25/11/11, 08u24
Marc Hooghe, gewoon hoogleraar politieke wetenschappen aan de KU Leuven, verwacht een noodregering van politici en technocraten.
Eind oktober lanceerde de toenmalige Griekse premier Papandreou plots het idee van een referendum over het door Europa opgelegde saneringsplan. Dat was niet veel meer dan een laatste wanhoopspoging van een in het nauw gedreven regeringsleider, die niet als enige wou opdraaien voor de zware bezuinigingsronde die het Griekse volk te wachten staat.
De vlucht naar Ciergnon die we de voorbij dagen hebben gezien, heeft een beetje dezelfde kenmerken. Ook hier is het niet precies duidelijk wat de hoofdrolspelers nog hopen te bereiken, en het hele spektakel lijkt vooral bedoeld voor electoraal binnenlands gebruik. Open Vld wil niet de partij worden die de belastingen voor de hardwerkende middenklasse verhoogt, PS wil niet gedoodverfd worden als de partij die de verworvenheden van de Belgische sociale zekerheid heeft ondergraven.
In werkelijkheid is er natuurlijk niet veel keus: de volgende regering zal én de belastingen verhogen, én een aantal ingrepen uitvoeren om de activiteitsgraad van de bevolking te verhogen. Alleen lijken zowel Alexander De Croo (Open Vld) als Elio Di Rupo (PS) nog een laatste wanhoopspoging te doen om de zwartepiet door te spelen naar de overkant.
In zoverre dit een troost kan zijn: het kan altijd nog erger. In 1981 dreigden de socialistische ministers in de regering-Eyskens ronduit met een staking, en het wanbeleid van toen leidde op enkele maanden tijd tot een dramatische verhoging van het overheidstekort.
Nederlaag van democratie?Het verschil tussen toen en nu, is echter dat we nu een Europese Unie hebben die vastbesloten is de zaken deze keer niet uit de hand te laten lopen. Men stelt dat Europees keurslijf vaak voor als een nederlaag van de democratie: de politieke leiders die we democratisch verkozen hebben, moeten het gezag van een bende niet-democratisch verkozen technocraten ondergaan. Die voorstelling is al te simpel. Het schouwspel dat de afgelopen dagen werd opgevoerd tussen Brussel en Ciergnon kun je moeilijk het toppunt van democratie noemen.
Integendeel: alle mogelijke aanwijzingen duiden erop dat de bevolking er nu echt wel genoeg van heeft, of helemaal wegzinkt in onverschilligheid. Democratie wil niet zeggen dat de bevolking alleen maar een stem mag uitbrengen, en dat alles wat de verkozenen dan later doen opeens het hoogtepunt van democratisch handelen wordt. Verkozen politici maken ook fouten, en de meeste democratische systemen hebben daarom een aantal noodremprocedures om dat te beletten.
Een Grondwettelijk Hof, bijvoorbeeld, functioneert als een beperking van de almacht van de politici. De leden van een dergelijk Hof worden nooit door de bevolking verkozen, en dan zou men zich net zo goed de vraag kunnen stellen of een dergelijke gouvernement des juges wel legitiem is. Maar we aanvaarden de gerechtelijke uitspraken, omdat we nu eenmaal beseffen dat ook een democratie behoefte heeft aan een aantal elementaire spelregels.
Eenzelfde redenering gaat a fortiori op voor de Europese Unie. Meer zelfs: de Europese leiders zijn wel democratisch verkozen, elk in hun eigen land. Het feit dat er nog niet echt een eengemaakte Europese politieke en publieke ruimte is, doet weinig af van die legitimiteit. Elk van de lidstaten heeft bovendien uitvoerig de kans gekregen om al dan niet akkoord te gaan met de voorstellen voor een Europese begrotingsdiscipline. Maar in de tijd dat de bomen nog tot in de hemel leken te groeien, bestond daar blijkbaar weinig behoefte aan in de Europese hoofdsteden.
Wat we nu meemaken is dan ook niet veel meer dan de uitvoering van een democratisch genomen besluit. Het feit dat die maatregelen zich nu opeens tegen ons keren, is een onvoldoende reden om opeens de democratische legitimiteit van het besluit zelf in vraag te stellen. Wat al evenmin helpt is dat Open Vld het probeert voor te stellen alsof zij de enige partij is die de Europese aanbevelingen ernstig neemt.
Beperkte vrijheidZoals het past in de Europese staatsordening schrijft de Commissie niet voor welk beleid een land precies moet voeren. De Commissie eist enkel dat er ernstige maatregelen worden genomen om de financiële evenwichten te handhaven. De Belgische politici hebben nog altijd een beperkte vrijheid om zelf te bepalen hoe ze dat doen. Als ze niet in staat zouden blijken om dat te doen, dan geven ze niet alleen zichzelf een bewijs van verregaande onbekwaamheid, maar dan kunnen de noodzakelijke maatregelen ook op een andere manier worden opgelegd, zoals de Grieken en de Italianen al mochten ondervinden. Het gezegde dat een volk nu eenmaal de leiders heeft die het verdient, blijkt in de praktijk toch niet altijd te kloppen.
Een regering van technocraten is geen goede oplossing, omdat er daarvoor geen draagvlak is in de samenleving. Maar een noodregering van politici die vertrouwen genieten over de partijgrenzen heen, aangevuld met technocraten is er misschien wel toe in staat de nodige hervormingen door te voeren.