten deze leerkrachten op een concrete manier worden aangeleerd.
Duidelijke regels
Op een bijna overdreven manier wordt in onze samenleving benadrukt dat met straffen zuinig moet worden omgesprongen en dat fysieke straffen of psychisch onder druk zetten van kinderen niet kunnen. Vergeet men in sommige scholen niet dat recent over de klassieke pedagogische tik al debatten op leven en dood zijn gevoerd? Waren al de campagnes en informatieprogramma's dan volledig nutteloos? Het is bedroevend en ongelooflijk dat er in Vlaanderen nog steeds leerkrachten en scholen zijn die niet schijnen te weten dat straffen, en fysiek straffen in het bijzonder, uiterst gevoelig ligt. Het is nog erger dat men nog niet schijnt te weten dat, ook voor de moeilijkste leerlingen, aandacht geven aan goed gedrag belangrijker is dan straffen in geval van slecht gedrag. Misschien kunnen deze spectaculaire toestanden aangegrepen worden door sommige scholen — andere zullen daarin al veel verder staan — om toch nog eens goed nadenken over de wijze waarop kan, mag en soms moet gestraft worden. Het begint met regels: zijn er voldoende duidelijke regels, en weten kinderen en ouders wat de gevolgen zijn van het overtreden van die regels? Durft de school met de ouders een open discussie aangaan over regels en straffen? Hier ligt nog een ander pijnpunt: de communicatie tussen de school en de ouders. Een aantal directies en leerkrachten moeten ook op dit punt nog bijgeschoold worden. Leerkrachten moeten zich realiseren dat ouders nu eenmaal emotioneel reageren en opkomen voor de belangen van hun kind. Het zou trouwens erg zijn als ze dat niet deden; zolang het op een beschaafde manier gebeurt, is het oké. Leerkrachten hoeven niet direct defensief te reageren maar bereiken meer door goed naar de ouders te luisteren, medeleven te tonen en zelf hun bezorgdheid (niet de last die ze ermee ervaren) over het kind in kwestie uit te drukken.
Leerkrachten hebben het vandaag moeilijk, er wordt op veel vlakken veel, soms te veel van hen verwacht en geëist. Maar dat leerkrachten professioneel handelen als opvoeders en kinderen niet mishandelen, is toch wel het minste dat van hen verwacht moet worden. Op voorwaarde dat ze hierbij voldoende ondersteund en begeleid worden.

© De Persgroep Digital - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.
Volg het nieuws op onze zustersite in Nederland www.volkskrant.nl.