Vlaamse post voor Di Rupo: Brieven uit Mol, Genk en Ingelmunster

24/12/11, 10u45

Met 'Elio, wat gaat u van de Vlamingen houden' gaf Guillaume Van der Stighelen de voorzet voor een reeks waarin schrijvers en journalisten de premier een week lang gidsten door de Vlaamse steden. Tot slot van de Vlaamse post voor Di Rupo: een selectie brieven van lezers aan de eerste minister.

Mol
Geachte Heer Di Rupo, In uw tocht door Vlaanderen nemen ervaren gidsen u bij de hand. Maar heeft u al gehoord over Mol en de Kempen ?

Vermoedelijk heeft u tijdens een schoolreis het Zilvermeer niet bezocht ? Had u toen al een rode zwembroek ? Maar ik dwaal af... Om terug te komen op Mol en de Kempen, wel die streek is zo'n beetje te vergelijken met Henegouwen, ook een godvergeten hoek in een grensstreek. Mocht u eens passeren, u waant zich onmiddellijk in uw geboortestreek.

En bij ons hoeft u geen schrik te hebben om gebroken Nederlands te spreken... Iedereen brabbelt hier een koeterwaals dank zij die fabrieken met namen als 'de Vieille-Montagne, Johns Manville,... of is die laatste een Amerikaanse fabriek ? Nu, het zijn niet allemaal van die stinkfabrieken hier in de buurt. We hebben ook 'den atoom'. Die stoppen hun afval tenminste diep genoeg onder de grond. Jarenlang mochten we geen eigen groenten kweken omwille van de zware metalen in de grond; maar op een bedje van radioactief afval mogen we weer zoveel prei planten als we willen.

Wist u dat ze op 'den atoom' verwarmde zwemvijvers rondom hun koeltoren hebben. Dus u kan gerust uw rode zwembroek meebrengen.  En wat betreft dat beetje straling van den atoom... Hier in Mol hebben ze al zoveel lood in hun lijf dat ze er immuun voor geworden zijn.

Mocht u langskomen, breng dan uw staatssecretaris Servais Verherstraeten mee. Nen hele meneer, weliswaar geboren in Balen, maar dat is half Mol. Maar past u op, ze zijn in Mol niet allemaal zo gelekt en gestreken als de Servais. Niet dat u uw schoonste kostuum niet mag aandoen als u op visite komt, maar doe toch maar best uw rode zwembroek onderaan. Want als ge teveel streken hebt, loopt ge in Mol altijd het risico dat ze u met 'ei nondedjuke in de Neet smeite'.

Tot binnenkort,
Herman Vereycken,  Ex-Mollenaar


Genk
Beste Elio,
Ik zend je mijn groeten uit Genk. Honderd jaar geleden nog een onooglijk dorp in de Kempen, nu de derde industriestad van Vlaanderen.  Wij zijn daar fier op, maar soms maakt mij dat ook een beetje bang.  Want was Charleroi, in jouw Henegouwen, ooit niet de eerste industriestad van Wallonië? Ik ben nochtans hoopvol, want jij bent er toch ook in geslaagd om van Bergen weer een aangename, toekomstgerichte stad te maken. Het kan.
Ik weet zeker dat de Genkenaren van jou gaan houden, Elio. Maar nog meer: jij gaat ook van Genk houden. Vooral omdat jij in Genk geboren had kunnen zijn. Had je vader gekozen om een beetje noordelijker in de Limburgse mijnen te werken, je was één van de onzen geweest. Want Genk is een stad van inwijkelingen. Honderd jaar geleden telden we amper enkele duizenden inwoners. Nu zijn we met 65.000. Uitgewaaierd van alle streken in Vlaanderen, Wallonië, heel Europa en verder. Polen, Italianen, Spanjaarden, Grieken, Portugezen, Slovenen, Hongaren, Russen, Turken, Marokkanen... Ik verontschuldig me meteen voor de roots die ik vergeten ben. Zoveel verschillende wortels kunnen alleen maar sterke bomen opleveren.

