dm column
Geert Bourgeois noemt mij een walnoot: hard van buiten, zacht van binnen, moeilijk te openen. Dat zegt hij van alle Vlamingen in een starterskit voor Marokkanen.
Walnoot.
Iedereen mag het zeggen, maar niet die vogelverschrikker met Cyriel Verschaevepet. Overigens: thuis noemen ze mij beukennootje.
Ook daar leer je mee leven.
De informatiebrochure van Bourgeois is beledigend. Het bloesembeeld dat deze minister van Vlamingen verspreidt, is keuteliger dan Gezelle: stipte burgers die vroeg opstaan en zich met paraplu wapenen tegen regen. Braaf volk. Je zou hopen dat er gauw een indianenstam met blote vrouwen langskomt.
Partner of kinderen slaan, mag ook niet.
Anders gezegd: Marokkanen meppen er iets te gretig op los.
De suggestie is een minister onwaardig. Maar is Bourgeois wel minister? En van wat dan?
Excellentie van de onderbuik: hooguit. Zijn eigen hoogmis, dat altijd.
Aan ranzig gebroed ontbreekt het dit heerlijke binnenland niet. Het went. Maar in Casablanca gaan toeteren dat Vlamingen het Ubervolk zijn, dat zich om 3 uur 's nachts niet nog eens omdraait, is vendelzwaaien met dementie.
Kleuterleidsterlyriek.
Of wraak?
Je moet, vrouw zijnde, al de Balkan achter je hebben om nog te hopen dat Geert zich midnachts eens wil omdraaien.
Sherry blust beter af.
Hugo Camps

© 2013 De Persgroep Digital - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.
Volg het nieuws op onze zustersite in Nederland www.volkskrant.nl.