07/01/12, 08u30
Ivan Van de Cloot juicht toe dat de Europese instanties onze begroting in de gaten houden. Van de Cloot is hoofdeconoom bij Itinera Institute, een onafhankelijke denktank voor duurzame economische groei en sociale bescherming.
-
-
Het is erg pijnlijk om vandaag aan de babyboomers te vragen langer te werken omdat de overheid in het verleden heeft nagelaten om een spaarpotje aan te leggen voor de dag dat zij op pensioen vertrekken
Het is tegenwoordig bon ton in ons land te spreken over het begrotingsfetisjisme van Europa. Gisteren was het weer zover toen de brief van Oli Rehn als vicevoorzitter van de Europese Commissie bovenkwam waarmee ons land op de vingers wordt getikt inzake de excessieve tekortenprocedure. Sommigen denken de bevolking de indruk te kunnen geven alsof het gaat over een meningsverschil over gepast economisch beleid tussen België en de Europese Commissie. Daarop wijst alvast de reactie vanuit de regering zoals ze in deze krant werd weergegeven. In werkelijkheid gaat het er echter over dat Europa ons land de boodschap geeft dat het gedaan moet zijn met het fabriceren van cijfers naar eigen goeddunken. Het gaat dus niet over een theoretische discussie of het goed is om meer of minder te besparen. De Europese Commissie stelt dat de begrotingsimpact van maatregelen inzake roerende voorheffing, fiscale fraude en notionele intrest te genereus werd ingeschat met ongeveer 1,2 miljard euro. Bovendien stelt ze dat de Belgische overheid geen rekening hield met de tweederonde- effecten van de geplande besparing op de economische groei, wat samen tot een onderschatting van het tekort leidt van 2 miljard euro.
BliksemafleiderHet is typisch dat men in ons land erin slaagt om voor binnenlands gebruik een parallelle werkelijkheid te creëren waarop een heel debat losbarst dat als een bliksemafleider werkt voor de originele bedenkingen van de Europese Commissie. We zagen dat er gisteren ook onmiddellijk de indruk werd gecreëerd alsof Europa vanuit een zekere willekeur België in het vizier neemt. Op die manier speelt men in op het underdoggevoel dat een klein landje proefkonijn moet spelen. Niets is minder waar. De Commissie zoomt in op de geloofwaardigheid van de Belgische cijfers omdat het net zoals Polen, Hongarije, Cyprus en Malta zich niet gehouden heeft aan de doelstellingen op het vlak van begrotingsresultaten. Ons land is er vaak als eerste bij om het gebrek aan Europese eensgezindheid aan te klagen, maar dan moet het zich ook niet verbolgen tonen als de Europese instanties ons op de vingers tikken omdat we ons niet aan de afspraken hebben gehouden. Volgens het stabiliteitsprogramma dat we in april van 2011 nog hadden overgedragen moesten we het in 2011 houden op een tekort van 3,6 procent van het bruto binnenlands product. Maar volgens de nationale bank strandden we vorig jaar op 4,2 procent wat toch maar weer een significante overtreding is.
Als burgers kunnen we er alleen maar op hopen dat de druk vanuit Europa ervoor zal zorgen dat de Belgische begrotingsbeloften worden nagekomen. Het is immers erg pijnlijk om vandaag aan de babyboomers te vragen langer te werken omdat de overheid in het verleden heeft nagelaten om een spaarpotje aan te leggen voor de dag dat zij op pensioen vertrekken. Nochtans hebben ze allemaal bijgedragen door hard en massaal te werken. En toen rond de eeuwwisseling de economie oververhitte, gooide onze overheid nog meer olie op het vuur door de daling in de rentebetalingen niet op te sparen zoals beloofd via het zilverfonds, maar om te zetten in een permanente verhoging van de uitgaven. Met die voorgeschiedenis is het moeilijk om niet elke instantie die de Belgische regering aanzet tot meer begrotingsdiscipline als een objectieve bondgenoot te zien van de belangen van de bevolking.
RisicomanagementMerk op dat de discussie dus zelfs helemaal niet gaat over de vraag of onze economische groei dit jaar lager zal uitvallen dan de raming van 0,8 procent waarmee onze begroting rekening houdt. Als de Commissie daar wel een punt van zou maken, dan zou al snel gesproken moeten worden over een totale inspanning van meer dan 3,5 miljard euro. Al bij al is de bijkomende inspanning die gevraagd wordt erg beperkt. Gisteren besloot het kernkabinet om ruim 1 miljard euro uitgaven te bevriezen tot de begrotingscontrole in februari. De toename van de rente op staatspapier de laatste dagen suggereert duidelijk dat we nog niet uit de gevarenzone zijn. Nu meer dan ooit is het voeren van gezonde overheidsfinanciën een oefening in risicomanagement. In een land met zo'n grote overheidsschuld als het onze, is het zaak om het risico op een ontsporende rentesneeuwbal zo goed mogelijk te minimaliseren. Laten we blij zijn dat we daarbij ook op de steun van de Europese instanties kunnen rekenen.