Steven Samyn −
27/12/11, 09u06
Ierland voerde in maart 2004 als eerste EU-land een rookverbod in voor alle openbare ruimtes, inclusief de horeca. Sindsdien zijn nagenoeg alle Europese landen in meer of mindere mate gevolgd. Overal ging dat gepaard met doemberichten. Ook in ons land duiken om de haverklap berichten op over cafés die massaal de deuren moeten sluiten. Volgens zelfstandigenorganisaties is het rookverbod de spreekwoordelijke druppel voor honderden horecazaken.
De waarheid is iets genuanceerder. Het rookverbod zal de sector ongetwijfeld geen nieuwe dynamiek hebben bezorgd. Maar er zijn heel wat andere zaken die meespelen. België telt gemiddeld heel wat meer horecazaken dan onze buurlanden. Aangezien iedereen een café of restaurant kan openen, gaan er ook relatief veel failliet. Vooral cafés, pitabars en broodjeswinkels die nooit echt hebben nagedacht over een origineel concept of een goed uitgewerkt businessplan hadden.
Een btw-verlaging voor drank moet nu heil brengen. Na jaren lobbywerk werd in 2009 het btw-tarief op maaltijden al van 21 naar 12 procent verlaagd. Dat kost tussen de 200 en 300 miljoen euro in budgettair moeilijke tijden. In ruil zou het zwartwerk bestreden worden en zouden er duizenden nieuwe jobs bijkomen.
Sommige restaurants heeft het iets meer winstmarge gegeven. Maar horecazaken die slecht draaiden, gingen toch op de fles. Van dalende prijzen voor de consument was ook al geen sprake. En de arbeidsinspectie stelde bij gerichte controles op zwartwerk nog meer inbreuken vast dan voorheen.
Het zwartwerk is zo alomtegenwoordig dat de sectorfederatie Horeca Vlaanderen de verplichte invoering tegen 2013 van de geregistreerde kassa's, die zwartwerk moet uitroeien, als een moordaanslag omschreef. Veralgemeend zwartwerk was weliswaar ontoelaatbaar, maar een beetje zwart moest kunnen.
De horeca is niet de enige sector die in ons land te kampen heeft met de te zware lasten op arbeid. Ieder zinnig mens is voor een goed draaiende horeca. Maar als een sector niet zonder zwartwerk kan overleven, zit er iets fundamenteel fout. Een btw-verlaging als enige mogelijke oplossing opvoeren, is oneerlijk. Waarom kunnen starters niet beter begeleid worden of kan er iets gedaan worden aan de administratieve overlast waar ondernemers mee kampen?
Jammer genoeg krijgt wie het langst en het luidst roept in België vaak het meest gedaan. Ongeacht of de argumenten die daarbij gehanteerd worden, correct zijn. Hoe eerlijk is dat?
Steven Samyn
Chef politiek