Ja Elio, jij gaat van Genk houden. Want wij zijn allemaal een beetje Elio. Uit een mijnwerkersbroek geschoten en door hard werken het zelfs tot premier van dit prachtige België kunnen schoppen. Dat is de spirit. The Belgian Spirit. Daar houden wij ook van. Jij bent een voorbeeld voor onze jeugd, vanwaar hun vader of grootvaders ook afkomstig zijn. En dat beetje hoop en perspectief dat jij biedt hebben we nodig in Genk. Nergens in Vlaanderen is de jongerenwerkloosheid en leerachterstand zo groot. En dan komt een rolmodel zoals jij goed van pas. Ja, je kunt het wel maken als je afstamt van een immigrant. Ja, er is een toekomst voor je weggelegd ook al ben je opgegroeid in een mijnwerkershuisje met gestampte aarde als vloerbedekking. Ja, er is hoop voor je weggelegd als je samen met andere migrantenkinderen in de klas hebt gezeten en zoals iedereen hard studeert. Jij hebt het gemaakt, Elio. Proficiat. Blijf die boodschap van hoop uitdragen. En vooral het geloof dat je in een solidaire, rechtvaardige samenleving het recht hebt om alle kansen te krijgen en de plicht hebt om ze te grijpen.

Taalachterstand Elio. Je zult het wel kennen. Het is nog zoiets dat we gemeen hebben. Je kunt geen krant in Vlaanderen openslaan of jij wordt aangesproken op je slecht Nederlands. Dat kennen wij hier ook. Maar in de mijnen en de cités hebben wij geleerd dat taal in de eerste plaats een communicatiemiddel is en geen veredeld icoon waar je 20 jaar voor moet studeren. Hier hebben we er zelfs een taalvariant op gevonden: het algemeen cités. Je moet het maar eens opzoeken op Wikipedia. Het is het taaltje dat de mijnwerkers uitvonden om elkaar beneden te begrijpen en dat nu op een ongelooflijk creatieve manier gebruikt wordt door de jongeren in de cité. Zo communiceren wij met elkaar en verstaan wij elkaar. En daar gaat het toch om, nee? Hier in Genk weten we het zeker, Elio: het komt wel goed met je Nederlands.

En tenslotte, Elio: jij gaat zeker van Genk houden. Want Genk is het Little Italy van Vlaanderen. De meest zuiderse stad van het noorden.  Meer dan 12.000 Genkenaren hebben Italiaanse roots. Enkelen onder hen hebben het ook ver geschopt. Rocco Granata en Martin Margiela om er maar twee te noemen. De harde supporterskern van KRC Genk heet niet voor niets Drughi Ultra's, naar hun Italiaanse voorbeelden. En uit de kelen van alle Genkenaren klinkt iedere keer eensgezind: "Forza Racing!" Het doet me denken aan een anekdote van een vriend die met enkele Genkenaren in Italië was en één van hen vroeg: "Hoe zeg je ciao in 't Italiaans?" Genk is een beetje Italië en ontvangt iedereen dan ook hartelijk en warmbloedig. Ook jou dus.

Elio, ik kan niet wachten tot je eens een bezoek brengt aan Genk. Je zult er warm, zuiders en openhartig ontvangen worden. Jij gaat de Genkenaren beter leren en kennen en de Genkenaren jou. Het resultaat?

Door elkaar beter te leren kennen zullen we elkaar beter begrijpen en uiteindelijk ook respecteren. En dat is wat we nu meer dan ooit nodig hebben. Welkom in Genk, Elio.
Joke Quintens, Lijsttrekker PROgenk


Ingelmunster
Op tocht door Vlaanderen, beste Premier, kan je misschien ook eens stoppen in Ingelmunster. Daar waar CD&V al 65 jaar overheerst. Vroeger was mijn woondorp de vaste (...) stopplaats voor plaspauze van mijn vader, als we van mijn geboortedorp Zwevegem naar Brugge reden, om daar na een wandeling een warme wafel te eten op de hoek aan het Belfort. "La belle vie au belle vue", weet je wel !

Ingelmunster, links die wegenvuil grauwe troosteloze gevels aan het kanaal, rechts dat immense kasteel... We bleven zedig in de auto zitten en keken naar dat kasteel (...) dat wat spookachtig zichtbaar was tussen de bomen. Een pracht van een kasteel omgeven door een grote wal.

