Amerika blijft de eerste dirigent

Door: redactie − 09/01/12, 06u38

Paul Brill blikt vooruit op de internationale politiek in 2012. Paul Brill is redacteur van de Volkskrant.

  •  Zo stormachtig als de economische opkomst van China is, zo beperkt is zijn mondiale rol nog steeds. Peking doet zich af en toe wel gelden, maar een omvattende visie lijkt te ontbreken  

Amerikanen hebben een fascinatie voor cijfers en statistieken. Soms neemt dat groteske vormen aan. Een echte liefhebber van American football weet precies het aantal keren dat de toonaangevende quarterbacks met succes een pass hebben geworpen, en de totale afstand die ze daarmee hebben overbrugd. Van honkballers wordt nauwkeurig bijgehouden hoe vaak ze raak slaan, inclusief de slagen die hen slechts naar het eerste honk brengen.

Soms kan die cijferzucht ook een pregnant nieuw licht op iets werpen. Rond de jaarwisseling zag ik bij CNN een vooruitblik op de te verwachten politieke verwikkelingen in 2012. Daarvoor was een saillante berekening gemaakt. Dit jaar krijgen vier van de vijf leden van de VN-Veiligheidsraad te maken met een mogelijke wisseling van leiderschap: de Verenigde Staten, China, Rusland en Frankrijk.

Dit kwartet is goed voor bijna een kwart van de wereldbevolking. En wat meer is: tezamen nemen deze vier landen 40 procent van het mondiale bnp voor hun rekening. Verder staan er presidentsverkiezingen op het programma in belangrijke landen als Egypte en Mexico. Zelfs als er geen schot zou worden gelost of geen demonstrant de straat op zou gaan, kan dus nu al worden gezegd dat 2012 een spannend jaar wordt met de nodige politieke ongewisheid.

Natuurlijk heeft de 'mogelijke wisseling van leiderschap' in het ene land een totaal ander karakter dan in het andere. In de VS en Frankrijk worden vrije presidentsverkiezingen gehouden. De zittende presidenten, Barack Obama en Nicolas Sarkozy, hebben een redelijke kans om te worden herkozen, maar zeker is het allerminst.

De uitslag van de Russische presidentsverkiezingen staat wel vast: de winnaar heet Vladimir Poetin. Maar daarmee is niet alles gezegd. Na het betrekkelijke echec van de parlementsverkiezingen en de golf van protesten over de fraude die daarbij is gepleegd, is het zeer de vraag hoe Poetin campagne gaat voeren en of hij nog als een geloofwaardige winnaar uit de bus kan komen. In die zin zijn de verkiezingen bepaald geen verplichte oefening.

Interne spanning
In China zijn de kaarten ook wel geschud en hoeft niemand de gang naar het stemlokaal te maken. Xi Jinping is voorbestemd Hu Jintao op te volgen als partijleider en Li Keqiang gaat naar alle waarschijnlijkheid het premierschap vervullen.

Maar ook hier geldt: dit is niet het hele verhaal. In een gesloten politiek systeem als het Chinese is een wisseling van de wacht altijd een bron van interne spanning. Het geldt nu in nog sterkere mate aangezien de nieuwe leiders de eerste zijn die geen persoonlijke band hadden met Deng Xiaoping, de architect van het moderne China. Bovendien is het de bedoeling dat in de loop van dit jaar ongeveer de helft van het Centraal Comité wordt ververst.

Wat betekent dit alles voor de internationale constellatie? Mijn taxatie is: er zal in de strategische verhoudingen op het wereldtoneel niet veel veranderen. Landen die bezig zijn met de verdeling van de macht in eigen huis, onthouden zich meestal van ferme nieuwe stappen in de buitenlandse politiek, tenzij er aperte belangen op het spel staan. Vanouds staat in een verkiezingsjaar de Amerikaanse bemoeienis met het Israëlisch-Palestijns conflict op een laag pitje. Dat zal in 2012 niet anders zijn. Anderzijds zal president Obama juist in dit jaar een Iraanse blokkade van de Straat van Hormuz niet tolereren.

Om terug te keren naar China: zo stormachtig als zijn economische opkomst is, zo beperkt is zijn mondiale rol eigenlijk nog steeds. Dat wil zeggen: Peking doet zich af en toe gelden, in Afrika wordt het economische eigenbelang met verve behartigd en de nationalistische eigendunk tiert welig in de grensconflicten met diverse buurlanden; maar verder is China geen factor van grote betekenis. Een omvattende visie lijkt te ontbreken.

Beschermheer van Assad
Peking werd nog veel meer overrompeld door de opstanden in de Arabische wereld dan de VS en Europa. Er is ook geen enkel profijt getrokken uit het westerse prestigeverlies. Terwijl Syrië door de meestal tandeloze Arabische Liga de klas uit werd gestuurd, wierp China zich in de Veiligheidsraad op als beschermheer van het bewind-Assad. Misschien gaat een en ander in de toekomst veranderen, maar het ligt voor de hand dat de nieuwe leiders voorlopig gepreoccupeerd zijn met het consolideren van hun macht.

Het betekent dat de reeds vaak afgekondigde multipolaire wereld nog even op zich laat wachten en dat Washington, ondanks electorale beslommeringen en een geslonken repertoire, vooralsnog de eerste dirigent van het wereldorkest blijft. Niet in de laatste plaats omdat er in de VS een sterke traditie bestaat van strategisch denken en mondiaal engagement. Daarvan is in China nog weinig te merken, om van India en Brazilië maar te zwijgen.

Deze column verscheen eerder in de Volkskrant.

mailIcon print | Meer bookmarks |
Aan het laden...

Jouw mening?

De beste reacties verschijnen in de krant

Aan het laden...