07/01/12, 18u11
dm column
Bert Wagendorp is columnist van de Volkskrant en om de twee weken bijzonder correspondent voor De Morgen vanuit Amsterdam. Van daar bericht hij over zijn land en dat van ons.
-
-
Net als de zusterpartijen elders heeft het CDA grote moeite een christendemocratisch antwoord te vinden op de moderne vragen omtrent mondialisering, immigratie, Europa en de economische crisis
Nergens in Europa gaat het de christendemocraten voor de wind, maar in Nederland is het wel heel droevig met ze gesteld. In sommige peilingen zakt het zetelaantal van het Christen-Democratisch Appèl van het toch al magere dieptepunt van 21 in werkelijkheid naar een nog schameler 10 virtueel: nog even en het CDA zakt onder de dubbele cijfers.
Geen wonder dat niemand de partij nog wil leiden; wie wil er kapitein zijn op een zinkend schip? Onze minister van Economische Zaken, Maxime Verhagen, maakte donderdag bekend dat hij geen leider zal worden van zijn partij. Een dag later verklaarde een veelgenoemde andere kandidaat, minister van Financiën Jan Kees de Jager, dat hij ook wel iets beters had te doen. Hierop zei minister van Onderwijs, Marja van Bijsterveldt, dat ook zij niet zou ingaan op een eventuele uitnodiging om de nieuwe leider te worden.
En dat was dan nog maar de oogst van twee dagen: de komende tijd zal de lijst van bedankers voor het leiderschap verder worden aangevuld. Met elke bedanker wordt de druk op andere kandidaten om ook snel te bedanken groter. Voor je het weet ben je de allerlaatste kandidaat, word je automatisch benoemd en mag je de laatste dagen van je loopbaan besteden aan de stervensbegeleiding van een eens oppermachtige partij.
Straks moet de oude Ruud Lubbers nog uit zijn pensioen worden gewekt om de touwtjes in handen te nemen. Het CDA lijkt een geheime misdaadorganisatie, waarvan je maar beter niet publiekelijk te boek kunt staan als de leider.
In juni 2010 leed de partij een zware verkiezingsnederlaag. Partijleider en voormalig premier Balkenende verliet de politiek en werd partner bij een accountantbureau. Daarmee zat zijn partij zonder leider. Dat is sindsdien zo gebleven; het CDA heeft zit nu langer zonder leider dan België zonder kabinet zat.
Niettemin trad de partij onder interim-aanvoerder Maxime Verhagen toe tot het gedoogkabinet van Mark Rutte. Het strijdplan luidde als volgt: de populisten van de PVV van Wilders aan de borst drukken en wurgen. Die tactiek wierp bijna tien jaar geleden nog vruchten af toen de LPF van wijlen Pim Fortuyn op dergelijke wijze werd gesmoord. Maar nu dreigt hij op een echec uit te lopen: de PVV wurgt het CDA, in plaats van andersom.
Sinds de Tweede Wereldoorlog telde Nederland 28 kabinetten. Daarvan waren er twee, de paarse van Wim Kok in de jaren negentig van de vorige eeuw, waarin het CDA - of de confessionele voorgangers
van die partij - niet aanwezig was. Van de 28 premiers trad er 19 keer eentje aan van katholieke, hervormde of gereformeerde huize, dat zijn de drie bloedgroepen waaruit het CDA is samengesteld. De christendemocratie was bij ons lang de dominante politieke stroming. Bij de parlementaire verkiezingen van 1918 tot en met die van 1963 behaalden de drie christelijke partijen absolute meerderheden, in dat laatste jaar nog 76 van de 150 zetels.
Als ze ergens weten dat de tijden veranderen, dan is het wel bij het CDA. Nu word je leider van een partij die zichzelf tijdens een historisch congres, dat in oktober 2010 honderdduizenden Nederlanders urenlang aan de buis gekluisterd hield, bijna uit elkaar trok: adembenemend politiek drama. De vraag was of het CDA in een regering moest gaan zitten die zich liet gedogen door de rechtsextremisten van de PVV. De vraag die daaronder lag was wat de christendemocraten zelf wilden zijn.
Net als de zusterpartijen elders heeft het CDA grote moeite een christendemocratisch antwoord te vinden op de moderne vragen omtrent mondialisering, immigratie, Europa en de economische crisis. En dan daalt het aantal mensen dat stemt op basis van geloofsovertuiging ook nog steeds verder: wie rondkijkt op CDA-congressen ziet in meerderheid grijze leden.
De extra Hollandse complicatie vormt het gespleten karakter van de partij zelf. Het CDA kwam in 1980 tot stand als fusiepartij tussen protestanten (de gereformeerde ARP en de hervormde CHU) en katholieken (de KVP, lang de grootste politieke partij van Nederland). Nog altijd zijn in de partij de scheidslijnen zichtbaar, en soms dreigen ze de partij te verscheuren. De oude ARP-ers zijn merendeels naar naastenliefde neigende progressieve gereformeerden, ze moeten niets van Wilders hebben. Ook in de katholieke bloedgroep is er een scherpe kloof tussen progressieven en conservatieven.
Dat Maxime Verhagen geen leider mocht worden van voorzitter Peetoom, ging rechtstreeks terug op dergelijke verschillen: Verhagen is een rechtse, katholieke conservatief uit het diepe zuiden, Peetoom een protestantse dominee van de Vrije Universiteit met veel progressievere opvattingen.
Binnenkort komt een groep van wijze mannen met een antwoord op de vraag: wat moet de Nederlandse christendemocratie zijn, in 2012?
Dat antwoord moet de partij verenigen, maar het kan evengoed een nieuwe splijtzwam zijn. Want misschien is de christendemocratie, in elk geval in Nederland, wel te verdeeld om nog langer onder één vlag te varen.