Altijd zochten we die ridder, nooit gezien. Mijn vader intussen opnieuw een boom ompissend. Nu mag je er niet meer in, eigen voor deze ego tijd ? Verder had dit doorgangsdorp voor mij niks interessants. Tenzij, wat verder richting Brugge (...) - bijna grondgebied Meulebeke - had je de grote dancing "de Tourist". Alle werknemers van Bekaert, die nu al jaren op brugpensioen gezet zijn (iedereen van Zwevegem), zijn er langs geweest. Voor Zwevegemnaren was dit een tijdlang de "must- see" (of: place to be). Nu is het vergane glorie, alhoewel... alles wat al jaren in je kast hangt komt ooit weer "in". Ook hier zie je de laatste jaren meer bedrijvigheid.

Voor mij was Ingelmunster een doorgangsgemeente met Waalse kolengrauwe gevels in de smalle Bruggestraat. Zelfs nu met de dorpskernvernieuwing ademen (...) sommige huizen (...) nog dezelfde troosteloze aanblik uit.

Nu is Ingelmunster het geboortedorp van mijn zeven kinderen. Een van mijn dochters zou je naar "den Bas" mee tronen, het plaatselijk wereldberoemd (?) jeugdhuis waar je nog gezond kan opgroeien. Of mijn zoon zou je ontvoeren naar de draaikom van het kanaal. Een prachtige, idyllische plaats achter het kasteel. Daar komen naast mijn zoon, nu ook Poolse uitgebuite werknemers hun weekend verstrooien. Ook die kunnen een vislijntje slaan, leerden we, of een barbecuetje doen naast andere Vlamingen. Integratie is hier nog geen probleem tenzij voor enkelingen, waarvoor het altijd een probleem zal zijn.

Ik zou je kunnen meenemen naar de wonderlijke gemeenteraden. Hier beleef je dat de wereldbekende plaatselijke (?) objectieve verslaggever van de enige West-Vlaamse krant je fundamentalistisch op je plaats zal zetten. Natuurlijk heeft onze burgervader gelijk als hij de privacy van onze Brigand, machtige kasteelheer zo hard staat te verdedigen en hij vergeet dat hij de burgemeester van de gemeente hoort te zijn... Maar één zaak zal je zeker nooit meer vergeten als je bij ons langskomt : Aviflora.

Heel Vlaanderen (min enkele onderontwikkelden!) is er al langs geweest. Het attractiepark dat we met onze eerste schoolreizen ontdekten. Het dierenpark waar mijn neef een eeuwigheid vastgehouden werd  door de grote gorilla van toen en pas na minutenlang zwoegen van mijn nonkel eindelijk loskwam uit de houdgreep die hem tegen de tralies plette. Enkele jaren terug kon Gaia zich hier eindelijk verzoenen met de dierenverblijven. Wij hebben de diervriendelijkste zoo ter wereld, ook zo mooi weergegeven door de plaatselijke pers. Ook deze Aviflora is aan een revival bezig. Opnieuw worden ganse busladingen van jong en oud aangevoerd voor een klein dagje vertier.

Als je één zaak kan leren  in Ingelmunster, beste premier... ?
Hoe ver je hier ook van Brusselse, Waalse, Europese, Afrikaanse, Globalistische problemen  bent, ook hier tikt de bom, zij het met rustige zelfzekerheid. Ook hier klaagt de middenmoot van de bevolking, en niet uit armoe, wel omdat ze weten dat ze gesandwicht zijn tussen arm en rijk en de politiekers  noch zijzelf er totnogtoe uit zijn om dit op te lossen.
Eens zal die bom ontmanteld moeten worden om niet te ontploffen, zelfs hier in Ingelmunster voel je het.  De Tourist, de Aviflora, en bij jou de Tri-partite, alles komt terug. Voor oorlog hebben wij geen zin hier in de Westhoek. We weten dat we daar zelf iets aan moeten doen, om dit niet te revivalen. Welkom in ons nederig dorpje, premier.

Johan Bossuyt, Ingelmunster
mailIcon print | Meer bookmarks |
Aan het laden...

Jouw gedachte?

De beste gedachten verschijnen in de krant

Aan het laden...
<spring:message code='commonMessages.loading' />