De machtige slachtoffers van het Witte Huis

24/01/12, 08u43

De Obama's voelen zich overbelaagd en ondergewaardeerd, zegt Maureen Dowd, columniste van The New York Times.

Acht seconden lang zagen we de president naar wie we al drie jaar verlangden: cool, vrolijk, grappig, betrokken.

"I, I'm so in love with you", croonde Barack Obama onlangs tijdens een benefiet in het Apollo in Harlem voor een opgewonden publiek, een verleidelijke imitatie van de toekijkende Al Green.

Het liedje zou een goede campagnehymne zijn: "Let's stay together, lovin' you whether, whether times are good or bad, happy or sad." Ga niet uit elkaar, keer terug en maak het goed.

Het waren drieste en trieste tijden, en De Uitverkorene bleek toch niet de messias te zijn maar gewoon een politieke sterveling die beteuterd grapte dat het zijn talent is efficiënt toe te slaan waar niemand het graag heeft, noch zijn bondgenoten, noch zijn tegenstanders.

De man die beroemd werd met een toespraak waarin hij verklaarde dat we één Amerika zijn en geen rivaliserende ploegen van rode en blauwe staten, is nu president van een Amerika dat meer dan ooit verdeeld is tussen rood en blauw.

Het portret van het presidentiële paar in Jodi Kantors jongste boek The Obamas staat stijf van gekrenktheid en de minachting die de rationele president voelt voor de irrationele aard van de politiek, de pers en de Republikeinen. In tegenstelling tot wat zijn rivalen zeggen, geloven de president en de first lady wel degelijk in Amerikaans exceptionalisme - dat van henzelf, en ze voelen zich overbelaagd en ondergewaardeerd.

Wij hebben hén teleurgesteld.

Zoals Michelle zei tegen Oprah in een interview dat ze in mei vorig jaar deed met de president: "We zeiden altijd tegen de kiezers: de vraag is niet of Barack Obama klaar is om president te worden, de vraag is of wij klaar zijn. En dat is nog altijd de vraag die we onszelf moeten stellen."

Kantor schrijft dat toen de president een ontmoeting had met Democratische Congresleden die bij de tussentijdse verkiezingen hun zetel hadden verloren vanwege de incoherente economische en banenstrategie van het Witte Huis, hij blijkbaar de angst niet begreep die de Tea Party had voortgebracht, of spijt voelde.

Wie wist in alle uitgelatenheid van 2008 dat Amerika een introvert aan het verkiezen was? En dat iemand die zo veel mensen raakte zich verheven voelde boven de kleine kantjes van de politiek?

De Obama's, en vooral Michelle, stralen het gevoel uit dat de Amerikanen niet waarderen wat ze opofferen door in een gouden kooi te leven. Ze zijn de eerste regel van de politiek vergeten: niemand zal een traan plengen voor iemand die het geluk heeft in het Witte Huis te wonen. En na vier of acht jaar overheidsdienst maak je gegarandeerd deel uit van de 1 procentclub.

De Obama's voelen zich oprecht slachtoffers. Maar Newt Gingrich, die campagne voert door de cultuur van het slachtofferschap aan te vallen, speelt er ook eentje. Hij scoorde op het CNN-debat in Charleston met de boude bewering dat hij zelf het slachtoffer is van "de elitemedia die Barack Obama beschermen" (dezelfde Obama die Time vertelde dat hij het slachtoffer is van de pers). Newts zet was een berekende poging om de aandacht weg te leiden van de aantijging van zijn tweede vrouw, Marianne, dat de gezinswaarden die hij predikt niet meer dan hypocriete platitudes zijn gezien de valse manier waarop hij twee vrouwen behandelde van wie hij scheidde toen ze ziek waren.

Zou 2012 op bizarre wijze kunnen uitdraaien op een wedloop tussen twee machtige slachtoffers die verlangen naar eenzaamheid aan de top?
mailIcon print | Meer bookmarks |
Aan het laden...

Jouw gedachte?

De beste gedachten verschijnen in de krant

Aan het laden...
<spring:message code='commonMessages.loading' />