04/02/12, 10u08
Bekaert leert ons hoe aartsmoeilijk industrieel overleven is in een geglobaliseerde wereld, zegt Paul Huybrechts, publicist en voorzitter van de Vlaamse Federatie van Beleggers (VFB). Hij schrijft in eigen naam.
Wat bepaalt ultiem het welvaartspeil in een land? De mate waarin het méér kan uitvoeren dan invoeren. Goederen kunnen worden uitgevoerd en dat is dan prima voor de handelsbalans. Aan de invoerkant kunnen ook winsten toekomen uit activiteiten in het buitenland. Die bewegingen leveren samen een 'lopende rekening' op. Een land is maar robuust in de mate dat het saldo van die rekening met het buitenland, de plussen en de minnen samen dus, positief is.
Terzijde, het drama van de euro is dat het een munt is van landen met een overschot én van landen met een tekort. De landen met een surplus moeten hun munt eigenlijk kunnen revalueren en de landen met een tekort zouden moeten kunnen devalueren. Door te devalueren kunnen ze binnenlands goedkoper produceren, zodat ze meer kunnen uitvoeren en hun handelstekorten kunnen wegwerken. Met de euro kan dat niet meer. België moet vandaag nog niet devalueren. Maar nog wat tegenslagen verder, en we mogen de devaluatie van 1982 alsnog overdoen.
Als de welvaart van een land afhangt van zijn buitenlands succes, zijn de meest verdienstelijke ingezetenen van een land de bedrijven die méér uitvoeren dan ze invoeren. En/of meer winsten importeren dan ze dividenden aan buitenlanders betalen. Deze bedrijven compenseren de tekorten van de vele netto-invoerders. Zoals in een samenleving de actieve werkenden een inkomen bezorgen aan de niet-actieven, zo maken de uitvoerders het mogelijk dat we allemaal Koreaanse televisies kunnen kopen. 'Wat is uw persoonlijk saldo, voert u uit, bent u actief?': dat zou elke dag de eerste les in alle scholen moeten zijn. Niet culpabiliserend, wel bewustmakend. Welvaart valt nu eenmaal niet als manna uit de lucht.
Als we vanuit deze invalshoek naar Bekaert kijken, dan brak eergisteren een van de laatste Belgische topschutters zijn been. Een 'Messi' is voor enige tijd uit. Natuurlijk is dat in de eerste plaats een drama voor de ontslagen werknemers in België en in China. Het is de plicht van de overheid om uiterst zorgvuldig om te gaan met hun onzekerheid, hun bekwaamheden en hun toewijding. Gelukkig telt de streek rond Aalter vele tientallen kmo's met talrijke vacatures. De betrokken ministers en bedrijven moeten vooral een erezaak maken van de herinschakeling van de vijftigplussers. We moeten een nederlaag in het buitenland niet verergeren door ook nog bij te dragen tot de bestaande binnenlandse onevenwichtigheid tussen actieven en niet-actieven.
OverlevenBekaert leert ons hoe aartsmoeilijk industrieel overleven is in een geglobaliseerde wereld. We hebben hier te maken met een bedrijf dat voorbeeldig aan research en ontwikkeling doet, dat op het juiste moment klaar was met de grootschalige productie van een unieke zaagdraad en dat zich netjes over de wereld met 28.000 werknemers in 30 landen heeft ontplooid. Geen groeiland waar Bekaert niet is. Natuurlijk zijn er ook fouten gemaakt, maar het is gewoon decadent om daarop nu in te zoomen. Bekaert is wel het beste wat Belgische ingenieurs kunnen. We hebben gelukkig ook nog enkele baggeraars, een beeldschermproducent, wat chemie en pharma, maar Bekaert is wel voor onze economie wat Kim Clijsters is voor onze sport.
En toch is het deels fout gelopen. Deels, want Bekaert blijft natuurlijk een wereldleider in de pantsering van banden en van beton. In één op de vier radiaalbanden zit staaldraad van Bekaert, en er wordt geen brug gebouwd zonder Dramix-staalvezel van Bekaert. Bekijk op YouTube het filmpje 'Bezwijkproef Staalvezelbeton', en u weet waar het over gaat. En van zodra u 18 jaar oud bent, overweeg dan ingenieur te worden.
Het verhaal van de zaagdraad (of preciezer: de hoge treksterkte staaldraad die, met een ingebouwd abrasief, hoge kristalijn polysilicium versnijdt tot ultradunne wafers), is bijzonder leerrijk. Normaal ziet een productcyclus er grosso modo als volgt uit. Je ontwikkelt een uniek product en je bedient een snelgroeiende markt met hoge marges. Dat trekt concurrenten aan en de marges dalen. Het product wordt dan, zoals de vroegere en intussen verkochte draadproducten van Bekaert, een verhaal van weinig groei en lage marges. Hoe lang die cyclus duurt, hangt van veel factoren af, maar bij zaagdraad trad de concurrentie en de prijsdaling ongemeen snel en brutaal op. Het komt hierop neer, zei een ingewijde, dat twee Chinese ingenieursteams van Bekaert bij wijze van spreken aan de overkant van de straat twee zaagdraadfabrieken zijn begonnen met een productiecapaciteit gelijk aan de totale wereldvraag. Ze deden dat met overvloedig geld van Amerikaanse en Chinese private equity-investeerders. Het ging dus niet zomaar om een concurrent die werd aangetrokken door de hoge marges, nee, de Chinezen zorgden meteen voor een tsunami van aanbod en prijsopbod. Einde zaagdraad.
Belgische humusDe les is dat zelfs met de beste strategie, met onderzoek en ontwikkeling van wereldklasse, met de snelste innovatie, met het beste gevoel voor timing, met de nodige dosis geluk en met het beste management, mislukkingen voorkomen. Het is daarom pijnlijk dat in het in de berichtgeving vooral gaat over de subsidies die Bekaert zou moeten terugbetalen (minder dan 5 procent van de 60 miljoen die Bekaert elk jaar in België aan research en ontwikkeling spendeert) en over de belastingen die Bekaert niet zou hebben betaald. Bekaert betaalde in België echter geen vennootschapsbelasting, omdat er nauwelijks winst was. In het buitenland werd in 2010 wel voor 140 miljoen euro belasting betaald en in België trouwens ook 130 miljoen euro, maar dan aan roerende-, onroerende- en SZ-heffingen.
De manier waarop dit land over het burgerschap van zijn bedrijven spreekt, is echt destructief. In zo'n maatschappelijke humus kweek je geen nieuwe Bekaerts. De eigenaars van Bekaert, de aandeelhouders, zijn intussen al deels het land uit. In 2002 was, familie inbegrepen, 86 procent van de aandeelhouders van Bekaert nog 'Belgisch', nu nog 50 procent. Als we verder zo omgaan met onze vedetten, wil niemand hier nog spelen. Wat is dan ons aller saldo?