14/11/08, 09u02
Bij een grote politie-actie in Brussel zijn zaterdagavond en zondagochtend meer dan honderd mensen opgepakt, de meesten omdat ze illegaal in het land verbleven. Ondertussen is Open Vld-minister van Migratie en Asielbeleid Annemie Turtelboom op de vingers getikt omdat ze de hongerstakers van de voorbije maanden ongelijk heeft behandeld. Hilde Kieboom vraagt met aandrang: 'Dames en heren politici, wanneer maakt u werk van een beter beleid voor nieuwkomers?'
Het moet een klein genie geweest zijn dat bedacht een klopjacht op illegalen te houden vorige zaterdag, uitgerekend de zeventigste verjaardag van de Kristallnacht. In Brussel werden er volgens de media een honderdtal opgepakt. In Antwerpen gebeurde terzelfdertijd iets gelijkaardigs op kleinere schaal. Bij controles van vervoersbewijzen op tram en bus werden ook identiteitsbewijzen gecontroleerd.
Een van de opgepakten was - laten we haar zo noemen - Marie. Deze 53-jarige Congolese dame woont zes jaar in ons land. Omdat ze geen geldig verblijfsdocument kon voorleggen, werd ze weggeleid naar een combi. Waarom het nodig was haar daarbij te boeien, is mij een raadsel. "Alsof ik een crimineel was", zegt ze zelf gelaten en waardig. De rest van de dag werd ze ergens in een politiekantoor vastgehouden, samen met andere mensen zonder papieren. Sommigen van hen werden overgebracht naar het gesloten centrum van Vottem. Marie had iets meer geluk. 's Avonds werd ze vrijgelaten. Weliswaar met een bevel om het nationale grondgebied, en dat van 23 andere landen erbij, te verlaten. En dat binnen vijf dagen.
Hoe moet dat nu? Waar moet ze heen? Marie is afkomstig uit Bunia, de hoofdstad van Ituri, Oost-Congo. Het kreeg wat minder aandacht dan het drama dat zich wat zuidelijker in Noord-Kivu afspeelt, maar ook in Ituri zijn volgens bronnen ter plaatse de laatste weken weer tienduizenden op de vlucht geslagen. De streek, die heel wat bodemrijkdommen heeft en grenst aan Uganda, heeft erg te lijden onder allerlei gewapende milities. De etnische tegenstelling tussen de Hema- en Lendubevolking leidt vaak tot bloedvergieten. Voor Marie sloeg het noodlot toe op 6 september 2002. Die dag werden haar man en haar tante, die toevallig in huis was, door Lendumilities gedood. Zelf ontsnapte ze ternauwernood, omdat ze toevallig naar de kerk was. Sindsdien is Marie op de vlucht, eerst binnen Congo, vervolgens naar Uganda, met wat geluk kon ze ons land bereiken.
Ze vroeg politiek asiel aan, maar dat werd haar geweigerd. Sindsdien verblijft ze illegaal in het land. Terug kan ze niet: "Ik ben bang om te sterven." Ze heeft er ook geen familie meer. Die zijn dood of op de vlucht. Ze heeft wel wat verre familie in ons land, want zelf is ze de kleindochter van een Belgische koloniaal, wat haar een Vlaamse achternaam opleverde. Maar de familie wil haar niet, die is bang dat ze haar deel van de erfenis komt opeisen. Nochtans is geld niet wat Marie interesseert. Desnoods eet ze maar één keer per dag. Wat Marie zoekt, is een beetje veiligheid, een plek om rustig te leven. In haar omgeving is ze graag gezien. Ze maakt zich verdienstelijk door bejaarden in haar buurt bij te staan. Die hulp is welkom, want professionele ondersteuning en mantelzorg zijn er te weinig.
Ik schaam me dood voor deze straatarme, goudeerlijke vrouw. Schaamte voor Europa en ons land, dat er niet alleen ginder maar ook hier niet in slaagt haar dat beetje bescherming te geven. Niet wil gunnen. We willen haar geen politiek asiel geven. Heeft ze alsnog recht op een beschermingsstatuut voor oorlogsvluchtelingen? Of op regularisatie? Ik mag het maar hopen.
Marie is er maar één. Duizenden mannen, vrouwen en kinderen leven hier in de onzekerheid over hun toekomst. Misschien niet allemaal afkomstig van zo'n dramatisch gebied als Oost-Congo. Maar allemaal op zoek naar een toekomst voor zichzelf en hun kinderen, naar wat veiligheid en stabiliteit. Ze komen niet profiteren, ze willen maar wat graag bijdragen aan onze samenleving. Als ze maar even mochten.
Dames en heren politici, en al diegenen die de afgelopen dagen terecht de ongelooflijke komst van een zwarte nieuwkomer naar het Witte Huis in Washington hebben bezongen. Wanneer maakt u werk van een beter beleid voor nieuwkomers? Ik heb de hoop gevolgd van deze mensen. De aandacht die er kwam voor hun zaak bij de publieke opinie met de Hopactie en de kerkasielen in 2006. De politieke openingen die werden gemaakt in de verkiezingsprogramma's van 2007. Het geduld dat zwaar op de proef werd gesteld toen bij de moeizame regeringsvorming alle aandacht uitging naar onze eigen etnische tegenstellingen. En dan het regeerakkoord van maart 2008 met dat ene, gekoesterde zinnetje: "De regularisatiecriteria met betrekking tot de buitengewone omstandigheden zullen worden verduidelijkt in een omzendbrief (langdurige procedure, ziekte en een prangende humanitaire situatie, met inbegrip van de duurzame lokale verankering)." Vervolgens het uitzien naar die brief, die hopelijk verlossing biedt. "Ten laatste eind mei, begin juni." "Wellicht voor het zomerreces." "Tegen 14 oktober." Het jaar loopt nu naar zijn einde en er is niets, alleen maar eindeloos gekrakeel, over de hoofden van de betrokkenen heen. Ondertussen blijft Vreemdelingenzaken, wellicht tegen beter weten in, uitwijzingsbevelen sturen naar mensen die onder de nieuwe criteria allicht perfect regulariseerbaar zouden zijn.
Moeten we gaan geloven dat het onder minister Patrick Dewael nog beter was? Er waren misschien geen duidelijke criteria, maar Dewael regulariseerde wel. In 2006 en 2007 telkens zo'n tienduizend dossiers. Ik ken een aantal gezinnen die toen papieren kregen en ik zie hoe ze zijn opgeleefd, hoe de ouders werk vonden, hoe hun ambitieuze kinderen aanwinsten zijn voor onze samenleving. Marie en zovele anderen wachten echter nog altijd.
Mevrouw de minister, als u de coalitiepartners niet op één lijn krijgt over regularisatiecriteria, kunt u nog altijd uw eigen verantwoordelijkheid nemen. U hebt een discretionaire bevoegdheid en de macht om te regulariseren. Gebruik die alstublieft.
Vandaag in De Gedachte in De Morgen ook nog:
Dubbelagenten, autobommen en James Bond: ROBERT FISK, Midden-Oostencorrespondent voor de Britse krant The Independent, stuurt een spionagethriller uit het Midden-Oosten.